Hoi allemaal, hier Izzy. Neeeeee het gaat niet over bietsen, ik doe dat wel nog hoor hihihihihi. Maar vandaag mag ik namens ons allemaal een woordje doen.
We hebben hier onderling toch wel wat zorgen gehad over onze vrouw. Echt waar jullie lezen het goed… over onze vrouw.
Raar
Zoals jullie weten is onze vrouw al maanden aan het vertellen dat het niet meer lang zou duren dat ze voor altijd bij ons zou zijn.
Dat er geen wekker meer zou aflopen, dat ze niet meer hoefde te gaan werken, dat wij de hele dag naar buiten mochten.
Toen het er langzaam op aan ging werd ze toch wel zenuwachtig… en even dachten we dat ze zich zou bedenken.
Maar toen kwam de postbode met een grote doos die vol zat met kadoos voor haar en voor ons. Allemaal leuke en lekkere dingen voor als ze niet meer hoefde te werken.
Ppppppfffffff wij blij want nou kon ze zich echt niet meer bedenken want als ze dat wel deed moest ze al die leuke en lekkere dingen terug geven hihihihihihi.
Maar ze werd toch steeds zenuwachtiger want mij Izzy noemde ze Belle en Belle noemde ze Tica, Moby werd Dopey en Dopey werd Moby.
Soms was dat wel eens gemakkelijk want als iemand van ons iets deed wat niet mocht hoefde je niet te luisteren naar een verkeerde naam.
Ze gaf ons zelfs te vroeg eten en verwonderde zich erover dat we niets aten.
Toen op een avond ging ze weer weg en toen ze thuis kwam was ze blij maar ook eigenlijk wel wat verdrietig.
Ze had weer kadoos bij zich maar deze keer alleen voor haar zelf. Dat was voor ons niet zon probleem maar dat ze een beetje verdrietig was wel.
Wat Dopey zei
We begonnen ons af te vragen of ze niet voor altijd bij ons wilde zijn?
Om beurten gingen we met haar knuffelen en Dopey kroop in bed dicht tegen haar aan. Toen kwam Dopey ons vertellen dat ze gezegd had: ‘Dopey nog 2 dagen werken en dan ben ik heerlijk voor altijd bij jullie.’
Wat een opluchting was dat om te horen… gelukkig. We hebben er zonder dat vrouw het in de gaten had een klein feestje van gemaakt.
Toen kwam de dag dat de laatste keer de wekker afliep om te gaan werken.
Wij zijn meteen met haar opgestaan en voordat ze ging werken kregen we heellllll veelllll snoepjes. En toen ze vertrok zijn we haar achter de ramen gaan uitzwaaien… ze moest er wel om lachen want normaal deden we dat nooit. Maar ja vandaag was ook geen normale maar een bijzondere dag.
Thuis
En toen ze thuis zou komen heb ik, Izzy, iedereen opgetrommeld om weer voor het raam te gaan zitten.
Ze stapte uit de auto en zagen we dat ze bloemen en nog meer kadoos uit de auto pakte. En eenmaal binnen zei ze: ‘Zo mupkes dit was het dan en nu ben ik voor de echt altijd bij jullie.’
Wij moesten er ook wel een traantje om laten en hebben allemaal met haar geknuffeld.
Genieten
En nu… is het lang leve de lol bij ons. ’s Morgens gaat de achterdeur en het keukenraam open (als het mooi weer is) en mogen we naar buiten. ’s Avonds als het donker begint te worden hoeven we pas naar binnen. En als ze al eens even weg gaat dan blijft de achterdeur open (we kunnen de tuin toch niet uit).
Als ze koffie maakt uit haar nieuwe koffieapparaat dan krijgen we steevast een beetje van die opgeschuimde melk… en die is nog lekkerder dan de snekjes. Maar lekkere snekjes krijgen we ook nog.
We kunnen nog vaker met haar knuffelen.
We slapen wat langer zonder dat de wekker ons wakker maakt.
Maar onze zorgen over vrouw zijn gelukkig helemaal voorbij en we genieten met volle teugen van elkaar.
En als een van jullie mensen gaat stoppen met werken en ze gaan raar doen maak jullie maar geen zorgen want het komt helemaal goed.
