In de taxi van het asiel naar huis stelde ik me het nieuwe samenwonen met deze jonge kater Bert heerlijk voor. We zouden elkaar goed begrijpen, elke dag knuffelen en ruimte laten om katerdingen te doen en mensendingen te doen, en dat ging dan vanzelf, zo zou het gaan, ik wist het zeker.
Realiteit
De realiteit was anders. Het begon er al mee dat ik Bert misprijzend in zijn bak zag kijken. Daar lag iets in dat hem niet aanstond. Hij keek naar mij, dan in zijn bak, dan naar mij.
Ik belde het asiel en hoorde dat hij houtkorrels gewend was. Twee uur later kon Bert naar genoegen van zijn bak gebruik maken.
Het was iets kleins misschien, maar het maakte wel meteen duidelijk dat we elkaar nog moesten leren kennen. Hoe we waren. Hoe we samen waren. Of dat lukte.
Hij keek naar mij om te zien hoe doet ze. En zo keek ik naar hem. Ik hield een logboek bij zodat ik mijn indrukken bij elkaar hield. Op 4 juni 2015, de dag na aankomst, schreef ik na
een sombere vaststelling: “nog niet geknuffeld” het volgende:
2020uur sprong op schoot na lang lief praten van mij, schrok ervan en sprong meteen weg om op het tapijt te gaan liggen. Ik mocht erbij. Bert doet dus aan nabijheid.
2045uur zit op de bank nu op kussen en daaronder fleecedeken. Kijkt rond en ziet eruit of hij alles overdenkt.
2103uur gaat nu beetje liggen in slaaphouding.
De vooruitgang is: een fijn plekje op de bank en lang beneden.
2112uur wast zich
Spelen
Dag in, dag uit noteerde ik wat er gebeurde. Zo weet ik dat we al in de eerste week met spelen begonnen. Op zijn asielboekje stond immers ‘Erg onzeker’. Daarom dacht ik, hij heeft zekerheid en vertrouwen nodig, door de gang van zaken te kennen, door te weten waar hij op kan rekenen, door mij te leren kennen en door te ervaren dat hij ook wat te zeggen heeft: grenzen en wensen. En ook om te leren hoe we kunnen aaien. Dat ging niet vanzelf. Hij wilde het wel en dan weer niet, ik wilde het graag en als hij zijn kop wegdraaide, voelde ik me afgewezen. Ik dacht, hij vindt me niet aardig.
Muis
Bij het lintje kwam een ander spelletje en dat was muis onder de lap. Men neme een muis aan een lang lint, die op het tapijt leggen. Dan daarover een laken, of een deel ervn, vrij strak draperen, zodat de muis onder die lap een kleine bult is.
“Wacht even Bert.”
Kater aan de ene zijde.
Vrouw aan de andere zijde.
“We beginnen.”
Dan bewoog ik de muis langzaam. Bert spande zijn spieren. Weer bewegen. Bert sprong, frommelde de lap tussen zijn poten, rolde ermee en lag dan na te hijgen.
“Je hebt gewonnen!”
Tweede ronde. En de derde. En meer. Soms erna even met het lintje, als een soort afbouw.
Thuis
Geleidelijk lukte het aaien ook beter, ik snapte beter wat hij wilde en hij voelde zich geruster als ik aan zijn vacht friemelde. Alleen zijn buik aanraken was streng verboden. Daar bleef ik dus af. Zo verliepen de eerste weken. En achteraf zie ik, hoe we alletwee naar hetzelfde verlangden, dat wat we eigenlijk al hadden, bij elkaar willen zijn, elkaar aardig vinden, het samen gezellig hebben, voelen dat we dankzij elkaar een thuis hadden.
Lieve allemaal, wat is het toch zo heel erg fijn dat we weer allemaal woordjes maken. Alles is zo heel emoo deze weeke. Iedereen deelt weer zijn of haar ferhaal nadat onze Bert een ster werd.
