Jajim en Frou Frou en het open balkon

Miauw lieve allemaal, het kan niet anders of jullie hebben het ook gemerkt. Het is niet alleen lichter buiten, het wordt nu ook warmer en dat lijkt al zooo lang geleden. Door de fijnere temperaturen hebben wij een poesitieve furrandering gemaakt in ons schema en dat werd tijd ook.

Binnenkatten

Jajim: “Jullie weten vast wel van onze vorige blogs dat Frou Frou en ik binnenkatten zijn. Ik was dat de eerste 5 jaar sowieso want er was niet altijd een veilig balkon toen we nog op andere plekken woonden. Behalve op één keertje na, toen was ik wel even buiten. Heel even. Dat was toen ik nog kitten was en avontuurlijk een balans oefening op de buitenste vensterbank deed en een sprongetje naar beneden maakte. Het duurde ongeveer een halve minuut buiten tot mijn mensenbroer in zijn pyjama achter me aan rende en me terug mee naar binnen nam. Nou, na die tijd was hij extra oplettend en moest ik binnen blijven omdat ik ‘roekoeloos’ zou zijn. Nou ja, dat is toch raar? Alleen duiven zeggen roekoe. “

Frou Frou: “En toen kwam onze grote broer Willem hier wonen, hij was het buitenleven wel gewend en hij miste het. Het duurde maar een paar keer miauwen tegen de balkondeur voordat onze mensenbroer besloot dat hij wat moest gaan bouwen op het balkon; een veilig buitenfurblijf. De lente was net begonnen en Willem wilde niets liever dan in de frambozenstruik liggen, naar vogeltjes roepen en zonnen. En twee jaar later kwam ik ook hier wonen. Van het straatleven weet ik niks meer af, toen was ik heel klein. Maar die buitenluchtjes zitten nog ergens diep in mijn herinneringen furstopt. Ik wist meteen weer hoe het moest; Saame naar vogeltjes kekkeren, plantjes snoeien en zonnebaden Buiten voelt dat toch net allemaal anders dan als je binnen bent.”

Weer en wind

Saame: “En nu zijn we weer jaren verder en weten we niet beter dan dat er een balkon is. Maar het was zo koud! Daardoor zijn we nu al een hele tijd bijna niet buiten, al helemaal niet als er wit spul ligt. Alleen Willem ging in de kou en regen naar buiten, stoer als hij was. Maar wij als dames waagden ons er niet aan zonder terras- of balkonvloerfurwarming. Tot pas geleden.”

Tijd

Frou Frou: “Waarom tot pasgeleden? Nou, het is opeens tijd! Sinds een paar dagen is het steeds warmer en steeds meer vogeltjes zingen hun liedjes naar de zon en de lente-luchten. Als poes wil je dan wel naar buiten hoor, al is het maar om terug te kekkeren van ‘EKEKEK’. Dat heb ik afgelopen weekend gedaan en het lukt me nog heel goed om met de vogels te praten. De balkonplantjes zijn ook wakker aan het worden en ik heb al een paar groene sprieten bijgesnoeid en de buren gecheckt, tot mijn pootjes weer moesten opwarmen.”
Jajim: “Mijn vaste ochtendronde is dus ook zo; voerbak, naar het balkon toe om buitenwater te drinken en, net als mijn zusje, om in de gaten te houden of alles goed gaat bij de buren. Dat is dus de poesitieve furrandering want nu het warmer is kan het allemaal weer en soms schijnt zelfs al een waterig zonnetje op mijn vacht. Wat hadden we dat allebei gemist zeg, maar eindelijk wordt de natuur weer wakker.”

Furrandert jullie ochtendritueel ook met de seizoenen mee?

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksem en altijd maar snel willen zijn

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes hebben een naam. En ik natuurlijk ook. Maar waarom heet ik Bliksem? Volgens mij heb ik die naam niet voor niks gekregen. Ik ga het uitleggen.
Mijn vacht is zo zwart als de nacht zonder maan, met 2 ogen die goud oplichten alsof ze kleine zonnetjes zijn. Overdag lag ik best wel vaak in de vensterbank, alsof de wereld totaal aan mij voorbij ging. Maar dat was natuurlijk maar schijn. Want zodra er ergens een vlieg zoemde…. ZWIEP.

