Minnie en wat ze hoorde ofer vakansie

vakansieHet was de dag met de zon erin. Ikke lag bij Frau op schoot. Saame keken we teevee. Er was weer zo’n film op oofer de ruimte. Dat find ze leuk. Mij maakt het niet zo uit wat er op de telefiesie is. Als ik maar lekker bij Frau op schoot kan liggen.
Als ik op schoot klim dan draai ik eerst een paar rondjes. Ik strek m’n foorpootjes een beetje. En als ik dan lekker lig dan leg ik mijn koppie neer. Jaha ff op schoot gaan liggen daar komt nog heel wat bij kijken.

Knus

Maar goed waar was ik. Oh ja we lagen saame knus te doen. Miauw mauwde ik. Fijn isse dit he. Ikke zou dit iedere dag wel willen doen. Frau aaide me oofer mijn koppie. Nou Minnie de komende drie weken kunnen wij ook dit iedere dag gaan doen.
Ze furrtelde dat ze vakansie heeft de koomende paar weken. Eefe geen brokjes furrdienen. Eerst ging ik keihard spinnen! Oeh soo fijn elke dag kroelen en knuffelen. Enne de hele dag om noepies bedelen hihi.

Vakansie

vakansieEn toen bedacht ik me iets. Kan je als poes zijnde ook vakansie hebben? Dat ikke bijfoorbeeld ff geen fensterbank kontroole doe. Offe ff niet de waakkat uithang. Gewoon lekker de hele dag tsjillen en uitrekken en slaape. Frau krabbelde me agter mijn oortje. Liefe Minnie jij mag ook fakansie hebben hoor. Als ik ook de hele dag hier ben dan is het huis fast wel feilig. En mensenopa komt ook nog een paar keer langs.
Nou toen ik dat hoorde ging ik me eens lekker opkrullen op haar schoot. Miauw! Ik was bijna lekker in slaap gesoeseld en toen gebeurde het. Ik hoorde haar praate aan de telefoon. Hoorde ik dat nou goed? Ik spitste mij oortjes ekstra goed. Ja hoor ze zij het echt! Ikke krijg binnenkort mijn APKat. Oh nee red me! Fijftien augustus is het soofer. Ikke weet niet oofer hoefeel donkers dat is. Dat moet ikke nog ff uitrekenen.
Kijk ik find het natuurlijk wel heel lief dat ze me elk jaar wil laten tsjekuppen. Maar dat kan dus nooit met kijken alleen. Witjas moet dan ook aan me zitten en aan me foelen. En de grootste horror is die prik. Ze lokken je met een noepie. Leide je af en au dan ineens zo’n naald in je fel.
Ik heb wel eens naar die witjas gemauwd hoor hoe zij het zou finden om zo’n naald in je fel te krijgen. Daar kreeg ik dus mooi geen antwoord op. Ze lachte alleen maar. Toen ging ik maar wat grommem en blazen. Helaas heb ik dus een witjas die daar niet van onder de indruk is.
Dus bij deese de oproep! Wie komt er mij redden zodat ik deze keer die stomme prik niet krijg? Als teege prestasie zal ik jou ook hellepe als jij besoek krijgt van de witte jas of er heen moet. Wat wij dieren onder elkaar hellepe mekaar niet waar.

vakansieTukkie

Nou ikke ben weer aan het einde fan mijn blog gekomen. De follegende keer zal ik mauwen oofer hoe het met de witte jas is afgeloope. Dan ga ik nou ff een lekker uitgebreid tukkie doen.

Dit was het weer foor deese keer. Doen jullie allemaal nog steeds mee tetteren foor freede? Alles iedereen het doet dan hellept dat fast!

Poot, Minnie

Japie heeft Biester weer

Biester weer

Biester weer meowt mijn tante Luna het. Snertweer zegt mijn mens. Die kleine keffer van de hoek noemt het hondenweer. Iets klopt niet aan die benaming, want zijn mens moet hem door de stromende regen meesleuren om ergens zijn poot op te tillen. Niet dat het veel uitmaakt hij kan het net zo goed gelijk laten lopen. Zijn bolle buik hangt toch al in de nattigheid. Dat is een nadeel van korte pootjes. Ik hou het op takkenweer. Want…(tromgeroffel… niemand wil met dit zomerse herfstweer mijn boom in. Hoera!