Nou weet ik niet precies hoe het zit met Ollie en zijn snekken maar ik kreeg zo heel erg trek van de pastasaus dat ik om een likwit snek heb gezeurd. En die kreeg ik. Ik denk dat jij ,Ollie, er geen moeite mee hebt om om sneks te vragen.
twee euromunt kom je echt al heel erg ver. Ik vind nog steeds dat er veel meer in zo’n zakje mag maar mijn ooma vind van niet. Die zegt dat ik zo heel erg veel doet snoepen. Ik denk wel aan een mooie leefewerk en daar hoort bij dat je gezond en ferstandig eet en snoept en dat doe ik.
Miauw! Ikke kreeg een meel (nou ja ok Frau) van mevrouw Ollie dat ze een nieuwe blog ging beginnen genaamd Saame en of ik ook weer oofer mijn leven wilde gaan miauwen. Ja natuurlijk wilde ik dat. Daar hoefde ik niet lang oofer na te denken.
Oortje
Hoi lieve allemaal, hier ben ik weer op de blog! Omdat onze liefste vriend Bert een ster geworden is, zijn we een poosje niet op de blog geweest en dat snappen we ook heel goed dat het hoofd van mevrouw Bert daar helemaal niet naar stond toen.
want als een huis een tuin heeft, dan moet je die natuurlijk ook verkennen. Die hoort erbij en ik blijf een ware verkenner. We zijn verhuisd naar het oosten, naar Duitsland. Daarvoor hebben mensen een paspoort maar wij als dieren ook hoor. De mensen praten hier anders maar dat is niet erg. Ik denk dat alle andere katten die er wonen ook gewoon miauw roepen. Misschien met een Duitse tongval maar dat geeft niet. Met snacks in de poot maak je immers ook hier snel vrienden. Omdat al onze krullievriendjes ook in Duitsland wonen, noemen we dit land nu Krullieland.
O nee, wacht even. We moesten een brug over en het water was heel diep en dat vond ik wel interessant, toen was ik even stil. Maar niet voor lang. We mochten in het nieuwe huis naar zolder, daar stonden bakken klaar, lekker eten en water en we kregen een snack. Er staan ook nog allemaal spulletjes van ons zoals mandjes en er is een bed waarop je lekker zacht en warm kunt liggen. Je snapt wel dat we dat al gedaan hebben natuurlijk. Je eigen spulletjes hebben in een vreemde omgeving is wel fijn hoor. Dat is toch belangrijk dat je wat vertrouwds hebt. Molly dook meteen achter wat dozen, ik had dorst van het schreeuwen maar goed, we waren er toch. Ik kom inmiddels als heuse verkenner allang beneden in huis maar dat is eigenlijk niet precies beneden. Hoe dat zit, leg ik volgende keer uit. En Dropje heeft trouwens dat zachte bed tot haar bezit gemaakt. Wel slim van haar en ze ligt lekker zacht en warm op twee plaids. Hoezo een prinses?
voor Ollie
In de herfst wordt alles in mijn tuin bruin, planten gaan kapoo of ferstoppen zich onder de grond, blaadjes dwarrelen van de bomen naar beneden, er zijn geen bloemen en mijn gras groeit niet meer, ik hoor bijna geen vogels want die zijn allemaal naar het zuiden geflogen folgens mijn vrouw, mijn tuin is bruin en nattig en druilerig, alsof hij nooit meer mooi en zonnig wordt, en daar word ik altijd een beetje somber van.
Nau zijn we SAAME met Ollie, en ik ben heel blij dat ik er weer bij mag zijn!, ik snap dat het nog best moeilijk is voor jau lieve Ollie, want ineens heb je een huis en een vrouw, dat is fantasties maar ook heel spannend, alles is nieuw en daarom soms ook grieselig, je moet oferal aan wennen en je hebt nog geen roetiene, maar ik weet zeker dat dat goed gaat komen!, je staat er niet alleen voor, je hebt natuurlijk je vrouw mevrouw Olliebert, en je hebt heeeeeeeel veel vrienden en vriendinnen hier op jauw blog, en met zijn allen gaan we zorgen dat alles goed gaat komen en dat we SAAME een hele nieuwe blog gaan maken.