Bram en zijn blog 100 en een cadeau

Lieve allemaal, vorige week was mijn kop nog zwaar en vertelde ik dat ik ook een denkstruik heb naast dat ik een denksteen heb. Nu ben ik weer helemaal opgeladen en voel ik me kei goed. Het is vandaag een speesjaale dag en daar ga ik over praten.

blog 100Het is al best een tijdje geleden en in mijn vorige blog heb ik aan jullie gevraagd of dat jullie misschien geteld hebben hoeveel bloggen ik nou geschreven heb.

Trakteren

Niet schrikken he, maar het zijn er nu honderd! Dat is echt kei meega veel. Ik wist niet eens dat ik al zoveel bloggen gemaakt heb. Dat wil zeggen dat ik al honderd afontuure heb meegemaakt. Voordat ik dees blog ging maken bedacht ik me iets. Als je jarig bent of als je iets speesjaals hebt, dan mag je soms trakteren. Dat is wanneer je zelf kleine cadeautjes uitdeelt om iets te vieren. Ik meelde Bertje meteen met de fraag, ‘zal ik ook trakteren?’ Eigenlijk wist ik al wat ik wilde. Een tweede eeboek maar dan over dat ik al kei lang blog. Bertje vond het ook meteen een goed idee. Toen kwamen er ineens kei veel fraage in mij kop. Want hoe zat het ook alweer met het schrijven van een eeboek. En welke blogs ga ik gebruiken maar ook of er foto’s bij horen. Ik heb met Bertje wat heen en weer gemeeld met al dees fraage want Bertje is kei erfaren! Bertje vertelde me dat er foto’s bij horen en dat ik best grote foto’s mag gebruiken. En dat het misschien mooi is om een soort van top tien te maken.

Bezig

Nou, die iedeejen heb ik gebruikt en ben ik best even bezig geweest achter de peecee. Mijn vrouw heeft me wel geholpen want sommige dingen waren een beetje moeilijk. Ik wist niet meer hoe je een foto in een eeboek moet zetten. Maar ook dat ik alle pagina’s een cijfer geef zodat je weet op welke bladzijde je bent. Dat is handig als je een andere keer verder wilt lezen. Dan onthou je gewoon het cijfer wat op de pagina staat en dan kan je daar de volgende keer naar terug. Zo mis je niks.

Hendikep

Dan wil ik het graag even hebben over welke blogs ik voor het eeboek gekozen heb. Dat is met een reden. Misschien weet je dit al of niet maar er is ook een eerste eeboek van mij. Het heet het leven met een hendikep door Bram. In dit eeboek vertel ik over wie ik ben en hoe mijn leven is met een hendikep. Ik heb dus maar één oog en in dat eeboek vertel ik hoe dat is. Omdat ik met een hendikep best veel kan, dus ook bloggen, dacht ik aan gefoelige onderwerpen voor mijn tweede eeboek. Een bloggende katermans met één oog kan best veel meemaken. Ik heb voor jullie tien verschillende bloggen uitgezocht voor het eeboek waarvan er misschien nog iets onzekers over hangt. Dat je denkt ‘als Bram dat kan, dan kan ik het ook’ of ‘ik durf het nog niet helemaal’ . Dat kan allebei. Dees bloggen gaan daarover.

De allereerste blog in dit eeboek, is ook de echte allereerste blog. Dat heb ik zo speesjaal gedaan omdat het de start is van kei veel bloggen. Toen was ik nog helemaal niet aan het bloggen. Ik wist niet eens wat bloggen was tot dat Bertje het aan me vroeg. Daarna leerde ik het kei snel wat bloggen is en wat je allemaal kunt zeggen. Het zijn afontuuren maar ook wel eens wat je denkt of voelt. Het is van alles eigenlijk een beetje. Wat je hobbies zijn en hoe je dagelijkse leven is. Wat je lekker vind van sneks of waar je het liefst dutjes doet. Het is echt kei veel.

Reejakzies

Allereerst wil ik jullie bedanken dat jullie altijd op de blog komen. Er zijn altijd kei liefe reejakzies. Dat doet me als katermans heel goed. Dan weet ik van ‘Bram, je vertelt fijne dingen’. Soms zijn er ferdrietige dingen maar dat hoort er ook bij. Alles is leven en leven kan bloggen.

