Loesje vertelt over: assie ga opfoede…

Loesje

Voorige week kreeg mij hart ze heele biesondere kaado en het was van mij beebiejonge, mij Dorus. Ik zeg u eerlijk, jij weet niet wat jou overkom.

Kaado

Mij beebie Dorus kom net kijke en hij denk al aan ze MammaLoesje. Hebbie ze spaarspot omgekieperd en hebbie mij lekkerste tonijn gekocht en mij sneks. Hebbie ook nog reekening gehouwe met mij eene tand, dattie nie breek assie te gulzig in mij snek bijt. Dan denk jij dattie al genoeg verwen ben maar jij heb jou mooiste gebaar nog niet gezien.
Hebbie ze hart in mij kaado gestopt, dattie mij ze best mom van ze weereld vin. Dan ben jij stil. Dan voel jij jou traan uit jou hart rolle. Jij ben spraakloos. Jij voel jou brok in jou keel en het is geen tonijn. Het is van van jou onroering.
Hebbie dan toch iets goed gedaan in jou opfoeding? Jij durf het bijna niet te denke van jou eigen.

Leevestaak

Soms ben jij toch onzeeker van jou opfoede. Ben jij nie te streng? Streng zijn vind ik moeilijk maar assie jou bloed onder jou naagel weghaale, dan moet jij wel. Jij leer ook andere stukke van jou eigen kenne, jij krijg jou enorme konfrontazie. Jij moet er veel voor doen voor jou beebie.
MammaLoesje ben jij niet somaar. Van me eigen ben ik het wel want assie Loesje heet van jou naam dan wordt jij MammaLoesje. Toen mij hartjesdinnetje Prinses Katrientje over ze Regenboogbrug ging heb ik mij nieuwe leevestaak op mij eigen genoome. Mij zorg voor mij twee beebiejonges.
Jij kan jou leeve niet nutteloos foorbij laate gaan. Assie jou taak krijg van jou leeve dan moet jij er staan. Ik zeg u eerlijk, van me eigen geef ik niks om staan. Ik lig ik liever maar jij heb geen keus.

Ermee dielen

U weet mij beebiePoopei ging over ze Regenboogbrug. Jou word niks gefraag, jij moet er maar mee diele. Mij beebieDoor bleef alleen achter bij mij soolfamielie. Toen heb ik wel mij rug recht gezet en mij taak als opfoeder seeriejeus genoome. Als poes kan jij jou beebie dinge leere die noodsaakelijk zijn, bijfoorbeeld dattie sindeluk wordt. Dattie er straks wel ergens mee kan aankoome.
Jij kan jou beebie niet aan ze eigen lot oferlaate, dan kom er niks van terecht. Jou beebie groei op met ze galg aan ze rad. Straks worrie kriemieneel…

Diegietaal

Van me eigen heb ik geen kurzus gevolg hoe dattie ga opfoede. Jij kan teegewoordig oferal jou kurzus voor volge maar hebbie dan erfaring? Jij krijg er geen garanzie bij dat jou beebie dan opgroei tot ze poes of kater met ze eigen beschaafing. Mij Bert heb beschaafing, hij heb maniere en hij heb ze eigen meening. Mij Bert kan jij fertrouwe, jij kan jou poot in jou vuur steeke voor mij Bert.
In mij hart hoop ik dat mij beebie wordt als mij Bert, maar die jeug van teegwoordig! Jij heb er niks meer ofer te zegge. Assie nie uitkijk zit jou beebie de hele dag op ze Ketfliks! Muize vange ga ook al op ze leptop. En assie ze kans krijg zittie ze heele dag te geeme. Als poes heb ik daar wel mij zorge ofer. Sosiejaal is diegietaal geworre.
Als moeder moet jij mee maar voor mij eigen heb ik wel mij grenze. Jij moet jou beebie leere dattie gewoon kontak kan maake. Dat jij saame kan knuffele en kan praate. En dat jou tonijn gewoon van jou visboer kom en nie uit jou printer kom rolle.

Gember neutraal

Van me eigen denk ik dat jij opfoede niet moeilukker moet maake dan dattie is. Assie met jou hart opfoed en niet met jou teelefoon dan kan jou beebie liefde voele. Liefde maak jou beebie gelukkig, jij krijg een band. Jou beebie voel ze eigen veilig en dan kan jij vertrouwe krijge.
Van me eigen vind ik het ook belangrijk dat mij beebie gember neutraal opgroei. Dattie kan zijn wie hij is van ze eigen en dat liefde vrij is. Jij breng hem goede maniere bij want jij wil niet dat jou jongen straks ze eigen matsjoow wordt. Dattie op straat ga hange en indruk probeer te maake op alle poeze met ze sikspek. Jij kan atleeties zijn maar jij kan ook oferdrijve.