Supersnel

Daar schoot ik door de kamer. Stoelen werden hindernissen. De bank werd een berg. Het tapijt veranderde in een racebaan. Binnen 3 seconden zat ik bovenop mijn prooi. Trots, geconcentreerd, en een tikje verbaasd dat ik weer zo supersnel was geweest.
’s Nachts had ik een andere baan. Terwijl iedereen sliep, patrouilleerde ik door het huis. Ik controleerde de gang. Ik inspecteerde de keuken. Ik luisterde bij de voordeur. Want stel je voor dat er een onzichtbaar monstertje binnen probeerde te sluipen. Mijn mensen hoefden zich geen zorgen te maken. Ik was paraat!
Ook in de jungle was ik snel. Zwoesj en weg was ik. De wind floot om mijn oren. Ik rende over de schutting, vloog de andere tuin in, checkte daar de vijver, en was in een paar seconden weer terug. Ik hoorde iets, het geluid van een vogel. Ik keek omhoog en daar zat de ekster die ik Sjors noemde. In één flitsende beweging klom ik de boomstam op. Tikte naar Sjors, die net op tijd wegvloog, en ik was alweer beneden op de grond voordat Sjors kra kra kon zeggen.

Mijn man mens riep: Bliksem je bent echt een wonderkat. Ik spon, gaf mijn man mens een kopje en dacht: Ik ben gewoon de snelste, gewoon de snelste.
Maar hoe snel en stoer ik ook was, ik had een zwakke plek.

Spinnen

Mijn zachte dekentje.
Zodra ik het warme, pluizige dekentje zag, veranderde ik van een razendsnelle jager in een spinnende katerman. Dan rolde ik mij op tot een perfect rond bolletje, met mijn staart netjes om mij heen geslagen. Mijn ogen vielen half dicht, en je hoorde alleen nog een tevreden prrrr prrrr prrrr.
En als iemand dan zachtjes mijn naam fluisterde? Dan opende ik één oog. Alleen om te checken of er misschien…. Snacks in de buurt waren.
Want hoe snel ik ook was. Het snelst van alles was ik bij het geluid van het openen van een zakje kattenbrokjes.
Met een beetje snelheid, en slimheid, is geen enkel probleem te groot!
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

Belle lag weer heerlijk op de bank

Hoi hoi liefe frientjes van de Feesboek,
Het is hoog tijd foor een nieuwe blog. Frouwtje zeg dat het fandaag een biesondere datum is, met heel feel 2 er in, 22-02-2026. Daar snap ik niks van en wil er ook niks van snappen, ik hep er niks aan.

Dekbed

Ik zie wel buiten dat het grijs is, het reegent en het stormt. Fanagt had frouwtje het raam een stukkie oope in de slaapkaamer. Nou, foor mij is dat geen doen hoor om dan bij haar op bed te slaape met keiharde wind en een raam oope. Ik ben lekker in de huiskamer op de bank gaan ligge, daar is de warrume teddiepleet. Toen ze opstond fanmorruge ze zei, sorry hoor Belle maar ik moet s’nachts frisse lucht hebbe ook al waait het. Ze snap nie dat ik het dan wel koud hep, zij lig onder een dikke dekbed met ook nog een wolle deeke erop. Je zie geeneens haar hoofd, die is ook onder het dekbed.

Kadoo

Wat een winter hebbe we he? Fan de week lag er ook nog sneeuw en lijkt het foorjaar steeds ferder weg. Frouwtje zeg Belle, als het zo koud blijf haale we nog meer foorjaarsbloeme in huis. We hebbe hiejaasinten, en frouwtje kwam ook fan de week met narsissen thuis . Als het zo grijs buiten is Belle dan doen we gele foorjaarsbloeme in huis haale, daar wor je froluk fan!
Nou, we hebbe de Faalentijnsdag gehad. Ik hoop dat het foor jullie een fijne dag is geweest. Hebbe jullie nog wat gekrege fan je frouwtje of baasje? Een kaado misschien of lekkere snekkies? Ik kreeg iets stoms, dacht eggie waar wat moet ik daar nou mee?

