Kever heeft een mening over te druk zijn

Omdat het de hele week lente was in mijn tuin heb ik het keidruk gehad, zo druk dat ik helemaal geen tijd had om een blog te maken… elke keer als ik er aan wilde beginnen moest ik weer nieuwe plantjes tsjekken, of achter Pokon aan loopen die in mijn tuin was geklommen, of naar insektjes kijken die oferal fliegen, en nog veel meer, ik had geen mooment rust.

Opletten

Ik moest ook nog op mijn vrouw letten, want als ik er efentjes niet bij ben doet ze maar wat in mijn tuin, en dan wordt het een rommeltje, dat wil ik natuurlijk niet, dus eigenlijk is het de schuld van mijn vrouw dat ik geen blog heb gemaakt.

Op de footoos lig ik toefallig te slaapen, of in de zon met mijn buik omhoog (sorrie Milamuis!) maar dat was steeds maar heel efentjes, echt waar!

****

Ik tetter wel gewoon weer voor vreede, en ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.

Joep en het Derde Grote Weiland Feest

Eindelijk, het lijkt erop dat de lente er nu toch echt aankomt. Tenminste, zodra de zon schijnt, want dan kan ik heerlijk in m’n tuin genieten van de warmte op m’n vacht.
Maar als het hard waait dan kies ik er toch nog even liever voor om overdag lekker in de vensterbank achter glas te genieten van de zon want ik heb er een hekel aan om buiten uit m’n jas te waaien.

Aanpoten

Dit weekend wordt ‘t voor mij hard aanpoten, want de potten met pindakaas die een tijdje geleden zijn binnengekomen wil ik in het weiland gaan uitrollen. M’n personeel heeft al toegezegd om de potten voor het grote hek dat om ‘t weiland heen staat neer te zetten en de deksels er af te halen. Dat laatste is belangrijk, niet alleen omdat ik die dingen er zelf niet afgedraaid krijg, maar ook omdat Senior al jaren doppen en deksels spaart voor de opleiding van hulpblaffers. En Junior spaart dapper mee sinds ze elkaar kennen. Het is een goed doel waar ik, totdat het idee van die potten pindakaas voor de Weilandmuizen bij me opkwam, nooit een bijdrage aan kon leveren omdat er op mijn eten en drinken nooit een bruikbare dop zit. Maar daar gaat nu dus eindelijk verandering in komen. Mede dankzij de Weilandmuizen die de potten leeg eten, en deze eigenwijze kater. En wie weet hoeveel meer van mijn vrienden ook nog plastic doppen sparen. Stel je toch voor, dat we dan over een tijdje kunnen mauwen dat we met z’n alle saame een paar puppieblaffertjes naar school hebben kunnen sturen. Dat zou toch kattastisch zijn…

Muizen

Maar goed, terug naar de muizen en de pindakaas. Had ik al ‘s gemauwd hoe die combinatie eigenlijk ontstaan is?
Je weet waarschijnlijk al dat ik zelf gek ben op kaas. Gisteravond zat ik zelfs nog te smullen van een blikje tonijn met kip en kaas. En dan lik ik m’n bakje altijd zo goed schoon dat ‘t gelijk weer terug de kast in zou kunnen, als m’n personeel niet al m’n bakjes na gebruik altijd onder heet water wil afspoelen.
Jarenlang heb ik dus altijd gedacht dat ik zo goed was in muizen vangen omdat ik naar kaas rook als ik op jacht ging. Want muizen hebben daar een neus voor.  Totdat ik van de buurtkatten hoorde dat muizen en kaas niet de allerbeste combinatie is. Maar wat muizen dan wel aten kon niemand me mauwen, want de buurtkatten bestuderen geen muizengedrag, ze vangen ze alleen maar. En tot het Eerste Weiland Feest waren ze ook niet echt de fijnproevers die ze nu intussen geworden zijn, want muis was voor hun gewoon muis. Rauw uit het pootje, want anders kenden ze nog niet.

