In en uit de tas

in de tas  Er lag een tas in de huiskamer. Toch. De laatste keer vond ik zo’n tas heel erg eng maar ja dat was al best lang geleden.

Het was een grote tas van papier. Mijn vrouw had een winterjas gekocht. Dus daar was het van.

In de tas

“Bertje, wil je in de tas kijken?” vroeg ze. Ik wist waarom want ze wilde foto’s maken voor mijn Feesboek, ze had het fototoestel in haar handen. Als mediakater moet je af en toe een fotoshoot doen dat snap ik wel maar in een tas? Serieus?

Sneks

Ze ging naar de keuken en ik hoorde dat ze met een zakje ritselde. Zo’n zakje met sneks. Toen ze terug in de huiskamer was, legde ze partysneks in de tas. Met vis. Daar hou ik heel veel van maar wegens dat ik een sportdieet volg krijg ik die haast nooit meer.

Ik wist het even niet meer. De sneks lagen helemaal achterin de tas. Dus buiten pootbereik.

Trek

 Ik voelde dat ik zooon zin had in die sneks. Echt, opeens had ik lekkere trek,  mijn hele lichaam zei: eten, eten, eten.

Alleen lagen ze achterin die tas. En van vroeger van mijn straatleven weet ik nog dat als je ergens in gaat je helemaal niet vanzelf terug kan en je weet niet wat er dan allemaal gebeurt. Dus ik dacht doe ik niet. Maar ja, ik rook ze toch. Vis is superlekker. Maar een tas is eng.

Eten

 Het was echt alleen omdat mijn vrouw heel dicht bij me zat dat ik opeens wist ik doe het. Dus ik dook in elkaar zodat mijn buik bijna op de grond kwam en ik spande mijn staart en daar ging ik!

Ik voelde me heel gespannen. Want ik wist geeneens of ik in gevaar was en als je dat niet weet dan ben je in gevaar zo zie ik dat.

De sneks lagen achterin. Kraak hap weg. Hup naar achter, uit de tas, zo snel mogelijk.

Uit de tas

  Ik was blij dat mijn kop weer uit de tas was.  Dat voelt gewoon beter.

De sneks waren lekker maar eerlijk waar, ik eet ze liever van een bordje of van een krant voor het oer-gevoel.

Van mijn vrouw kreeg ik knuffels en ook complimenten dat ik nou gemakkelijker in de tas durfde want vroeger had ik dat nooit gedaan, en ik had dan toch meer zelfvertrouwen gekregen zei ze.

Ja, misschien wel. Maar ik had vroeger geen partysneks met vis.

Kater Bolle: wat ik thuis allemaal mag

wat ik mag Afgelopen week vertelde Bert dat hij muurkunst maakte, en dat dat gewoon mocht van zijn vrouw. Toen dacht ik: ik mag eigenlijk ook alles in huis van mijn mensen. Net als Bert.

Zuinig

Nou heb ik nog nooit kunst aan de muur gemaakt, maar wie weet komt dat nog. Ik heb ook nog nooit wat kapot gemaakt in huis. Ik ben door mijn verleden nog steeds best verlegen, en ik ben bovendien heel zuinig op mijn spulletjes.

Kurk

Ik slaap het liefst op mijn ronde krabding. Dat was het eerste dat speciaal en alleen voor mij was, en het is nog steeds mijn favoriet. Mijn mensen zeggen als ik erop lig altijd dat ik op mijn kurk lig.
Ik heb een kurk in de slaapkamer, en eentje in de woonkamer. Allebei zo’n drie jaar oud.
Maar ze zien er nog als nieuw uit want ik lig er op, maar ik krab er nooit aan.
Mijn vrouw heeft dat van dat krabben een keer voorgedaan (alsof ik niet zou weten hoe dat moet…) en daar schrok ik nogal van. Dat was namelijk absoluut niet de bedoeling! Ik ging razendsnel op mijn kurk zitten om te voorkomen dat ze het nog een keer deed.
Ik vond het geen manier van doen. Ik krab ook niet aan haar spullen, dus waarom zou ze dan aan mijn spullen krabben?
Gelukkig heeft ze het daarna nooit meer gedaan.

Badkamer

Ik mag in alle drie de kamers van ons huis komen, en ook in de badkamer. Daar snuffel ik altijd aan het doucheputje, want dat ruikt zo bijzonder.
Toen ik hier net woonde heb ik een keer precies naast de wc geplast, omdat ik dacht dat dat zo hoorde, en om aan te geven dat de badkamer van ons allemaal is.