Feilig

Jullie weete ik ben te dik zeg ze, en ik moet afvalle en treene. Nu heb ik eige merruk Belle brokkies die ik errug lekker fin. Maar ja dat treene, ik lig gewoon graag lekker op de bank! Ik wil geen tuin en het balkon hier kan me ook niks scheele. Ik ben gewoon een binne Belle. Een groot huis om te renne wil ik nie. Ik wil alleen maar feiligheid in een fijn klein huisje, en dat hep ik hier. Dus dat harde renne dat hoef ik helemaal nie, ik ben gewoon rustug.Maar ik kreeg dus die kauwstok, er zit touw omheen en er zit een geur aan. Katten zijn daar heelem aal gek op Belle zeg frouwtje, je kan het in de lugt gooie en dan weer opfange en je kan er mee swiepe op het laamienaat.
Nou liefe frientjes, ik zal jullie zegge, die kauwstok stinkt en ik moet er niks fan hebbe, eg nie. Dat stomme ding lig hier nu al een week, ik hep geseg frouwtje, haal het asieblief weg, straks fal je er zelluf nog oofer! Ik ben gewoon een tefreede poes en ik hoef nie zofeel ! Laat maar eefe ligge die kauwstok Belle zei frouwtje, je moet misschien eefe wenne, met jou weet je het nooit.
Nou, ik ben toch eg heel duideluk in wat ik wel en nie wil. Toen kwam ze met een doos aan. Doozen fin ik altijd wel leuk, er zit papier in wat knispert en zo. Ze riep kijk eens een waaterfontein! Nou, die hep ik al een keer gehad dacht ik, maar ik dee er niks mee. Dat stomme ding dee alleen maar bubbel de bubbel, het stelde niks foor en het maakte ook nog een rot geluid. Ze heeft die toen naar de dierenambulance gebracht en waren ze er blij mee.
Nee Belle, dit is een andere waaterfonein zei ze, er zit een egt kraantje op waar waater uit komp. Ze dee het ding in de gang zette naast mijn voerbak en stak haar vinger onder het kraantje. Het leek mij toch wel leuk en een beetje spannend ook. Ik rook aan het water en nog een keer. En toen ineens dee ik mijn poot onder het kraantje en likte ik het waater op. Ik fin deze waaterfontein eg leuk en ik hep zellufs al een keer mijn tong onder het kraantje gehouwe. Dus liefe frientjes, ik heb de waaterfontein geaksepteert en ik fon het een heel leuk Faalentijnskadoo, hier hep ik eg wat aan.

Bijkoome

Frouwtje hep aan haar zelluf ook een Faalentijnskaado gegeefe, een grote waaterfilter. Het is een ding van glas op pootjes en er zit ook een kraantje aan. Frouwtje is fan meening dat zuiver waater belangerijk is voor de gezond. Ik fin, ze zorrug goed foor mij en furrgeet zichzelluf ook nie.
Oo een dag stonde we op en zei ze, Belle ik ben fandaag jaarug. Jij krijg je faavoriete ontbijt en nog wat lekkere brokjes en snekkies, dat hoort bij een furrjaardag. Er komp geen fiesiete hoor Belle, er gaat fandaag niemand keihard bellen, want ik ga mijn furrjaardag fiere buiten de deur, en hep jij je rust. Ik ben een makkeluke poes, een poosje alleen thuis kan ik heel goed hebbe.
Nou ze kwam halluf furrwege de middag binnenstormen met een grote bos met tullupe. Kijk eens Belle wat ik hep gehad, ik ga de mooie bloeme gelijk in een vaas zetten. Ik heb ook nog een mooie sjaal gekreege zei ze, en ik kijke. Misschien was dat een lekkere sjaal voor mij om op te ligge, maar nee ze dee die sjaal opbergen in de kast. Zo Belle, ik ga eefe bijkoome hoor. Ze ging furrtelle dat ze met vrienden koffie had gedronken en taartjes had gegeete in een huisje op het strand. Daarna zijn ze nog gaan loope langs de zee, maar stond er feel kouwe wind. Toen ginge ze weer opwarrume in het strandhuisje en gingen ze soep en brood eete. Mij frouwtje kan furtelle hoor, dan doe je oore klappere. Ze zei nu ga ik weer weg Belle, ik ga nog koffie drinken met een buurfrouw van de flat in het winkelcentrum, maar ik ben op tijd thuis hoor. Ik ging weer lekker languit dutjes doen, maar op een gegeven moment kreeg ik honger en dacht, er doet iets niet kloppe.