Mijn tweede

Het is van mij en Bertje, voor jullie. Mijn tweede eeboek: Van blogger tot mienister.
Ik hoop dat jullie het een mooie eeboek vinden. Het is gratis en je kan hem gewoon dauwnlooden. klik hier en dan komt het!!

Er zitten ook kei mooie foto’s in. Heel fijn wiekent, ik tetter mee voor vreede, swaai naar de sterre vanavond en geef iedereen een super zacht kopje. Tot de volgende blog!

Bram

Waarom ik soms gewoon van de krant eet

krantThuis krijg ik mijn eete altijd op een bordje. Het is antiek, zegt mijn vrouw en dan kijkt ze of ze een kopje van mij heeft verdiend. Maar ik denk dan zet het bordje nou neer ik heb trek.

Bordje

Op Feesboek komt er soms een foto van mij dat ik dan van zoon antiek bordje eet. En dan gaan andere vrouwen roepen van wat een mooi bordje.
Dan weet ik het weer: bordjes dat is een dingetje van vrouwen, want eerlijk waar mij maakt het niks uit.
Ik eet liefer van de krant.

Oer

Als ik van de krant eet, dan foelt dat een beetje oer. Wegens dat ik dan heb gejaagd in de jungle en dan eet ik mijn prooi op net waar ik toefallig ben en sta, zo is dat in de natuur en dat foel ik dan. Dat ik een katerman ben die wat kan en doet en die soms ook best gefaarlijk is.
Zo ben ik.
Ik moet foelen dat ik ook best gefaarlijk kan zijn, behalve dat ik een knuffelkaterman ben die het liefste op zijn buik zachte kriebels krijgt.

Saame

Toen ik nog op straat moest leefe, at ik waar ik maar te eete kreeg, alles telt dan mee en ik had een paar adresjes anders had ik het nooit gered. Dan denk je als katerman zijnde niet na over bordjes of hoe je eet en waarom dat is. Dan eet je om te oferleefe en dat deed ik. Toen kwam ik in het asiel en wegens ziekte kreeg ik ekstra gezond eete en toen ik klaar was om naar een huis te gaan, kreeg ik gewoon eete en ik weet geeneens meer hoe zo lang is het al geleden.
Nou en toen kwam ik hier.
Ik kreeg allemaal spullen helemaal voor mezelf, dekentjes en speelgoed en sneks en toen kwamen de bordjes ook. Dus ik snap wel waarom mijn vrouw mij dan op de footoo zet, het is wegens het saame zijn en zij snapt van mij ook dat ik soms gewoon graag van de krant eet. En dat mag dan ook, dat is ook saame zijn.

Loesje vertelt over iets leuks foor Paase

PaaseLieve allemaal hier ben ik weer van mij eigen en vandaag zeg ik eerst dank u wel. Iedereen heb zofeel lief ge-ree-a-geer op onse Fiel-goedkaart.

Mij Bert zeg Loes jij kan het foele in jou hart, Iedereen heb het nu noodig. En daar zeg mij Bert heel feel waare dinge. Wij heb lieve vriendjes ferloore en leefe is moeiluk weeges gedoe in Ruusieland. Dan wil jij troos en jou week goed beginne. Assie jou week Fiel-goed begin heb jij meer enersjie. En u heb onse boodschap begreepe en omarm met u hart. Iedere maandag heb nu ze ferrassing en ze poosietieve boodschap. Mij vrouw zeg Loes daar kan jij wat mee en deze keer heb zij wel gelijk.

Promoozie

Maar er is meer waar ik ofer wil fertelle. U weet van mij eigen ben ik Moeder van alle Sterre en zoies breng ze feranwoordelukheid met ze eigen mee. Als wij Prinsjesdag heb, dan heb wij alteit onse Groote Hoedjessjoow. Dan ga wij allemaal swaaie naar onse Sterrevriendjes. Maar zoies kom nie van ze eigen. Assie Moeder ben van alle Sterre ben jij hier bijna jou heele jaar mee beesig. Mij Doorie zeg Mahammmm het is pas april. Maar assie jou jeug van teegeswoordig nie mootiefeer dan kom er van onse Hoedjessjoow niks nie terecht. Jij moet aa-lert blijfe en aktief. Jij moet alles bijhouwe en niewe hoedjes maake. Maar jij moet ook promoozie maake. Anders kan jij jou hoedjes net zo goed aan jou kaapstok hange. Dat moetie nie wille!