Saus

Maar toen werd de eerste Weilandmuis van de gril geserveerd, en maakten ze kennis met veel van de andere muizensoorten die we met de teams van Muisbezorgd overal in het land en daarbuiten vingen. Niet alleen van de gril, maar ook van de barbeknoei. En de satésaus bleek niet aan te slepen te zijn tijdens de feesten.
Nou werd die saus altijd door anderen klaargemaakt, dus ik had geen idee wat daar in zat. Maar dat het heel errug lekker was, daar was iedere bezoeker het over eens.
Het brokje viel bij mij pas toen m’n personeel een keer zelf saus maakte voor over hun kip op een stokje. Gelukkig lusten zij geen muis, anders was m’n eigen voorraad in de vriezer al snel op geweest. Maar ik heb vanaf de eettafel zitten volgen hoe ze hun saus klaarmaakten, met melk en een paar flinke lepels pindakaas uit een hele grote pot.

Natuurlijk zou ik voor het komende Weiland Feest nu dus zelf liters satésaus kunnen maken, met flink wat kattenmelk en pindakaas. Maar ik ben een hele praktische katermans geworden, dus ik bedacht dat als de Weilandmuizen pindakaas zouden eten, dat dat heel veel tijd zou schelen omdat de saus dan al in de muis getrokken zou zijn in plaats van dat we die er na het garen nog ‘s overheen zouden moeten gieten. Dat zou ook heel veel vieze poten en schoonmaakbeurten schelen, want die poetstijd kan altijd beter gebruikt worden voor gezellig saame feesten.
Het duurde dan ook niet lang voordat het onderzoeksteam van Muisbezorgd de poten ineen sloeg en de eerste proefmuizen gevuld met pindakaas van de gril kwamen. En iedereen was het er over eens dat die Weilandsatémuizen dit jaar op geen enkel feest mochten ontbreken…

Pindakaas

Tsja, het is natuurlijk wel even werk om al die grote potten pindakaas dit weekend naar kategische plekken in het weiland te rollen, maar dat heb ik er graag voor over. En ik weet ook dat er op meer plekken in het land grote potten pindakaas worden uitgezet, zodat er op het Derde Grote Weiland Feest een ruime variatie aan satémuizen verkrijgbaar zal zijn.
Wanneer de eerste potten pindakaas leeg zijn en de Weilandsatémuizen daarna gevangen kunnen worden ga ik zelf ook nog wat katsperimenteren. Want ik begin al te watertanden bij de gedachte alleen al om die overheerlijke muizen op ‘t feest onder een dekje van gesmolten kaas op een bedje van kattengras te kunnen serveren…
Katbitie om zelf ooit een restaurant te openen heb ik niet, maar smakelijke recepten verzinnen en uitwisselen is altijd leuk. Voorlopig nog wel even lekker achter glas vanuit de vensterbank op deze vroege zaterdagmorgen, want ‘t waait me buiten nog net iets te hard om de potten pindakaas nu al het weiland in te gaan rollen.

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Heeft iedereen behalve ik twee ferjaardagen?

Ik heb een probleem en mijn vrouw zegt fan Ollie dat moet je zelf weete en ik weet het niet het gaat ofer mijn ferjaardag.

Op Feesboek zei Gerrie: ‘Ik heb een beetje een verjaardag, ik woon hier vandaag 8 jaar.’ En ik dacht fan die ferjaardag heb ik geeneens. Misschien ben ik nou zielig weeges daarom. Want het is best goed en belangrijk dat je weet wanneer ging ik saame woone en dat op die dag het leefe pas echt begon dat was foor mij zo.

Ik heb maar 1 ferjaardag en dat is dus toen ik hier kwam. Eigenlijk is je ferjaardag dat je dan geboren bent maar dat weet niemand fan mij, alleen mijn moeder en als je ex-asielkater bent dan ben je je eigen weg gegaan dat is gewoon zo.
Erfoor was ik op straat en toen in het asiel kwam mijn vrouw kijken fan wie is hij, en toen ze ging zitten klom ik ofer haar heen fan wie is zij en toen wisten we het eigenlijk al, dat zei ze later ook.
Toen gingen we in de taksie naar hier het duurde heel lang maar het lukte en ik was toen thuis. Die dag zei mijn vrouw is je ferjaardag Ollie.

Maar nou weet ik Gerrie heeft twee ferjaardagen.
En ik weet niet of iedereen dat heeft behalve ik dus.

Op mijn ferjaardag kreeg ik liefe woordjes en knuffels en een gesprek dat ik het goed deed en ik kreeg ook een kadoo, wat ben ik fergeete. Misschien hoort dat elke , ik heb hier nog maar 1 ferjaardag gehad dus ik heb weinig erfaring. Ik weet niet fan gaat het elke keer zo en wat kun je als huiskaterjongen zijnde allemaal verwachten en is het gek dat ik maar 1 ferjaardag heb.
Ik wil er best twee.
Helemaal als iedereen het heeft en elke ferjaardag is weer met knuffels.