Eete

Wij hebbe een koekoeksklok in huis. Ik fin het een rotklok, hij maak feel herrie. Elk half uur komp die foogel naar buite, maar ik kan hem nooit pakke. Ik weet precies als die foogul 5 x koekoek zeg, dat ik mijn afondeete krijg.
Maar nu was het anders, want frouwtje was nog nie thuis, en de auwtomaatiese voerbak die stond er ook nie. Ik moes dus wachten tot ze thuis kwam.
Het duurde nie so lang hoor, maar ze was wel een halluf uur te laat, om halluf 6 pas. Ik hoorde de foogul 1x koekoek schreeuwe en dan weet ik dat het presies na 5 keer koekoek schreeuwe, het halluf 6 is. Op die koekoeksklok hep ik gestudeert, dus ik weet nu presies hoe laat het is, en wanneer ik wat eete krijg. Het afond eete was lekker en we gingen allebei op de bank ligge.
Toen ging frouwtje furrtelle oofer fanmiddag en dat ze nog meer taartjes had gegeete met de buurfrouw in het winkelcentrum. En dat die buurfrouw nie bij ons thuis durruf te koome, zij is nameluk bang foor katten. Nou, daar ben ik heel blij mee, want ik hou eg niet van viesiete, weg ermee.

Wat hep ik weer een hoop meegemaak he ? Ik hoop dat jullie het allemaal goed maake. Mij frouwtje zeg dat fan de week de temperatuuren omhoog gaan, dat het foorjaar ga worden en de zon komp, geniet er maar fan hoor !
Een dikke knuf van,
Belle

Japie heeft kattastisch meows

‘Nee, hè, Japie, ik heb net gedweild’, kreunt ze als ik door het luik de keuken binnen dender en slippend bij m’n voerbak tot stilstand kom. Verbouwereerd kijk ik omhoog. Niet omdat ze me een standje geeft, maar omdat er niks nada noppes niente in dat bakje zit. Hoe kan dat, wil ik weten.

Haar ogen spreken boekdelen, al weet ik niet zo goed of ze zo boos kijkt, omdat ik net een enorm modderspoor achter me heb gelaten of… Lang laat ze me niet in twijfel. ‘Als ik me niet vergis, heb ik je vannacht met een piepbeest thuis horen komen?!’ Het is niet echt een vraag, meer een constatering. ‘Dat was maar een voorgerechtje,’ protesteer ik, ‘hooguit een amuise. Dat telt niet mee.’ Mijn mens is niet gevoelig voor mijn argumenten. Als toetje mag ik de afwas doen. Katzijdank hebben mijn broer en tante genoeg voor me laten staan. Anders had ik wel eens een appelflauwte kunnen krijgen.

Tijd voor bissniss

Met een toch nog gevulde buik poets ik mijn snorharen tot ze glimmen. Een purrfecte gelegenheid om terug te denken aan dat ene moment. Dat mijn urenlange wachten in weer en wind werd beloond. Gewoon muisstil blijven liggen, totdat ze zelf honger krijgen. Het is zaak om niet meteen toe te slaan als het friemelende snuitje met de nieuwsgierige kraaloogjes en frêle snorhaartjes uit het holletje piept. Als je maag nog niet rammelt, krijg je spontaan trek bij het zien van dat goddelijke schepsel. Nee, het vraagt om uiterste zelfbeheersing om je poot pas op het schubbige staartje te zetten alsie er helemaal uit is.
Terwijl ik er zo over nadenk, doorstroomt me een gelukzalig gevoel van kop tot staart. Nu weet ik het zeker. Het is tijd om mijn bissniss serieuzer aan te gaan pakken. Na de eerdere vrije val is Muisbezorgd de winterdip meer dan goed te boven gekomen. Ik kan van alles miauwen over m’n tante, dat ze streng is enzo, maar ondertussen deed ze wel onderzoek naar hoe het zit met een website. Alle voors en tegens heeft ze afgewogen. En de brok is doorgehakt! Tante Cato heeft haar poottekening gezet onder een contract met iemand die alle voorzieningen treft om een eigen website de lucht in te krijgen. Ja, ja, jullie lezen het goed. Muisbezorgd krijgt een heuse internetsite. Is dat geen kattastisch meows?!