Het is een nacht als altijd. Tante Catootje ligt opgekruld in het zachte mandje naast Mo der hoofdkussen. Foppe houdt haar voeten warm. Via het kattenluik loop ik in en uit om zowel ons huis als tuin te bewaken terwijl iedereen slaapt. Na de gebruikelijke plaspauze van ons mens wast ze op de tast haar handen bij de wasbak in de donkere keuken en neemt gelijk een glaasje water. Tot zover is alles normaal. Net als Mo slaapdronken terug naar boven wil gaan, hoort ze een geluid dat er nooit is. Geritsel. Ze is acuut klaarwakker. Dat stond niet in mijn planning.
klaargezet om morgen te poten. De voorjaarsbloeiers gaan de bijen die vroeg in het jaar wakker worden rijkelijk van eten voorzien. Weer geritsel. Ze knipt het felle licht aan. Met grote ogen tuurt ze gespannen naar het werkblad om te zien waar het onbekende geluid vandaan komt. Bij de volgende ritsel rent ze naar de keukendeur en zwaait em open. Tussen de punten van haar vingers pakt ze één voor één de zakjes op en zwiept ze de tuin in.
‘Japie, waarom doe je niets!’, gilt ze opeens. Happend naar adem kijkt ze ons met ogen als schoteltjes aan. ‘Jullie moeten dit oplossen!,’ zegt ze met schrille stem en weg is ze. Ze rent de trap op en sluit haar slaapkamerdeur hermetisch af. Daar zitten we dan met z’n viertjes. Foppe kijkt opgewonden rond. Hij heeft wel zin in een verzetje. De blik waarmee Tante Cato ons beschuldigend aankijkt zegt genoeg. ‘Je kan zo weg,’ meow ik tegen mijn grote bruine furriend, ‘de deur naar buiten staat nog open. Of gaan we Kat&Rat spelen?’
Zooo heee, wat was ik forige zondag blij met alle lieve letters die ik kreeg van mijn vrienden, dankjulliewel!, ik had iedereen zoooo gemist, en nau zijn we weer SAAME en dat find ik fantasties!
kon er de poot niet op leggen.
echte vriendschap nooit een einde komt, ik keek ook naar de footoos en ik foelde in die regenboog Bertje, Loes, mijn Brammievlinderleeuw, Bolle, Sam en al mijn andere sterrenvrienden, het foelde heel feilig aan, als een zachte pluisige deeken.
Afgelopen week ben ik druk bezig geweest om het nieuw gelegde achterpad te verkennen. Alle tegels liggen weer netjes, maar allemaal in een andere volgorde dan zoals ik gewend was. Dus er is een hele hoop te snuffelen. Zo ruik ik dat een paar stenen die eerst bij mijn achtertuin lagen nu bij allebei m’n buren liggen, en ik heb een paar tegels voor m’n poort waar de barbecue van de buren op de hoek altijd op gestaan heeft. En die ruiken me toch lekker! Ik lig daar nu elke dag wel even op, zeker als de zon schijnt. Dan is ‘t net alsof ‘t weer even zomer is…
hier de komende jaren maar mee doen. Nou ja, het is wel een ideale schutting om m’n nagels overheen te halen, want hij heeft lange planken waar ik helemaal rechtop tegen aan kan staan om de nagels van m’n voorpoten aan te scherpen, dus dat is dan weer wel een voordeel. Al heb ik wel gehoord dat dát niet de bedoeling is, want ik heb volgens m’n personeel meer dan genoeg krabpalen in huis staan, en er hangt zelfs een krabplank buiten naast de achterdeur. Maar ja, ‘t is natuurlijk altijd veel leuker om dingen juist te gebruiken op een manier waar ze volgens tweevoeters eigenlijk niet voor bedoeld zijn. En m’n personeel moet ook niet gaan zeuren dat ik m’n poten veeg op de kokosmat bij de achterdeur voordat ik weer naar binnen ga, want dat doen zij zelf ook. Ik kan ‘t toch ook niet helpen dat zij hun teennagels niet kunnen uitslaan op die mat om ze te scherpen, en ikke wel?
inspectie die ik dagelijks uitvoer, en zo kon ik alles goed in de gaten houden zonder de indruk te wekken dat ik met ze wilde mee eten, want m’n eigen avondeten had weer prima gesmaakt en er kon eerlijk gemauwd geen hapje meer bij.
“Kijk eens Ollie,” zei ze, “we hebben nieuwe spullen van Ikeeja.” Ik keek naar de doos en ze fertelde van een lamp en een deken en ook dat er een wekker was. Ze zette alles op het tapijt. En ik kijken. Ruiken. Nieuwe dingen ik weet het niet, ik ben geeneens helemaal gewend ik hoef geen nieuwe dingen, ik ben zelf nieuw.