Achter mij scherm

PaaseDaarom zijn mij Doorie en ik van mij eigen alweer onse tijd beesig achter mij scherm. Mij Doorie zeg Mahammmm doe Uwes het nou fertelle? Jou jeug van teegeswoordig heb nie zofeel van ze geduld. Selluf denk ik wel, dit is onse mooment. U weet deze maand is Paase en het is met ei en sjookoolaa. Maar het is ook onse start van onse promoozie. Ieder jaar doe mij Doorie en ik van mij eigen onse Paas-Hoedjessjoow. Deze is heel feel klein begonne met Prinses Katrientje, Milla, Kyana en mij eigen. Mij Doorie was nog nie geboore van ze eigen, zofeel klein was hij toen. Wij dee onse Hoedjesmoodesjoow en het was foor onse plesier. Assie plesier heb ga jij naa denke en van jou een kan jou andere koome.
Nu sjoow wij iedere jaar met Paase niewe, mooderne Paashoedjes. Nu heb mij Bert mij eigen een niewe woord van letters geleerd. Ik doe het u nu fertelle assie op wil lette. Het is onse opmaat foor onse groote Hoedjessjoow. Selluf vin ik het wel heel feel mooi: Opmaat. Assie mij eigen een beetje ken dan weet u, Loes is fen van maatjes. Bij foorkeur Maatjes meer!

Mij erfaring

Maar onse Paas-Hoedjessjoow is als wij Paase heb. En nu kom iets speesiejaal. Mij Bert heb van onse promooziefootoos zoies mooi gemaak. Hij heb er ze film van gemaak en die kom zondag onlijn op onse Feesboek. Daar kan u alles op leese van onse sjoow. Mij Doorie zeg Mahammmm Uwes moet op diejeet anners pas Uwes nie op onse film. Maar zofeel onsin kan jij alleen ferwachte van jou jeug van teegeswoordig. Paase is nie foor diejeet want waar moet jij dan met jou ei naar toe? En ik doe u nu al fertelle, wij heb ook speesiejaale ei en het is geen Oomelet. Ferder doe ik niks nie ferklappe want jij wil ook nie met jou ei fóór Paase koome.
Assie seeniejorpoes ben dan weet jij, alles op ze tijd. Zondag onse film van Promoozie en assie Paase heb onse Paas-Hoedjessjoow. Gelukkig heb mij visboer mij ferse makkareele gebracht want op jou leege buik kan jij nie leefe. Hij zeg Loes ik ferkoop geen ei! Selluf weet ik, jij kannie alles ferkoope. Maar mij erfaring is, Paase kom alteit foor Pinkserre en jou ei hoor erbij.

Hoop dattie zondag wil kijke naar onse promooziefilm. Het is op mij Doorie en mij eigen Feesboek en het kom om ongeveer tien uur,

Dank u wel

Loesje

Verhalen uit de oude doos: Hoe Grote Beer Grote Beer werd

Mijn eerste kattenliefde was Beer.

Op een dag zag ik een rode kat door onze tuin zag lopen. Dat was de eerste keer dat me een kat echt opviel. Ik was toen namelijk nogal bang voor katten, en vond ze ook niet leuk (dacht ik). Ik was honden gewend.
Ik maakte een klikgeluidje met mijn tong in de richting van de rode kat en hij kwam aanlopen. Ik durfde hem niet te aaien (want ik verwachtte dat hij meteen zou gaan krabben…) dus ik praatte tegen hem. Hij luisterde en bleef een tijdje in de tuin zitten.
De volgende dag kwam hij weer. Ik zat te lezen op een stoel, en hij ging voor me op de tegels liggen. Na een tijdje draaide hij zich op zijn rug en viel zo in slaap.
Ik was meteen helemaal weg van hem. Of haar? Dat wist ik niet.

Tuinvriend

Grote BeerVanaf die dag kwam de kat vaker. Ik aaide hem nooit, maar speelde met hem. Met takjes en lege slakkenhuisjes en van alles wat in de tuin lag. Hij was mijn tuinvriend.
Hij kwam ook bij onze oude buren. Die voerden alle katten in de buurt. “Roodje” zoals ze hem noemden, kwam elke dag wat brokjes halen. Maar waar hij woonde wisten zij niet, en wij ook niet.

Ineens bleef de kat dagenlang weg. Ik was meteen in paniek, want ik voelde dat het niet klopte. Er was iets mis. Maar ja, wat kon ik doen?
Nadat hij twee dagen niet langs was geweest hing er op alle voordeuren in de straat een pamfletje. Pino van het restaurant om de hoek werd vermist. Met een foto van Roodje erbij.

Na een dag of vijf stond Pino ineens weer bij ons voor de achterdeur! Hij stond echt te springen en te dribbelen van enthousiasme en ik liet hem voor het eerst binnen. In de woonkamer ging hij meteen over de vloer liggen rollen van blijdschap.
Waarschijnlijk had hij ergens in een schuurtje opgesloten gezeten. Hij stonk vreselijk, naar kattenpies en stof en schimmel.
Hij bleek al bij de buurvrouw te zijn geweest en had daar zijn buikje rond gegeten.
Ik ben meteen naar het restaurant geweest, om te vertellen dat hij terecht was.
Hij was daar nog niet geweest. Maar nu wisten ze dat hij veilig en gezond was.

Met Pop

In de tussentijd was Pop bij ons komen wonen. Mijn tweede grote liefde. Al onze katten zijn mijn grote liefdes, trouwens. En ik heb ze allemaal even lief.
Maar goed, we hadden dus een kattenluikje.
Pop en Pino waren dikke vrienden, vanaf het begin. De eerste keer dat Pop Pino in de tuin zag viel zijn bekkie wijdopen. Van verbazing of van bewondering? Hoe dan ook liep hij Pino meteen achterna, en liet hem niet meer met rust als hij hier in de tuin was

Grote BeerPino kwam bijna elke nacht naar binnen, om op onze bank te slapen.
Het restaurant ging om elf uur in de avond dicht, en meestal zagen we hem dan zo rond half twaalf verschijnen. De hele nacht sliep hij op de bank, vaak samen met Pop.
Rond drie uur in de middag vertrok hij weer richting restaurant, dat dan open ging.

Pino wilde liever niet geaaid worden. Hij deed niks als je het probeerde, maar het was duidelijk dat hij er niks aan vond. Een aai over zijn kop vond hij prima, maar meer hoefde niet. Als je dat toch deed ging hij een soort van kwaken. MRAAK MRAAK MRAAK, steeds harder en steeds bozer. Hilarisch om te horen.
Soms zeiden we voor de grap “ Zullen we je eens aaien?!” terwijl we op hem afliepen met een uitgestoken hand. Dan dribbelde hij al kwakend snel voor ons weg.
Daarom lieten we hem zoveel mogelijk met rust, maar we praatten altijd wel tegen hem.

Ik had inmiddels bij het restaurant gezegd dat als het ooit zo uitkwam, wij Pino heel graag erbij wilden hebben. Dat hij en Pop dol op elkaar waren, en dat Pino vaak bij ons langs kwam.
Maar om eerlijk te zijn WIST ik gewoon dat Pino bij mij hoorde. Dat hij ooit bij ons zou komen. Dat kon gewoon niet anders. Daar heb ik altijd op vertrouwd.

Grote Beer

Maanden gingen zo voorbij. Tot Pino ineens ‘s nachts bij ons in bed klom, en helemaal tegen ons aankroop.
We waren helemaal in paniek. Waarom gedroeg hij zich zo vreemd? Waarom wilde hij ineens steeds bij ons zijn? Was dit zijn manier van afscheid nemen?
Grote BeerToen ik de vrouw van het restaurant sprak zei ze dat Pino niet meer naar binnen mocht komen. Er waren klachten geweest van klanten, dat er een kat in het restaurant was.
Dus mocht hij van de ene op de andere dag ineens niet meer de ruimte in waar hij al jaren woonde. Terwijl hij zijn mensen (…) gewoon zag lopen!
Logisch dat hij zo aanhankelijk was naar ons, hij voelde zich in de steek gelaten en zocht steun.

Nog een paar maanden later ging het restaurant dicht, en werden wij op de laatste (!!) avond opgebeld dat we Pino konden ophalen.
Ik moet er niet aan denken dat we niet thuis waren geweest, op dat we op vakantie waren…
Na een moeilijke start, waarin hij ziek werd van verdriet omdat zijn vorige mensen weg waren, en ik hem met de hand brokje voor brokje heb moeten voeren, vond hij rust bij ons. Hij leerde knuffelen, durfde te spelen en zorgde voor zijn onbesuisde broertje Pop. Hij en Pop zetten het huis op stelten, voordat Mol erbij kwam. Want zoals ik vorige keer vertelde, mocht er toen niet veel meer, haha!
Ze klonken soms als een kudde olifanten, die twee. Elke dag stoeiden ze samen, gingen samen op stap en sliepen samen op de bank of op bed. Ze gingen op ontdekkingsreis naar leegstaande schuurtjes, renovatiepanden en nog veel meer dat wij (gelukkig!) niet wisten. Anders hadden we geen oog dicht gedaan.

Grote BeerVerliefd

Wij hebben gelukkig nog jaren mogen genieten van een geweldige, slimme, zachtaardige, levenswijze rode kater. De ultieme rode kater.
Zo’n kat heet geen Pino. Zo’n kat heet Grote Beer.
Onze Grote Beer.

Ik ben benieuwd naar de verhalen van anderen, hoe je voor het eerst “verliefd” werd op een kat. En of je katten altijd al leuk vond, of juist niet.

Mevrouw Kever

Minnie over drinken, eete en waken

wakenHoi poezen en katers en alle andere dierenvriendjes. Het is weer Minnie dinsdag. Pak een brokje, drink een slokje en lees gezellig mee.

Drinken

Oofer een slokje gesproken. Ik heb verschillende manier om water te drinken of te slobberen. Naast mijn brokjesbakje staat een waterbakje. Dat is altijd fijn dat als je een paar brokjes hebt gegeten dat je dan ook eefe een slokje water kan drinken. In de gang wakenstaat ook een waterbak. Daar drink ik graag uit als ik de trap op en af gereesd heb. Of als ik net op de bak ben geweest. Want die staat daar in de buurt. Nou zijn er dus ook andere manieren om aan je slokje water te komen. Uit een vaas met bloemen bijfoorbeeld. Maar die is hier niet vaak. Waar er hier wel een paar van zijn, zijn kranen. Dat zijn zilveren dingen waar water uit kan koome. Je mens moet je daar wel bij helpen. Want ze staan niet uit zichzelf aan. Als ze aan gaan dan doet zo’n kraan drup drup drup. Nou en daar ga je dan met je bekkie met uitgestoken tongetje onder hangen. En dan lekker drinken maar. In de mensenbak zit ook water. Maar dat ruikt fies bah dusse mooi niet dat deese poes daar uit gaat drinken. Elke aafond krijg ik ook water door mijn natvoer heen. Ikke noem dat daarom nou natvoersoep.

Eete

Oofer het krijgen van natvoer als dienee gesproken. Hebben jullie dat thuis ook dat dat soms en eigenlijk ook wel best vaak zooooo lang duurt voordat je dat krijgt? Ik bedoel als ik er trek in heb moet ik dat toch gewoon krijgen? En ikke weet heus wel wat dienee is hoor. Dat is geen onbeit en ook geen luns. Maar dat is je eete wat je als de aafond begint krijgt. Nou en soms vind ik dat het om 16:30 al aafond is. Dus dan ga ik naast Frau zitten of bij haar in de buurt op de grond. Met mijn staartje netjes om mijn lichaam heen. En dan ga ik haar heel indringend aankijken. Dat heeft ze niet altijd meteen door. Dus dan zit ik maar te wachten en te wachten en te wachten. Soms moet ze dan lachen. Zeg dan gewoon Miauw Min, dan weet ik dat je wat wilt. Tsja. Daar moet ik eefe oofer nadenken of dat wel zo werkt. Ik heb niet zo’n denkpaal als Loesje om dat op te doen. Maar wel een mooi kussen op de eettafel. Binnenkort hier maar eens goed oofer na gaan denken. Word ik nog eens een fieloosoofies poesje zo op mijn oude dag miauwhihi.

wakenWaken

Ik heb ook een taak in huis die topsiekret is. En dat is waakkat. Stt niet verder miauwen hoor. Ikke hou elke dag alles suuperpresies in de gaate. En als ik ook maar een klein geluidje hoor dan spits ik meteen mijn mooie poezelige oortjes. Oogjes wijd open en goed opletten is het dan. En als ik het echt niet furrtrouw dan ga ik alvast met nageltjes uit zitten. Klaar om in de aanval te gaan. Wat ook goed helpt is keihard mauwen. Miew miauw maaauw! Ja, ik ben een heel goede waakkat hoor en ik bescherm mijn huisje en Frau met poot en tand.
Nou dit was het weer voor deese keer. Kopjes aan iedereen!

Poot, Minnie