Geduld

Jullie moeten je meowsgierigheid nog wel heel eventjes bedwingen. De hulptroepen die er meer kaas van hebben gegeten dan alle muizen in Joeps weiland bij elkaar, hebben me verteld dat er wat technische puntjes op de ie gezet moeten worden. Maar het komt allemaal goed. Na iedere update word ik steeds enthousiaster. Er komt een online a-CAT-emy, zodat jullie vanuit je warme mand les kunnen volgen. Verder een deliKATesserubriek, een vaKATurepagina en nog meer. Het liefst zou ik nu keihard willen miauwen ‘hou de socials in de gaten’ alleen doen we daar al een tijdje niet meer aan. Daarom hoop ik dat jullie tegen die tijd veel bek-tot-bekreclame willen maken om Muisbezorgd nog meer op de kaart te zetten.
Voor degenen die al een kijkje willen nemen, via de grote googeldoos is mijn site nog niet te vinden. Wel als je in de adresbalk de naam van mijn bedrijf intikt, daar een puntje achter zet, gevolgd door nl. Je zult zien dat de technische ploeg ermee bezig is, terwijl ik mijn poten vol heb aan waar het allemaal om draait: muizen vangen.

Koppie van Japie

Kever heeft een mening over de geur in de lucht

Ook al is het soms nog best kaud, (en heb ik zelfs weer witte flokken gehad!), toch foel ik dat de lente in de buurt is, ik ruik het in de lucht, het is een frisse geur van groen en jong en bloempjes, alle dieren ruiken het en weeten: het is zofer, de lente komt er aan!

Planten en bloemen weeten het ook, hoe dat kan snap ik niet en toch is het zo, in mijn tuin zie ik al allemaal groene dingetjes boofen de grond komen, het zijn blaadjes die uit bolletjes komen die onder de grond zitten, ik had al een keer geschreefen dat een bol eigenlijk hetzelfde is als een ei van vogels, en zo is het presies, in de bolletjes zit eeten voor een beebieplantje om te kunnen groeien, en nu steeken de neusjes van de beebieblaadjes al boofen de grond uit.

Kroo-kusjes

Aan de struiken en boomen zitten kleine groene dingetjes, dat zijn blaadjes die nog helemaal opgefrummeld zijn, maar elke dag zijn ze weer iets grooter gegroeid en fauwen ze zich een beetje meer oopen, net zo lang tot ze een folwassen blad zijn geworden, er bloeien ook al bloempjes, het zijn de eerste bloempjes in mijn tuin na de winter, ze heeten kroo-kusjes en ze zijn paars, elk jaar als ik ze zie weet ik dat het nau ECHT lente gaat worden.

Toen ik hier kwam woonen wist ik dat allemaal nog niet, ik wist helemaal niets van planten en bloemen af, maar hier in mijn tuin heb ik alles geleerd, Bolle heeft me geholpen want ik kon oferal nog ruiken dat hij er had geloopen en daardoor wist ik waar ik moest zijn, hij had in alle stammen van de struiken gekrabd en met zijn naagels geschreefen wat ik moest doen om zijn landgoed bij te hauden, en zo gaf Bolle zijn tuin aan mij door.

Inmiddels ken ik elke plant die in mijn tuin woont, ik ken alle beestjes die er rond loopen of kruipen of fliegen, ik weet hoe mijn tuin er uit ziet in de zomer en ook als er witte flokken liggen, ik weet hoe mijn tuin klinkt in de nacht en hoe hij klinkt in de folle zon, ik weet hoe mijn tuin aanfoelt als mijn gras warm en zacht is en ook als mijn gras bijna weg is, mijn tuin is mijn huis geworden maar dan buiten, ik foel me er feilig en ik weet dat ik dat ook ben.

Kennis

Ik heb nieuwe kennis opgedaan die eigenlijk heel aud is: het is de kennis van de natuur, en die kan je alleen leeren als je goed oplet en geduld hebt, als je foorzichtig bent en goed voor je tuin zorgt, dus dat doe ik allemaal.

Mijn mensen zijn trots op me en finden dat ik het geweldig doe, alleen lukt het mij folgens mijn vrouw niet altijd om foorzichtig te zijn, nau ja!!, ik let altijd keigoed op waar ik loop!, mijn vrouw zegt dat ze dat weet, maar dat het wel eens faut gaat als ik naar mijn twalet ga, dat ik dan dingen uitgraaf en kapoo maak, zoals die kroo-kusjes, dat is wel een beetje waar maar waarom gaan die dan ook presies naast mijn twalet groeien?!

***

Elke dag sta ik in mijn tuin en tetter keihard voor vreede!
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.