Maar dat weet ik dus niet.

Jajim en Frou Frou over weekend dagen

Miauw lieve furriendjes en tweevoeters, we moesten onze hersenpannetjes laten kraken voor inspiratie voor een nieuwe blog. Al dagenlang zijn we druk bezig met genieten van het purrachtige weer, de geluiden van de lente en met het kijken naar alle vogels die langs komen. We hebben door de zon het vakantiegevoel en dat was afgelopen weekend net zo.

Weekend

Frou Frou: “Weekenden zijn hier vaak wat avontuurlijker dan de andere dagen, en we zijn meer Saame. Hoe wij merken dat het weekend is? Komt omdat onze mensenbroer dan meer bij ons is en vaak met kleine klusjes bezig gaat. Zoals dat hij gaat rommelen met spullen. Er gaan deuren open die normaal gesloten blijven en we krijgen onze weekend-brunch. Weekend is wel leuk want er hoeft niks en er is meer tijd om saame te zijn. Eens in de zoveel zaterdagen komt er een grote, kartonnen doos binnen. Die doos zet mensenbroer dan eerst in het halletje zodat we kunnen snuffelen en wennen. Ik ga laag bij de grond staan en wacht wel af wat er gebeurt. Jajim niet, die loopt mieuwsgierig en een beetje ongeduldig langs me heen om te kijken.”

Jajim: “Het is gewoon van, je weet nooit purrcies wat er in de doos zit. Daarom doen we aan controle zodra er weer een groot pakket in onze hal furschijnt. Ruiken, krabben en proeven.”

Avontuurlijk

Jajim: “Dit weekend was trouwens extra avontuurlijk. We konden naar een ruimte we zelden komen; de CV kast. Wat dat purrcies is weet ik ook niet maar er staan daar nog meer dozen en spullen. Een stapel waar ik niet op mag klimmen. ‘De stapel is veel te gammel voor jouw lijfje’ zegt onze mensenbroer dan. Nou ja zeg, met mijn postuur moet die klim toch gewoon goed gaan? Dit weekend zegt hij niks en pakt er een paar dozen uit. Hij tikt op het pakket in de hal. ‘Kom eens meisje. Wat zou hier in zitten?’ Hij zegt het alsof hij dat zelf niet weet. Ik krab nog eens vlak langs de opening en steek mijn nagels weer in de tape en begin met beide poten te trekken. Met een KRRRSJ laat de klep los. Met rammelende maag steek ik mijn hoofd tussen het karton. In tegenstelling tot Frou Frou ben ik best handig met verpakkingen openen. Ik zie allemaal blikjes, hele stapels. Vandaar dat ik met mijn neus geen infurrmatie kon ontdekken. Er komen nog wat dingen tevoorschijn die me op dit moment niet boeien. Speelgoed of mandjes komen straks wel. Ik begin mijn kattenconcert, of hij op wil schieten met dat blikje. Onze mensenbroer moet lachen en maakt één van de nieuwe blikjes open. Kalkoen mousse, mijn lievelings.”

Frou Frou: “‘Ik kom kijken wat er aan de poot is, het betekent vaak veel goeds als mijn grote zus zingt. Met een piepje huppel ik wat onzeker door de woonkamer richting mijn brunch plekje. Mijn bakje staat al voor me klaar. Mousse. Ik lik er een paar keer aan, kijk naar mijn mensenbroer en kijk weer naar het bakje. Wel lekker hoor, die mousse, maar echt honger heb ik niet dus ik loop naar de krabpaal om mijn pootjes te strekken. Dan pakt mensenbroer iets uit de blikjesdoos. Het is een hengel met een veren eraan. Het veren ding vliegt met een zwiep door de kamer en ik spring er achteraan. De tweede keer strek ik mijn pootjes hoger en lukt het al bijna. Het is geen bromvlieg maar hiermee kan ik ook prima oefenen, denk ik terwijl ik met twee pootjes rakelings langs de veer terug op de laminaatvloer neer plof. Ondertussen doet Jajim mijn afwas. Nieuw of anders of avontuur is niet purr se mijn lievelings, maar er zijn altijd uitzonderingen.”