Feest

Striemende regen tegen de ramen. Takken die woest heen en weer zwiepen. Voor de meesten onder ons reden om dieper weg te kruipen onder de dekens. Of zich op te vouwen in een mand. Ik niet. Regen is mijn favoriete weer. Niets is fijner dan stampen in de plassen. En rollebollen over de natte stoeptegels. Wacht even, nog fijner is het om daarna thuis te komen. Netjes als ik ben, schud ik eerst mijn modderige vacht uit in keuken tegen de ooit zo witte deurtjes. Daarna ren ik met zompige poten de trap op naar boven, spring met een plof op het grote bed en doe dan met druipende snorharen neusie neusie met mijn slapende mens. Voor ze doorheeft wat er gebeurt, lig ik al onder het dekbed met mijn natte jas dicht tegen haar aan. Miauw nou zelf, dat is toch feest!?

Doei krakers

Terwijl iedereen moppert op het onstuimige weer voel ik me in mijn poesitieve nopjes. Een vluchtige blik door het kattenluik leert me dat er niemand in de tuin is. Met mijn kop duw ik het luik omhoog. Even nog ben ik beschut tegen de stortbui. Dan stap ik vol goeie moed naar buiten, de stromende regen in. Eerst check ik of CW of De Rossige zich niet stiekem in de schuur verschanst hebben. Geen spoor van die twee. Nu kan ik op mijn gemak mijn boom inspecteren. Het rijkelijk gevallen hemelwater heeft hun geursporen grotendeels uitgewist. Dat geeft goeie moed. Ik zet mijn klauwen in de stam en krabbel of mijn leven ervan af hangt. Eerlijk gemiauwd doet het dat ook. Want de boom is mijn leven. Het is niet voor niks mìjn boom. Poot voor poot klauter ik omhoog. Mijn vlijmscherpe stiletto’s zorgen ervoor dat ik stevig op de stam kan blijven. Hoe hoger ik kom, hoe droger het wordt. Als ik boven ben, breekt de zon door. Mijn dag kan niet meer stuk. De krakers hebben het nakijken. Wat voor het weer het ook is, ik ben er weer!
Koppie van Japie

Kever heeft een mening over hulpkater zijn

hulpkater Als huiskater of huispoes heb je het altijd heel druk, daar vergissen mensen zich wel eens in, die denken dat katten de hele dag liggen te slapen maar dat is echt niet zo, ik ben zelf Tuinkater Kever omdat ik de tuin ferzorg, ferder ben ik ook Muziekkater Kever omdat ik spieraal speel, en sinds een tijdje ben ik óók nog hulpkater Kever.

Hulpkater

Ik ben hulpkater geworden omdat mijn man nu met die stokken loopt en heel veel dingen niet zelf kan, mijn vrouw helpt hem en ik help dan weer mijn vrouw, zo zit het, het is best moeilijk en ook ferantwoordelijk werk, maar ik kan dat, ik deel de hele dag door knuffels en kopjes uit, fooral aan mijn vrouw en natuurlijk ook aan mijn man, als hij maar niet die stokken heeft.

Stokken

Die stokken find ik nog steeds moeilijk, ik fertrauw ze niet, zelfs niet als ze ergens stil staan te staan of liggen te liggen, veel vrienden zeiden tegen me dat ik er vast wel aan ga wennen, maar mijn mensen en ik denken van niet, want ik ben al sinds ik hier woon bang voor de wasmasjien, ook als hij uit is, ik loop er altijd ekstrasnel langs en kijk goed of het feilig is, als de masjien aan is toeter ik naar mijn mensen dat ze er bij moeten komen staan, anders durf ik er niet foorbij te lopen, de wasmasjien heeft mij nog nooit iets gedaan maar dat kan natuurlijk zomaar ineens veranderen, dus ik blijf foorsichtig.

hulpkaterHelpen

Ik kom altijd snel naar mijn man toe om met hem te knuffelen als hij ergens zit of ligt of staat zonder dat die stokken bewegen, dat heeft hij nodig om weer goed gesond te worden en daar ben ik tenslotte hulpkater voor!, als mijn mensen slapen maak ik ze een paar keer wakker door spieraal te spelen, dan kan ik meteen tsjekken of alles met ze in orde is, soms heb ik ineens het gefoel dat ik meer moet doen, dan ga ik rennen en toeteren en in de gordijnen hangen, Om twee uur in de nacht hè Keef? roept mijn vrouw, ja dat is zo, maar ik doe dat als ik denk dat mijn vrouw een beetje ekstra hulp nodig heeft, dan gaan we efentjes spelen zodat ze zich weer frolijker foelt.

