Blazen doe je om jezelf te verdedigen, als je een kat bent. Het is sterke lichaamstaal die zegt: blijf van me af, ga weg, laat me met rust.
Katers kunnen het, poezen ook en zelfs kleine kittens blazen als ze het nodig vinden.
Katertje
Op een dag kwam er een jong gestreept katertje in een dierenkliniek. Hij voelde niet op zijn gemak. Hoe klein hij ook was, de aanval durfde hij best aan. Dus blazen, blazen, nou! Naar iedereen. HSSSSSS!!!
In de kliniek waren ze er niet van onder de indruk. Ze hadden wel ergere geluiden gehoord dan het blazen van Junior, zoals ze hem noemden. Bovendien, ze kenden zijn achtergrond. Hij was in een tuin gevonden, zonder een aanwezige moeder. Junior leek een zwerver te zijn, maar dat zou snel veranderen.
Kliniek
In de kliniek besloten ze om Junior een beetje op te voeden. Hij moest leren dat mensen niet eng waren, dat ze geen bedreiging vormden maar dat ze iets goeds konden komen brengen. Dat iets was: liefde.
De eerste keer dat iemand hem probeerde te aaien, begon Junior vijandig te blazen. Stoer gedrag.
Maar toen kwam de aai dichterbij en landde op zijn rug. Aai-aai veranderde Junior: dit was fijn, dit was heerlijk. Hij hield op met blazen en begon te spinnen.
Knuffel
Jessie, een van de vrouwen in de kliniek, kwam regelmatig Junior aaien. Wanneer hij haar zag, sprong hij op zijn vier poten en liep meteen naar haar toe voor knuffels. Dan begon hij luid te spinnen. De blazende kater was ny een knuffelkater geworden, want hij had ontdekt wat liefde was.
Fergus
Op een dag vond Junior een thuis voor zichzelf. Een vrouw van de kliniek nam hem mee naar huis, tijdelijk zodat hij een huiselijke omgeving kon ontdekken. Maar wat gebeurde er… het hele gezin werd verliefd op het knuffelkatertje.
Junior kwam niet meer terug naar de kliniek. Voortaan had hij een eigen thuis waar hij een nieuwe naam kreeg: Fergus. Blazen doet hij niet meer. Spinnen wel.
Fietje is nog geen twee jaar oud en ze is hartstikke dapper. Ik zag dat ze een tuigje draagt en dan naar buiten gaat. Dus ik vroeg haar Fietje hoe zit dat.
Wat heb je hier nou aan?
Ik draag het tuigje van Bram. Bram is de kater die voor mij in dit huis woonde. Het is een handig tuigje en het zit best lekker. Het sluit met een klik om mijn nek en om mijn borst. Het lusje zit dan op mijn rug. En daar maakt het vrouwtje dan het riempje aan vast.
Een riempje vast!! Dat is moeilijk!!
Ja Bert, de eerste keer vond ik eng. Ik liet me maar vallen en verzette geen poot. Vrouwtje moest me echt goed vasthouden om het aan te doen. Ik vond er niets aan.
Maar toen we door de deur naar buiten gingen, was ik best nieuwsgierig. Het rook overal nieuw en er stonden veel planten waar ik achter en in kon zitten. Vrouwtje riep me en toen heb ik heel voorzichtig wat stapjes gezet maar ik heb me ook weer laten vallen. Tot ik begreep dat het niet eng was maar spannend en leuk! We wandelen op de oprit naast het huis en in de serre. Misschien dat we later nog verder gaan, de straat op!
Dat heb je ook snel geleerd . Dat komt vast doordat je jong bent. Hoe vind je het tuigje nu?
Ik vind het nu heel leuk en ga telkens voor de deur zitten om duidelijk te maken dat ik wel weer in ben voor een wandelingetje!
Mijn vrouwtje zegt dat zij het tuigje bij de dierenwinkel heeft gekocht.
Als je nog meer wil weten mag je dat best vragen, hoor.
Ik vond het interview eigenlijk best leuk.
Asiel
Nou ik wil nog wel meer weten van jouzelf. Want de mensen denken wie is Fietje eigenlijk. Kun je iets over jezelf vertellen?