Ik mag overal op of onder of achter. Maar dat doe ik niet, want waarom zou ik ergens onder of achter kruipen? Zo ben ik nou eenmaal niet.
Als een kast open is, ga ik er ook niet in kijken. Want het zal wel, zo’n kast. Dat interesseert me niet.

Deur

Ik heb een eigen deurtje, speciaal voor katten, en ik mag altijd naar buiten en naar binnen. Behalve met oud en nieuw, omdat het dan zo knalt. Maar dan wíl ik geeneens naar buiten, want dat vind ik veel te eng.
Als het koud is of het regent, ga ik ook niet naar buiten. Want ik houd niet van kou, en al helemáál niet van regen en natte voeten.
Ik mag met modderpootjes naar binnen komen lopen, over de net gedweilde tegels.En dan laat ik overal kleine zwarte pootafdrukjes achter, ook al denk ik dat mijn mensen dat niet altijd leuk vinden. Maar ja, ik kan nou eenmaal niet vliegen.

Op bed

Ik heb altijd brokjes staan, want dat vind ik prettig. Ik eet ze nooit, want het zijn geen lekkere brokjes, maar ik weet dat het zou kunnen als ik honger heb.
Soms krijg ik brokjes op bed, dat vind ik heel gezellig.
Dan lig ik op bed terwijl mijn man of vrouw naast me ligt en me steeds één brokje geeft. Deftig hè?!

Ik mag dus op bed, ik mag op de bank, ik mag op de stoelen klimmen. Doe ik niet, teveel moeite. Maar het mag.
Toen ik een beetje last van mijn maag had en steeds moest overgeven, mocht ik toch op bed.
Nadat mijn vrouw het bed twee keer op een avond verschoond had, legde ze handdoeken neer op bed. Ze zei dat dat praktischer was. Geen idee wat dat is, maar Ik vond het lekker aanvoelen en ging er op liggen slapen.
Toen moest ik weer overgeven. Het lukte me maar net om naast de handdoeken te spugen. Dus gelukkig bleven mijn handdoeken schoon! Want in je eigen bed overgeven is vies.

Veer

Ik heb ook mijn eigen rode kleedje, waarop ik altijd met de veer speel.
Ik heb er denk ik wel tien keer op overgegeven. Waarom ik dat op dat kleedje doe, weet ik eigenlijk niet precies. Maar het hoort nou eenmaal zo.
Mijn vrouw heeft het kleedje een keer weggehaald, omdat ze het een vies ding vind. Mijn man en ik waren het er niet mee eens, maar ja, ze haalde toch het kleedje weg.
Toen weigerde ik te spelen tot ik mijn kleedje weer terug had. Mijn man zei tegen mijn vrouw zie je nou wel? Daarom heeft mijn vrouw het een paar dagen volgehouden.
Maar toen kwam mijn kleedje gelukkig terug. En nu mag het altijd blijven.

Makkelijk

Ik mag dus alles van mijn mensen.
Maar eerlijk is eerlijk: mijn mensen mogen van mij ook alles.
Ze mogen op de bank, ze mogen in bed slapen, ze mogen op de stoelen zitten, ze mogen overal komen en ze mogen eten waar en wanneer en wat ze willen. Vind ik allemaal prima. Want zij wonen hier tenslotte ook.
Het huis is van ons drieën.
En ze kunnen gaan en staan waar ze willen, want zij hebben een eigen deur. Daar bemoei ik me niet mee.
De tuin delen we, alleen komen mijn mensen niet op het dak van het schuurtje en ik wel. Maar dat is een kwestie van smaak.
Dus ik ben best makkelijk wat dat betreft. Ik wil mijn mensen ook niet teveel verbieden.
Maar mijn kurk is van mij.

interview met Loesje: de medietaazie kurzus komt eraan

meditatie cursus
Dit is een lig-oefening

Loesje gaat een kurzus geven aan iedereen. Over rustig zijn. En hoe dat moet. Meeditaasie het dat.  Ik vroeg haar om een interview!!

 

Loesje wat spannend een kurzus wat ga je doen?
Me kurzus gaat over me meeditaasie. Mensen vragen me steeds hoe ik dat toch doe met me eigen? Daarom heb ik nu me meedietaasie gemaakt voor iedereen om het te leren. Het is een kurzus van drie dagen, ik doe het iedereen leren in kleine stapjes want dat is makkelijker. Alle drie dagen samen heb je nodig om tot me meedietaasie te komen. En ik doe ook aan koeling douwn en ik geef ook tips. Dat is ook belangrijk.