Druk

En het werkt!, mijn mijn mensen zeggen de laatste tijd vaak dat ik hun eigen klienieklaun ben, ik maak mijn mensen altijd aan het lachen, ze zeggen dingen als Wat zauden we zonder jau moeten Keef, ja dat zau ik ook niet weten, ik ben er maar druk mee.

Ik tetter ook als hulpkater gewoon door voor vreede!!

Bram hoorde ‘piep piep’ ‘piep piep piep’

piepLieve allemaal, in mijn vorige blog was ik fergeete te zeggen dat ik kei tros ben op onze bloggers Loesje, Dorus en Oopa. Zij heb zo’n mooie vakazieblog gemaakt en alles gedeeld met ons. En de afterpartie was kei mooi en ik zag allemaal kei mooie fotos. Van mij mag je altijd zo mooie blog maken met z’n alle.

Doos

Omdat ik jarig ben geweest kreeg ik keiveel kadoos van iedereen en ook kaartjes. Nou kwam er met de duif een heuse grote doos. Het is een doos van mijn Kevermans en zijn mensen. Zoals je weet moet ik alles zien wat binnen komt en wil ik gewoon alles meemaken. Maar nou was er iets. Ik rook mijn faavooriete bekende geur. Het is geen kip dit keer maar wiew. Wiew herken ik oferal maar dat komt omdat mijn vrouw altijd die zakjes voor andere poese en katers maakte. Ik vind wiew altijd lekker en ik kan ook altijd wiewen. Daar zit niks aan vast. Je geeft mij wiew en ik ga gewoon los. Dat gebeurt vanzelf en ik vind het lekker. Maar dat was het niet. De doos stond in de kamer op de grond en ik wilde erheen lopen want dat doe ik altijd. Ik ben nieuwsgierig.

piepPiep

Ineens uit het niets hoorde ik: ‘piep piep’ ‘piep piep piep’. Nou ik kan je zeggen dat ik heel vlug ineens eefe achter de bank stond en niet bij de doos. Mijn lijf en mijn kop wisten eefe niet waar ik heen moest. ‘Piep piep’ ging het weer. Vrouw? Waar ben je? Er is iets engs! Van achter de bank deed ik heel stiekem en foorzichtig kijken waar de piep vandaan kwam. Ik hoorde mijn vrouw zeggen ‘held op sokken’. Bedoel je mij? Ik heb geen sokken dus ik denk van niet. Ik was kei nieuwsgierig en ik wilde kijken wat het was maar mijn billen en achterpoten bleven hangen. Ze deden gewoon niet mee. Mijn voorpote wilde wel maar die stonden daar te staan omdat de rest niet mee wou.

Enge dinge

Kom op Brammie, je kan dit. Je hebt vaker enge dinge gezien. Toen mijn billen zoiets hadden van ‘ok we kunnen weer’ deed ik een poging om met mijn voorpoot voorruit te gaan. Mijn linker poot eerst en daarna mijn rechter. Nu was ik een halve stap dichterbij. Mijn zusje Mila was er al maar die zei niks tegen mij. Ineens kwam er weer ‘Piep piep piep’! In mijn agtste versnelling gingen mijn billen en achterpoote met volle vaart in z’n achteruit. Zo snel dat mijn billen gewoon mee floge. Mijn voorpote waren ineens bij mijn achterpoote. En ik weet niet hoe dat kan. Maar nee, dit gaat het hem niet worden. Oh nee, echt niet. Dees keer wil ik niet weten wat het er in de doos zit. Nou vrouw, als dit een straf is omdat ik altijd nieuwsgierig ben, petje af hoor heel kreejatief! Mijn binnenste trilt nog een beetje en mijn lijf denkt hetzelfde. Gewoon niet naar de doos. Laat Mila dat maar doen.