Als mensen dat willen weten… Ik ben een poesje van bijna twee jaar oud en ik heb op straat geleefd. Ook heb ik al twee kittens gekregen maar daar weet ik weinig meer van. Ik ben in het asiel gebracht en daar waren ze heel lief voor me. Ik ben onderzocht en gesteriliseerd en toen ik weer helemaal gezond was, mocht ik worden geadopteerd.
Mijn vrouwtje heeft mij uitgekozen omdat ze me lief en dapper vond. En ook nieuwsgierig. Zij vond dat zo leuk dat ik met haar mee naar huis mocht. Ik woon nu drie maanden in mijn nieuwe huis en ben heel blij en tevreden. Ik speel graag. Vooral verstoppertje, met balletjes, met veren en met een kartonnen doos. Ik zit graag voor het raam en slaap ’s nachts op bed bij mijn vrouwtje. Als het aan mij ligt eet ik de hele dag maar vrouwtje heeft een voermachine neergezet waar op vaste tijden wat brokjes komen.
Ik kan nog veel meer vertellen, Bertje, maar is het zo goed?
Ja Fietje, zo is het goed voor nou. Dankjewel voor het interview en veel plezier met het tuigjewandelen!!
Herrie buiten, alweer. Ik zit binnen en ik kan het horen. Herrie is moeilijk. Je krijgt er rare gevoelens van.
Dat je onrustig bent en niet kunt liggen want dan wil je in de vensterbank maar dat durf je niet en wat je dan moet doen dat weet je weer niet.
Wat moet je doen als er herrie is?
Thuis
Als binnenkater ben ik altijd thuis. Dat is natuurlijk superfijn want dat had ik vroeger niet. Toen leefde ik op straat en dat was moeilijk. Overal kon het gevaarlijk zijn. Dat rook ik. Of ik zag het. Of ik hoorde het, dan was er herrie, dus dan rende ik ergens heen waar ik me veiliger voelde. Zo deed ik het toen.
Binnen
Ik heb wel uitgevonden wat ik kan doen en dan helpt dan een beetje:
de onrust over de herrie moet ik uiten, dus dan ren ik even de trap op of mijn vrouw komt met een lintje om te spelen, en dan doe ik bam-bam-bam met mijn poot
soms vind ik een knuffel fijn dat helpt dan om rustiger te worden, en ook lieve woorden helpen dan
als ik te gespannen ben om iets te doen voel ik me toch beter als mijn vrouw gewoon bij me komt zitten dat maakt toch verschil
Buurt
Oja, wat er dan aan de hand is. Bij mij in de buurt zijn mannen een parkeergarage aan het maken, die komt diep in de grond. En dan gaan ze boren en weetik wat voor dingen doen. Ik kan het geeneens zien want het is om de hoek van mijn straat. Mijn vrouw heeft het uitgelegd. En ze zei ook dat het nog een hele poos duurt. En dat we daardoor de kans krijgen om met herrie te oefenen dus dat het misschien wel iets goeds was.
Nou dat kan. Maar ik heb liever een knuffel op een rustige dag.
Een computerspelletje met een kat is altijd leuk. Hoe leuk, bewijst Talking Tom. Inmiddels zijn er meer dan 6 biljoen spelers. Zes bil-joen! Onvoorstelbaar veel mensen zijn dat.
Talking Tom is niet zomaar een spelletje. Het is een wereld op zich met allerlei personages. En het is een uiterst winstgevend spelletje voor de makers ervan, dat ook.
Katerwereld
Het principe van Talking Tom is eenvoudig. Een pratende kater die van alles mee kan maken. Het spelletje is interactief, dus wat er in zijn katerwereld gebeurt, bepaal je voor een deel zelf. Je kunt het downloaden in Google Playstore en daarna kun je van alles bijkopen – daar begint de kassa te rinkelen.
Leuk is dat je begint met een kitten, dat je zelf moet opvoeden. Kleine Tommies worden groot en willen meer vrienden. Ja, zo gaat dat.
Cijfers
De cijfers zijn indrukwekkend. Het spel kwam op de markt medio 2010. Binnen zeven jaar groeide het enorm: er kwamen meer dan tien versies en aanvullende spelletjes bij, en bij elkaar leidde dat tot meer dan 6 biljoen downloads. In 2012 maakte Walt Disney er een tekenfilmserie van, die tien afleveringen telde. Ook op Youtube is er een serie gaande. De winsten moeten enorm zijn. Want al die beelden leiden tot meer downloads, en meer downloads leiden tot meer verkoop.
Succes
Het succes valt achteraf gemakkelijk te verklaren. Alles is positief, je raakt snel gehecht aan de personages in het computerspelletje en je wilt bijna als vanzelf weten hoe een verhaal verder gaat. Al is het bedoeld voor kinderen, ook volwassene beleven er plezier aan.
Welzijn
Hopelijk wordt Talking Tom nog eens meer dan een computerspelletje dat winst opbrengt. Juist iets met zo’n enorm bereik kan mensen inspireren om beter voor dieren te zorgen of geld te doneren aan organisaties die zich inzetten voor dierenwelzijn. Dan doe je iets goeds met al dat succes.
Zwerver is Vlokje nou al lang niet meer. Hij woont met Cateautje de teckel. Zij krijgen van hun vrouw superfijn aaien. Daar gaat dit interview met zijn vrouw Dorine over.
Van Vlokje weet ik dat u speciale massages doet. Hoe heeft u die geleerd en hoe gaat zo’n massage?
Hoe ik daar zo mee begonnen ben, dat is een heel verhaal, Bertje! Wij hebben behalve Vlokje ook Catootje in huis. En Catootje is een ruwhaar teckeltje dat bijna 6 jaar geleden op straat gevonden is en daardoor in het asiel beland is. Toen was zij ongeveer 1,5 jaar oud. Ze was helemaal verwaarloosd, liep moeilijk en was heel erg mager.
Wij, Fred en Dorine, hebben Catootje toen in huis genomen en hebben alles in het werk gesteld om haar weer een vrolijke teckel te laten zijn. Catootje heeft toen fysiotherapie gehad, is bij een osteopaat geweest en bij een natuurgeneeskundig arts. Daar is zij goed van opgeknapt. Ik dacht toen: “ik zou haar zelf ook moeten kunnen helpen”.
En zo ben ik bij hondenmassage uitgekomen. Eerst heb ik de opleiding KMB (kynologisch masseur basis) gedaan en daarna ben ik doorgegaan met KMG (kynologisch masseur gediplomeerd). Voor de praktijkoefeningen heb ik veel honden gemasseerd en natuurlijk eerst Catootje. Maar het is dan goed als je iedere dag oefent en daar kon Catootje niet goed tegen. Dus toen dacht ik: “misschien vindt Vlokje het ook wel fijn…”. En zo is het begonnen!
Warmte
Het klinkt supermoeilijk. Maar wat doet u dan bij Vlokje en hoe vindt hij het?
Wat ik vooral bij Vlokje doe, is ‘bewust aanraken’. Dan begin je heel zacht bij de borst met beide handen. Met strijkingen verplaats je handen, vingers en soms ook duimen over de huid om de weefsels en spieren op te warmen, te ontspannen en los te maken. Bij bewust aanraken leg je al je gevoel in je handen en je beweegt je handen tegelijk heel zacht drukkend en langzaam over de rug naar de staart en daarbij raak je vooral niet de ruggengraat aan maar strijk je ernaast. Dat herhaal je meerdere keren.
Wat ik ook bij Vlokje nog doe, is ook de staart met beide handen van staartaanzet tot punt aanraken tussen beide handen. Als ik dit een paar keer gedaan heb, gaat Vlokje liggen. Vaak eerst op zijn rechterzij en dan beweeg ik beide handen na elkaar van linkerborst naar helemaal de linker achterpoot. Dan draait Vlokje als vanzelf naar de linkerzij en herhaal ik het bewust aanraken aan deze kant. Dan leg ik mijn ene hand op zijn sacrum (bij de staartaanzet) en dit wordt dan heel erg warm; zo warm dat het uitstraalt in het hele lijfje. Mijn andere hand beweegt dan draaiend op zijn borst.
Lichte druk van de handen beïnvloedt de huidcirculatie, het autonome zenuwstelsel, de aansturing van bewegingen vanuit het centrale zenuwstelsel en bevordert het lichaamsbewustzijn. Stevige druk stimuleert de doorbloeding en bloedcirculatie, de lymfestroom en het onderhuidse bind- en vetweefsel én wamt de spieren op en maakt ze los.
Snap je, Bert? Zo werkt een massagesessie ongeveer.
Cursus
Nou ik snap het een beetje. Het is anders dan gewoon aaien dat snap ik wel. Maar als Vlokje het zo fijn vindt, moet het wel wat zijn. Moest hij ook naar een cursus?
Catootje
Vlokje moest niet naar cursus. Gelukkig maar, dat zou hij heel erg eng gevonden hebben. Nee, Catootje ging mee naar de opleiding en daarna oefende ik thuis op Vlokje. Ja, het is iets anders dan gewoon aaien!
Echte sporters gebruiken natuurlijk massage maar wist je dat je met een massage ook het zenuwstelsel en het hormoonstelsel activeert en reguleert? En daarmee beinvloed je het gedrag en de gemoedstoestand, en zo kan je bijvoorbeeld onzekerheid en angst stapje voor stapje aanpakken.
Vlokje is nu rustiger naar Catootje toe; hij vindt haar niet meer zo eng…En Catootje vindt Vlokje minder eng. Na nu bijna zes jaar bij elkaar in huis te wonen, kunnen zij nu in één ruimte zijn. Ze liggen nog niet naast elkaar op de bank, maar ze zijn wel in
dezelfde ruimte samen zonder het eng te vinden en te willen vluchten.
Soepel
Wat doet het met je als kat dat andere aaien? En wat vindt Vlokje het fijnste?
Het bewust aanraken zorgt ervoor dat Vlokje rustiger wordt en minder angstig. Ook beweegt Vlokje soepeler. Weet je, Bert: Vlokje was altijd wat onhandig en stijfjes, maar dat is helemaal weg! Vlokje vindt het het allerfijnst als ik mijn hand op zijn sacrum leg en met mijn andere hand ronddraaiende bewegingen maak op zijn borst en een deel van zijn
buik.
Voor wie is het geschikt en voor wie niet? Is het ook voor als je een maatje meer kater bent zoals ik?
Massage is eigenlijk voor alle katten en honden geschikt. Je moet wel uitkijken als een kat/hond ernstig ziek is. Er worden nl. afvalstoffen afgevoerd en dat kan bij een ernstig ziek dier te veel zijn. Bij koorts en infectieziekten moet je niet masseren; ook niet bij een hernia, kanker of na een vaccinatie (tot 10 dagen na de inenting). Je moet uitkijken bij bepaalde medicijnen en ook bij huidaandoeningen en hartproblemen. Ook bij een maatje meer dier is voorzichtigheid geboden, want je brengt dan meer afvalstoffen in de bloedbaan en je brengt een circulatie op gang. Dat kan te veel worden voor de kat of hond.
Maar bij een maatje meer kun je wel masseren, alleen heel voorzichtig beginnen en kijken hoe de kat of hond reageert. Zo zijn er nog wel wat dingen waarbij je wel kunt masseren, maar dan wel voorzichtig (trauma, wonden, aandoeningen aan het bewegingsapparaat,
dracht, allergieën of ontstekingen, epilepsie of bij geestelijke overspanning door pijn of trauma).
Weet je, Bert: als de mens die masseert niet lekker in zijn vel zit of onrustig is, dan moet hij ook niet masseren. De spanning en onrust breng je dan over op de kat of hond.
Het klinkt best moeilijk. Ik wil het ook maar mijn vrouw moet het dan doen. Kan iedereen het leren?
Bertje, echt iedereen kan het leren! Alleen moet je niet meer alleen met je hoofd werken, je moet echt leren voelen met je handen. Het punt is natuurlijk dat jullie katten en honden niet echt kunnen praten, ons kunnen zeggen waar je bijvoorbeeld pijn hebt of waar je bang voor bent. Dat kunnen de mensen dan alleen eventueel zien, maar vooral ook voelen met je handen. Koude en warme plekjes op je lijf zeggen al heel veel.
Ik heb hier veel van geleerd, dankuwel voor het interview!! Massage lijkt me superfijn.