Het klinkt heel serieus. En wat leer je dan allemaal Loes?
Als je me kurzus gedaan heb kan je meedieteere. Dan kan je de baasis en kun je meer rielekst zijn en je kop voelt beter. Het is wel belangrijk om veel te oefenen want dan gaat het makkelijker. En je kan ook beter slaape en iets van de konsentraaatie. Maar dat moet ik nog opzoeken.

Voor mensen en voor dieren

Ik leg alles uit

Het klinkt moeilijk. Ik weet niet of ik het kan.
Me kurzus is voor mensen en ook voor de dieren. Iedereen kan meedoen van ze eigen. Ook angstige dieren of mensen, of iemand die heel druk is van ze eigen.
Het is niet moeilijk want het is me baasiskurzus. Bert ik weet dat jij ook mee wil doen en de vrouw ook. Daarom is het makkelijk, iedereen kan me meeditaasie leren. En me vrouw heb footoos gemaakt van me eigen in akzie. Dan kan iedereen zien hoe het moet.

O dan durf ik het wel. Hoe heb jij dat van de meeditasie geleerd?
Het is van vroeger Bert. Toen ik nog bij me 9 andere katten woonde in één huis. Ik was de kleinste en ik ben bescheiden. Ik was ook verlegen en ik durfde niets. Ik voelde mij eigen niet veilig. Toen is het begonnen Bert. Dat ik stilte zocht in me eigen. Dan voelde ik me rustiger in me kop en was het makkelijker.
Nu doe ik het bijna iedere dag want dan voel ik me eigen zen. Dan ben ik rustig in me kop. Soms ga ik ook diep in me eigen, dan doe ik soolsursjing.  En ik kan ook beter wachten op me tonijn, maar dat vind ik nog wel moeilijk.

Iedereen kan meedoen

Wanneer is het en hoe kun je meedoen?
Me kurzus is op 31 oktober en op 1 en 2 november en komt op jouw website Bert. Dan kan iedereen die geen Feesboek heb zoals jouw vriend Bolle, ook meedoen.
En me kurzus komt ook op me eigen Feesboek en is is graatis. Je kan het gewoon thuis doen, dat is het fijnste. In de ochtend doe ik ook vragen beantwoorden, in de middag moet ik slaape want het is ook vermoeiend voor mij eigen.
Ik hoop dat iedereen mee wil doen.
En ik vind het ook spannend Bert want het is me eerste kurzus.

Liefs van Loesje

Meedoen:

woensdag 31 oktober
donderdag 1 november
vrijdag 2 november
Waar: Feesboekpagina Loesje en deze website
Hoe laat:  ’s morgens tussen 10 en 12 uur  dat is met vragen stellen erbij

Het is helemaal gratis.

Loesje vertelt: over me uiterlijk 

uiterlijk

Soms vragen mensen hoe ik denk over me uiterlijk. Over hoe ik eruit zie. En of ik me uiterlijk belangrijk vind?

Ik moest er goed over nadenken want ik ga nu ook me kurzus geven. Moet ik dan een mooi uiterlijk hebben? Ik ben toen langs de spiegel van me vrouw gelopen. Dat doe ik anders nooit maar hoe kan ik anders naar me eigen kijken? Ik denk ik moet erover schrijven want het is  belangrijk.

Me binnenste

Me uiterlijk is me buitenkant, me vacht, me rondingen. Ik wist niet wat ik ervan moest denken. Ik zeg U eerlijk, ik ben meer een poes van me binnenste. Van me emozies en van eten. Ik werk altijd hard om me binnenste gevuld te krijgen. Dat doe ik met me tonijn, garnaale en zalm. Maar soms ook met forel of witte vis, als me vrouw niks anders heb. Zo krijg ik wel een mooier uiterlijk want me rondingen groeien dan van ze eigen.

In sjok

Maar ik heb ook een trouwma, ik vind het best moeilijk om te vertellen. Er was een vreemde man in huis, die kwam iets maken voor me vrouw. Het was een monteur. Hij zag me en zei tegen me vrouw dat ik een hele dikke poes was! Toen heb ik op één dag de hele viswinkel naar binnen gewerkt. En me vrouw heb de monteur buiten gezet!
Ik was in sjok!

Onzichtbaar

uiterlijkVroeger was ik nooit met me uiterlijk bezig. Ik was mager en niet me eigen. Ik was onzeker en ik zeg U eerlijk. Ik dacht dat ik geen uiterlijk had. Ik was onzichtbaar.
Maar me vrouw zei dat iedereen een uiterlijk heb van ze eigen. Ik had geen idee. Ik had geen verkering dus ik dacht waarom moet ik dan een uiterlijk hebben? Ik was ook nog niet me eigen aan het ontplooien. Ik hoefde nog niet zo nodig. Ik moest nog Loes worden. Ik wil ook toegeven, ik vond tonijn belangrijker. En garnaaale ook.

Kurvie

Toen zag ik Me Bert op Feesboek. Ik voelde iets gebeuren in me buik. Dat ik mooi wilde zijn van me eigen, dat Bert me knap zou vinden. Ik ging meer eten want persoonlijk vind ik een maatje meer wel fijn. Dat ik mooi rond ben, een echte kurvie poezedame. Ik heb een volle, dikke vacht. Dat is me eigen bontjas.
Ik liep weer langs me spiegel, maar ik durfde niet goed te kijken. Ik wilde op Feesboek gaan maar daar heb iedereen ze mening. Oooh ik was onzeker.
Moest ik aan de poezebootoks? Moest ik plasties sjirurgie? Ik wilde het niet, ik wilde alleen maar me eigen zijn.

Ajsepteere

Me Bert vindt me mooi, dat is voor mij belangrijk. Als je verkering heb wil je er toch goed uitzien van je buitenkant. Hij leerde mij me eigen te aksepteere. Dat ik goed ben zoals ik eruit zie, met me dikke vacht, me baard en me bek. En me Bert zegt ook, Loes ik vind het belangrijk hoe je er van binnen uitziet. Me Bert is wijs. Hij weet waar het om gaat. Dat je lief en aardig bent en dat je genoeg te eten krijgt.
Ik vind van binnen ook belangrijk. Dat je gelukkig bent en niet onzeker. Ik vind, ieder heb ze eigen uiterlijk en ze buitenkant. Dat is altijd goed.
Als ik nu langs me spiegel loop zie ik me eigen pas echt. Dan zie ik me ogen en me ziel. Ik zie Loes, me binnenste die me buitenste mooi maakt…
Ik voel me eigen rijk…

Loesje

Twee stapjes verder en toch weer terug

op schoot “Toe dan Bertje,” zei mijn vrouw. “Kom op schoot.” Ze keek me aan en ik voelde dat ze het graag wilde.  Ik stond op de bank. Zij zat ernaast met een speciaal dekentje op schoot.

“Bertje?” vroeg ze. Ik keek nog eens.

Aarzelen

Al sinds ik hier ben, ga ik niet op schoot. Dat is dus langer dan drie jaar. In het asiel deed ik het soms wel, even, en dan ging ik weer van schoot af. Maar als je samenwoont en het wordt steeds gevraagd, ja dan ga je toch aarzelen.

Ik wel.

Stap

Gisteren dus was zo’n moment. Ik voelde gewoon hoe graag ze het wilde en dat trok me naar haar toe. Ze klopte op haar schoot, ik bedoel op het dekentje en voor ik het wist, zette ik mijn twee voorpoten op de bank.

Ze keek blij. Daar kreeg ik het een beetje benauwd van, eerlijk is eerlijk. Straks kon ik niet meer weg en je moet weg kunnen, altijd, dat heb ik vroeger op straat geleerd.
Daarom bleef ik gewoon staan waar ik stond en ik deed niks.

Naam

Toen zei ze mijn naam op die hele zachte speciale manier waar ik niet tegen kan. Zij kan er niet tegen als ik mijn kop scheef hou en een piepmiauw doe, nou en ik kan er niet tegen als ze op die manier praat.
Dus ik zette mijn linkerpoot op haar schoot.
Daarna zette ik mijn rechterpoot erbij.

En toen dacht ik opeens: waar ben ik mee bezig? Ik stapte meteen terug naar achteren en zo kwam ik weer op de bank terecht, nou gelukkig maar.

Aaien

Ik kreeg knuffels en ze zei dat ik dapper was geweest en dat het er misschien nog weleens van kwam, misschien morgen al over over twintig jaar of helemaal nooit en dan was alles nog steeds helemaal goed tussen ons.

Daarna moest ik wel gaan slapen. Voor mij was dit best spannend geweest.