Kip

Toen rook ik een lekkere geur. Het is niet de wiew maar kipgeur! Ik hou van kipsmaak. Ik als boegondiese braabantse kater, ik wil altijd eete en zeker kip. Maar de kip was bij de doos. Dat vind ik kei gemeen. Eerst word ik kei bang van de piep en nou is er ineens kipgeur. Ik moet gewoon de kip hebben. Ik weet al wat het is. Het is kip met saus zonder spikkels van Kever. Hij weet dat dit mijn faavooriet is. Dank je wel Kever! Mijn bek loopt vol met water en ik smak al bijna de kip naar binnen. Maar hoe kom ik daar. Bram, eefe je kop gebruike. Je gaat er heen, smakt de kip op en dan maake dat je weg komt. Ja zo ga ik het doen! In mijn dapperste bui stap ik foorzichtig naar de doos met kipgeur. Ik hoor geen piep dus dat is goed. Ik loop nog een beetje verder en ik hoor nog steeds geen piep geluid. Ik ben bijna bij de doos en nou weet ik het zeker. De piep is weg. Ik krijg een bakje met saus en kip en ik smak het lekker weg. Toen haalde mijn vrouw de doos weg.

piepMuis

Daar! Daar ligt het!! Daar is dat piep ding. Het doet niks. Is het nou dood? Goed gedaan Mila. Nou durf ik te gaan kijken. Ik stop met eete en ik loop er heen. Heel eefe doet het niks. Dan begint het te beweege en piept het. Maar nou ben ik niet bang. Ik heb dappersoep gegeete en ineens doet mijn poot iets raars. Hij gaat vanzelf naar voren en BAM! Hij slaat zo de muis neer! Ik vind jou geen leuke speelmuis. Ik dacht dat jij kei echt was en nou is dat niet zo. En ik was kei geschrokken. Ik ga eerst mijn kippensoep op eete en dan weet ik niet of jou nog leuk vind. Mila was ook boos denk ik want die doet katrate of karate of zoies. Die is soms ook eng.

Spullen

Mijn vrouw tilde me daarna op om te laten zien wat er allemaal in de doos zat. Er was een krabding en lekker eten. Gewone speeltjes en nog wat liefe spulletjes voor mijn vrouw. Dank je wel liefe Kevermans en mensen voor dees mooie doos vol met spullen. Ik geef jullie keiveel kopjes terug. En voor iedereen die kopjes wil, ik geef ze ook aan jullie. Fanavond is het weer swaaie naar de sterren en tetter ik mee voor freede overal.

Wat ik in de badkamer te doen heb

badkamerIk kom haast nooit in de badkamer echt niet, maar deze week ben ik er elke ochtend en zeker weete elke afond want er is daar iets waar ik bij wil zijn.
Er komt water op de grond.

Badkamer

Hoe het kan dat ik naar de badkamer ging weet ik niet meer. Opeens zat het in mijn kop dat ik er water wilde drinken dus ik ging eerst in de keuken staan.
“Wat wil je, Bertje?” vroeg mijn vrouw en ze keek me aan.
Dus ik loop naar de deur van de badkamer.
Die deed ze open. Ik naar binnen, zij ook, en toen keek ik naar de kraan daar en toen wist ze het weer. Ze legde de kraan op de teegels en maakte dat er water uit kwam.
Lekker, water. Ik drinken.
Het was heel snel op en toen maakte mijn vrouw nieuw water.
Daarna ging ik weer naar de huiskamer en zij ging weer naar de keuken.

Donker

En nou doe ik dat dus steeds elke afond. Als ze naar de keuken gaat om eete te maken of dat ze zelf naar de badkamer gaat als het laat is, ik ga ook en dan wil ik water van de teegels.
Het smaakt toch anders dan uit mijn waterschaal. Misschien omdat er ander licht is, het is er best donker dat is spannend.

Oer

Vroeger toen ik nog op straat moest leefe, toen dronk ik graag rijp water. Dat is water dat er al eefe ligt. Het is oer, het is natuur, het doet iets met je. Nou heb ik de hele tijd vers water dat is beter foor mijn gezond maar als katerman wil je weleens wat anders.
Een fonteintje durf ik niet. Dat geluid, nee. Op het aanrecht spring ik niet dat is te hoog, ik find het grieselig. Maar water uit de badkamer dat kan ik wel. Ik zie waar het ligt, ik snap het, en toch is het oer, dus het is een feilig afontuur en daar hou ik het meeste van.