Planten

Jajim: “Verder was ons weekend gewoon en rustig en met onze normale weekend routine. Beetje zonnebaden, een catnapje hier en daar, eten. Na een dag werd dat wel wat eentonig zal ik eerlijk miauwen. Ik begon me te furvelen. Dus ik ging avontuur opzoeken en dat doe ik graag op ons balkon. Daar is, zeker nu met lekker weer, sowieso wat te beleven. Vanaf daar zijn er vogels te zien en te horen, en soms speel ik met een vlieg of een boomblaadje, dat furschilt. Dit weekend was er iets met de plantjes die onze mensenbroer laatst op het balkon had verpot. Ze waren gegroeid. De wind liet de blaadjes een beetje heen en weer bewegen en ik kon het niet weerstaan om er met mijn poot tegenaan te tikken. Ik werd enthousiast en van het een kwam het ander, voor ik het wist zat het hele plantje in mijn maag. Nu staat er een bakje naast met kattengras, speciaal voor ons. Elke dag moet ‘ie gesnoeid worden dus nu kunnen we saame tuinieren, daar draaien we onze poot niet voor om.”

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksem vraagt zich af hoe je het beste kan slapen

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,

Afgelopen keer had ik een probleem met slapen. Slapen lukte wel, maar hoe moest ik nu liggen? En wat als er onweer is met van die lichtflitsen? Ik ga het vertellen en proberen uit te leggen.
Slapen lukt altijd wel maar nu wist ik niet hoe ik moest gaan liggen. Er kwam onweer aan. Dat voel ik. En vanavond , vanavond was het raak.
Flits! Het hele huis werd even wit. Boem! Het hele huis trilde.
Ik sprong op de bank. Rende door de kamer en naar de hal. Dit is niet fijn dacht ik. Het licht jaagt en de lucht knalt.
Er was mij wel eens verteld wat onweer was. Het is een soort van dansen hoog in de lucht met koude regendruppels die tegen elkaar botsen. En dan zegt het dus boem. En dan komen er ook van die lichten.
Ik probeerde maar te gaan liggen. Ik rolde mij op tot een bolletje. Maar de boem was te hard, ik voelde het trillen in mijn buikje.
Dus ik ging plat op mijn buik liggen met mijn pootjes uitgestrekt. Als het moest kon ik dan snel wegrennen.

Veilig

Mijn man mens riep zachtjes, zo lig je goed dat is een veilige plek. En ineens snapte ik het. Het maakt niet uit hoe ik sliep als ik mij maar veilig voelde. Sommige van mijn vriendjes kruipen diep weg onder de dekens, lekker warm en donker. Andere vriendjes willen juist hoog liggen, op de kast om alles te overzien. En soms is de beste plek gewoon lekker dicht bij je mensen. Want daar voel je de hartslag en warmte, en dat is rustgevend.
Dus ik sprong lekker op bed en ging gezellig tegen mijn mensen aan liggen. Ik hoorde het onweer nog wel maar nu voelde het helemaal niet meer eng aan. Het trillen van de boemen voelde nu bijna aan als een slaapliedje.
Flits, boem, ik deed fijn mijn ogen dicht. Ik had de perfecte slaaphouding gevonden. Veilig en geborgen.

Tips

Doordat ik het nu allemaal snap heb ik een aantal goeie tips voor mijn vriendjes en vriendinnetjes.

  • Veilige plekjes: Kies zelf waar je wil gaan liggen en waar het veilig voelt. Dat kan ook zomaar onder het bed of in de kast zijn. Ik vind het goed.
  • Je mensen kunnen ook de gordijnen dicht doen. Dan zie je lekker de flitsen niet zo.
  • Je mensen kunnen ook tegen je aan gaan praten dan hoor je minder de boemen van buiten.
  • Warmte en rust: een deken of een rustige plek bij je mensen op schoot kan ook veel helpen.
  • Troosten en knuffelen: als je mensen je gaan knuffelen en troosten neem dat vaak de aandacht van het onweer af. Je bent dan minder bang en het is nog gezellig ook.


Het fijne van dat rare onweer is wel dat daarna de luchten anders ruiken. De jungle ruikt dan echt anders. Frisser. Dat voel ik aan mijn snorharen.
En nu ga ik mijzelf eens heerlijk wassen en daarna ga ik op zoek naar Roover. Eens vragen hoe en waar hij heeft geslapen met het onweer.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem