kater Bolle: over mijn grote liefde Molly

grote liefde

Zelf heb ik mijn hele gebit nog, voor zover ik weet. Ik hoop ook dat ik al mijn tanden houd, want ik wil geen kunstgebit. Maar ik weet dat een kat ook zonder tanden en kiezen prima kat kan zijn. Mijn grote liefde Molly had namelijk in totaal nog maar 4 of 5 tandjes en kiesjes.

Eerste keer

En toch wist ik de eerste keer dat ik haar zag meteen dat ze voor mij de vrouw van mijn leven was.

Ik woonde toen buiten, en werd samen met een grote groep katten gevoerd. In een huis wonen durfde ik niet.
Tot ik Mol zag, en wist dat ik altijd bij haar wilde zijn.
Ik ging elke nacht haar huis in. (En at haar eten op, maar dat terzijde).
In het begin werd Mol razend als ze door had dat ik er was, en sloeg ze me volkomen in elkaar. Dan moesten Molletjes mensen, die nu ook mijn mensen zijn, mij komen helpen.
Nou, toen wist ik het natuurlijk helemáál zeker! Zo’n vrouw, die zo mooi en zo stoer is, die vind je nooit meer.

Tijger

Dus ik bleef volhouden en uiteindelijk legde Mol zich er bij neer dat ik binnen kwam.  Ik mocht niks van haar: niet op bed, niet op de vensterbank, niet op de bank. En ik mocht niet door het huis rennen, want daar hield ze niet van. Dus dat deed ik allemaal niet, want ik wilde dat ze me lief vond.
Ik liep haar overal achterna en ging altijd met haar mee. Waar Mol was, was ik.
Mol was tien jaar ouder dan ik, doof, kon niet meer zo goed zien, en was een beetje in de war. Maar toch respecteerden alle katten in de buurt haar. En terecht, want als ze boos was was ze een tijger.
Een tijger zonder tanden, maar rennen en krijsen dat ze kon!

Trots

Als ze een kat uit de tuin joeg ging ik altijd snel op een tuinstoel zitten, want ik vond het een beetje eng. Na afloop ging ik dan naast haar zitten, en gaf kopjes en kusjes. Wat was ik dan trots op haar!
Ook zonder kiesjes en tandjes at Mol gewoon alles wat ze voor die tijd ook at. Als we runderhart kregen, of vers vlees, duwde ze mij bij mijn bakje weg en at eerst dat leeg en dan pas haar eigen bakje. Dat liet ik altijd toe, want ze moest goed eten om sterk te blijven.

Stel

Bijna een half jaar waren mijn Molletje en ik een stel.  Ik was zo gelukkig met haar, en zij uiteindelijk ook met mij.

grote liefde
Mol en ik

Toen werd ze nog zieker, en ging ze voor altijd slapen. Zonder mij.
Ik heb haar een jaar lang gezocht en mis haar nog steeds.

Stoer

Mol liet zien dat je ook zonder gebit stoer kunt zijn.  Dat stoerheid in jezelf zit, en niet in hoe je eruit ziet. Als je denkt dat je stoer bent, en mooi, en lief, en je zo gedraagt dan ben je dat ook.
Maar met dat stoerzijn moet ik nog oefenen, zo zonder Mol.

Als ik thuis in de spiegel kijk

in de spiegel “Bertje, wat zie je als je in de spiegel kijkt?” vroeg mijn vrouw.  Ik dacht wat denk je zelf. Dus ik keek alleen even. Je woont toch samen.

Mijn vrouw had met de vrouw van Bolle gemaild over dieren die in de spiegel keken en of ze dat wel of niet begrepen.

Bolle en ik, dat weet ik gewoon zonder het te vragen, begrijpen vrouwen niet altijd.

Spiegel

Bij mij thuis staat beneden een grote spiegel en ook op de slaapkamer. ’s Avonds kijk ik daar soms in, voordat ik op het bed spring. Ik loop een rondje door de kamer en daar hoort ook bij, dat ik de spiegel doe.
Eerst kijk ik naar de spiegel.
Daarna kijk ik in de spiegel. Naar mezelf, dus. En omdat mijn vrouw dan meteen begint te praten, kijk ik in de spiegel naar haar en zij kijkt in de spiegel naar mij en zo zien we elkaar. Ik hoop dat u het nog kunt volgen.

Hetzelfde doe ik met de spiegel beneden, daar kijk ik in als ik op de zijleuning van de bank hang. Even opzij hangen dan kan ik mezelf zien en dan zie ik ook meteen hoe mijn vrouw altijd moet meekijken. Nou ja. Ik vind het best, al doe ik het bij haar nooit.

Dus ik weet gewoon dat ik als kater zijnde snap wat een spiegel is.  Dat wilde ik even zeggen.

En ik doe ook geen gekke dingen als achter de spiegel kijken of daar een kater zit of met mijn poten tegen de spiegel slaan. Nergens voor nodig. Er is hier maar één kater en dat ben ik.

Raam

Als ik in de vensterbank zit, dan kan ik mezelf ook een beetje in het raam zien. Is leuk, maar meer niet.

Kijk, ik weet wel hoe ik eruit zie. Alleen al door het wassen weet ik dat, dat lijkt mij logisch. Die spiegel, dat is een mensendingetje. Of eh… een vrouwendingetje. Dat kan ook.

Een maand op dieet en waar ben ik nu?

kat op dieet Een maand op dieet en waar ben ik nu? Vorige maand moest ik een operatie wegens mijn tanden. Met onderzoek van mijn bloed.

De dokter zei dat ik pre-diejebeet was en dat ik te zwaar was omdat ik 5.8 kilo woog. “Zes kilo,” zei ze nog. Dus ik moest op dieet. Aan de sportbrokken.

Mijn vrouw vond het moeilijk, ze was bang dat ik honger zou hebben en de hele tijd zielig zou miauwen en dat zij dan nee moest zeggen en dat kon ze dan vast niet en hoe moest dat dan.

Knuffels

Dus eigenlijk had mijn vrouw een probleem. En daar kon ik niks mee, ik was pas geopereerd en dat had ik nog nooit meegemaakt dus ik had extra knuffels nodig. Die kreeg ik ook. Lang zacht aaien. Borstkroelen. Buikhappen.  Het was er allemaal en het is er nog en daardoor voelde ik me al beter.

Volgens mij zijn knuffels heel erg belangrijk als je wat hebt.
En dan ook heel veel knuffels die lang duren.

Dieet

Oja, dat dieet. Nou het is geen dieet het is sporteten zodat ik weer atletisch kan worden zoals ik een jaar of wat geleden was. Nou ben ik tien dus ik ga aan mijn atletische figuur werken. Ook voor de gezondheid.

Dus het is niet zielig. En ik heb geeneens honger. Dat spul van die sportbrokken daar zit ik snel vol mee. Ik eet wat, dan moet ik al eetpauze nemen.  Ik krijg 50 gram per dag en dat eet ik nooit allemaal op. Plus dan een bordje met eten uit een zakje. Het is best lekker eten maar ik krijg het bord gewoon niet leeg.

Slanker

Ik ben nou slanker dat voel ik en dat hoor ik ook thuis. Soms ren ik keihard door het huis dat deed ik de tijd voor de operazie steeds minder. Gisterochtend nog, mijn vrouw was net in de badkamer en toen riep ze wat er was. Niks, gewoon rennen.

Dus het gaat best goed, al ben ik er nog niet. Mijn vrouw zegt dat er over een paar maanden  controle komt, dan stuurt ze iets uit mijn bak op, en dan weten we of ik nog pre-diejebeet ben of weer gewoon mezelf.

Loesje vertelt: als me peettantes voor ons zorgen

Loesje

Als me vrouw fakanzie heeft gaat ze weleens weg. Van me eigen hoeft dat niet. Ik vind het fijn als ze thuis is, bij ons. Dan voel ik me veilig en ook gelukkig. Dan weet ik dat ik te eten krijg en knuffels. Hoe me dag eruit ziet en dat is belangrijk. Dat alles gewoon is, dat ik me leven begrijp. En dat ik op me kompjuuter kan voor me Bert.

Sensietief

Als me vrouw weg gaat voel ik wanneer ze gaat want ik ben sensietief. Dan komt de grote tas uit de kast en voel ik me eigen niet blij. Dan krijg ik moeilijke gevoelens, me buik doet rare geluiden maken. Alsof ik tonijn gegeten heb die van ze eigen te oud is. Dat is als me tonijn bejaard is, ik raak dan in een tonijndeepressie. Dan weet U wel van Uw eigen dat ik me hartje moet beschermen.

Hoedje

Maar ik krijg toch eten en ook knuffels want me peettantes komen voor ons zorgen. Me huispoes loesjetante Liesbeth en me tante Marian. In het begin ben ik dan wel op me hoedje. Maar als ze me blikje tonijn openmaken vind ik het best wel oké. Dan ren ik naar beneden en soms blijf ik dan met me nagels aan de trap hangen. Zo graag wil ik me tonijn. En ik vind het ook fijn dat me peettantes er zijn. Ik eet altijd goed want ik ben een maatje meer. Daar moet ik wel goed voor zorgen, dat ik me eigen blijf. Dat vind ik wel belangrijk.

Bofpoes

Me peettantes zijn heel lief en ze komen ook twee keer op me dag. We krijgen ontbijt en ook nog ander eten. Oooh soms is Zusje boos, zij vindt het nóg moeilijker. En ze heeft een keer in de bank geplast bij tante Liesbeth. Ik schrok er best van maar me tante ruimde alles op. Ik vond dat zo lief en ik voelde dankbaarheid. En ik gun me vrouw ook haar fakanzie en als me peettantes er niet waren kon ze niet gaan. Dat is best heel veel liefde vind ik wel. Daarom schrijf ik nu van me peettantes en ook omdat ik een bofpoes ben dat ik me peettantes heb. Want ook al zijn zij niet me vrouw, ik vind ze wel heel lief. Dan moet ik ze nu ook in een zonnetje zetten en zeggen dank je wel lieve tante Liesbeth en andere tante Marian.

veel liefs van

Loesje

Katrien: over mijn wolletjedeken en hoe ik die vond

wolletjesdeken

Ik ga het vandaag over mijn wolletjedeken hebben. Mijn superzachte deken die ik zo lief heb.

Kadootje

Mijn vrouw gaf zichzelf een keer een kadootje. Ze wou namelijk een lekkere deken voor haar om ermee op de bank te liggen. Nou, zij er eentje kopen. En ’s avonds ging ze er onder zitten en liggen op de bank. Ze zei dat het een superheerlijke deken was. Ze lag met de wolletjes onder. En boven lag het fliesgedeelte.

Tiesjirt

Ik lag naast haar op de bank. Ik vond het namelijk fijn om op een tiesjirt van haar te liggen die ze gedragen had. Dat rrrruikt zo lekker. Dan kroel ik en rol en draai ik er maar op. Zolang ik haar geur maar rook.

Wolletje

Maar goed… op een dag vergat ze het wolletjedeken op te bergen en toen rook ik er aan op de bank. Dat zag er koel uit. Het wolletjekant lag boven. Ik deed er een stapje op. Ooh dat voelde lekker. Een zo’n wolletje kwam tussen mijn teentjes. En het kriebelde zo fijn.
Ik stond helemaal te trillen. Zachtjes ging ik verder op de wolletjeskant stappen. Ik voelde me overgelukkig. En ik werd slapjes.
Ooooh, wat voelde dit fijn. Eerst ging ik rondjes draaien, want je wil toch het ultieme plekje hebben toch?
Toen vond ik het… ooh ja. Toen namik een beslissing. Die deken was vanaf nu van mij. Hoe durfde ze zo’n lekkere deken voor zichzelf te houden.
En toen zag zij het. (naar vrouw wijst)
Ohoh… ik deed alsof ik het niet zag. Ik hield me slapende. En toen kwam het.

– Trien? Mag ik mijn deken terug?
– Nee.
– Katrien?
– Nee.
– Ben je doof? Katrientje van Eeuwijk, geef mijn deken terug!
– Ga weg! Ik lig te slapen, hoor.

Ze probeerde zelfs om me van mijn net eerlijk ingepikte dekentje af te halen. Maar ik hield vast. Toen hoorde ik de woorden die ik in gedachten had. Laat maar. Alleen zei ze er ook snertkat achteraan.

Wasdag

Mijn deken nam zowat de hele bank in beslag. Dus gingen ze het opvouwen. Ooooh mijn zachte deken werd nog zachter. Om de dag kreeg ik een schone kant. Dat vinden ze prettig wolletjesdekenblijkbaar. Maakt mij helemaal niets uit hoor. Als ik mijn deken maar mag houden.
Tot we op wasdag kwamen. Euh… hallo? Waar moet ik nu op liggen?

Kwam ze potjandorie met een gedragen tiesjirt aanzetten. Ja daaaagg, weg ermee. Ik wil mijn wolletje.

Vinger

Toen kwamen ze op een brrrriljant iedee. Ze kochten er nog eentje bij. Ze gingen spesjaal voor mij naar het tuincentrum, in mijn geval tuincentrum Osdorp, en kochten er nog eentje. Om en nabij 20 euro, zeiden ze. Nou wisselen ze elke vrijdag van deken. En dan geniet ik, want ik vind het wasmiddel zo lekker rrruiken. Meestal hebben ze lavendelgeurtjes. Van die kleine flesjes.
Dan stop ik mijn neus diep in mijn wolletjedeken.
Het meest stomme is trouwens wel de wissel. Ze houden me vast. Want als ik zie dat ze ook maar één vinger uitsteken naar mijn wolletje spring ik snel er op. Als de schone er ligt ben ik net een kattapult. Ik neem een snoekduik en ik spring er op.
Maar ze moeten niet de moed hebben om die rare flieskant bovenop te leggen hoor.

Nou… ik hoop dat jullie het leuk vonden om weer wat van mij te weten.

Liefs en kusjes
Katrien. (lief prinsesjesdiefje van beroep)