Liefde

LoesjeAls jou beebie niet genoeg van jou liefde krijg dan ga hij misschien wel ontspoore. Daarom begin jou opfoeding altijd bij jou liefde. Geef jou beebie jou liefde, knuffels en jou aandacht en assie het helemaal goed wil doen dan kan jou tonijn wondere doen. Tonijn, garnaale en zallum, wie van jou kittens is er niet groot van geworde? Ik zeg u eerlijk, mij Dorus groei goed. Hij lijk op ze MammaLoesje. Van me eigen werk ik nu aan mij band met mij jongen. Dattie liefde voel ook al ga ze liefde door ze maag. Mij beebie Dorus is mij beste beebie van mij weereld.
Mij hart is trots, ook op mij biesondere kaado van mij beebiezoon. Misschien hebbie toch maniere van mij Bert…

Mij tips voor assie ga opfoede:

  •  Jij hoef geen kurzus te volge
  •  Geef jou beebie liefde en aandacht
  •  Dattie sindeluk wordt
  •  Leer jou beebie dattie gewoon met jou eigen kan praate
  •  Soms moet jij streng zijn
  • Nie ze heele dag op Ketfliks of geeme
  • Tonijn, garnaale en zallum

Liefs van Loesje

 

Waarom ik mijn poot omvouw als ik slaap

poot

Voordat u het vraagt: ja zo lig ik lekker. Met mijn poot gevouwen. Ik lig hier op het tapijt te doezelen dat is rieleksen met het doel om in slaap te vallen maar nog even niet.

Doezelen

Als ik doezel, voel ik me vanzelf tevreden. Wegens dat ik me rustig en veilig voel en er is niks waarvan ik voel daar moet ik wat mee. Mijn vrouw is weg of ze zit aan haar werktafel, er zijn geen rare geluiden in de straat en ik heb de tijd aan mezelf. Dan kan ik doezelen. Alleen ik moet dan wel goed liggen en daar ben ik heel precies in.

Slapen

Doezelen is geen slapen, dat wil ik erbij zeggen. Als ik wil slapen, ga ik met de poten gestrekt of ik ga in een cirkel liggen, of helemaal op mijn zij. Dan slaap ik best snel al is het wel mijn ideaal om zachtjes in slaap geaaid te worden. Vind ik gezellig. Vooral als ik eerst een snek krijg, dan aaien en daarna slapen. Rieleksen moet je serieus nemen als je wat ouder bent en ik ben een senior-kater dus vandaar.

Truukje

Ik lig dus te doezelen maar ik wil wel wakker blijven. Dus daarom vouw ik mijn poot. Dat is een truukje dat de meeste katten kennen. Met je lichaam ga je vanzelf helemaal in de ontspanning want je zorgt natuurlijk dat je goed ligt. En doordat je je poot vouwt, voel je toch een stukje spanning en dan val je niet helemaal in slaap. Je blijft een beetje wakker terwijl je toch rielekst bent en doezelt.

Als ik klaar ben met doezelen, ga ik wat anders doen. Kan zijn in de vensterbank even naar de straat kijken. Kan zijn op mijn kussen om te slapen, want als je lekker doezelt krijg je meestal zin in slapen, alleen vouw je dan niet je poot, maar dat snapt iedereen natuurlijk vanzelf.

kater Dorus over: wat ik niet mag

Dorus

Hajooo daar is de leuke stuiterbalkater weer. Allesj goet mette iedereen? Met mei gaat hette wel goet hoor. Waar ga ik het fandaag oof hebben.
Nou… over dingen die ik niet mag van mijn mensen.
En dat sjein er best feel.

Keukje

Ik mog eerst niet in de keukje. Daar hadden se een hoge plank foor gezet. Ik mag naameluk nog niet oppe balkon. Maar ja… ikke begon te groeie. En op een dag lukte het me. Ik sprong en hoppaaa ik wasse erofer. Nou, ik hoorde mijn mensen zeg van haal die plank maar weg. Toen was ik dus in ze keukje waar mein eet lig.
Laas jullie dat er in de keukjestukkie al 2 verbooden zaten? Erg hè?

Zei-kaamertje

Ikke mag niet in het zei-kaamertje. Nou… ik mag er wel in, maar ze stuur me er gelijk weer uit. Ommedat ik me oofural achter kan verstoppie en dan sgeinen se de halfe boel te moet sloop.
Ikke las trauwens dat Ooma Katrien daar ook oof liep te mopperen.  Gewoon belaggelijk eigenlijk. Maar goet, ik kan er niets tegen doen. Ikke benne pas 13 weekjes.

Teefee

Ik mag niet foor de teefee zitten. Sogenaamd omdat ze dan niets kun zien als ik er sit. Hoe groot benne ik nau. Net 1 turfje hoog. Ik keik graag beejwotsj.
Dit omdat ik misschien ook laifgard wil word. Of mefrauw pemmella endersjon moet wat faakur in beeld koom. Dan kan ik beeter kijk hoe haar haar sit. En of haar badpakje goet staat. Ikke vin dat root mei ook mooi staat.

Hangjonge

Ikke mag geen hangjonge sein vanne MammaLoes (dikke koes), maar soms ben ik het wel. Ik hang soms aan ze woeiwaaiding. Nouuu dan krijg ik op mijn kop.
DorusIK MAG NIE HANGJONGE SEIN
IK MAG NIE HANGJONGE SEIN
Dan segge ze hier Dorus… ga weg bij woeiwaai. Dan prootesteer ik eers, maar ga dan liggie erfoor doen.
Ikke mag van MammaLoes (dikke koes) ook geen kriemieneel sein.
GEEN KRIEMIENEEL
GEEN KRIEMIENEEL
Maar ik weet niet eens wat dat is.

Wonekamer

Ik mag niet in ze wonekamer asse ze eet doen. Asse ik lekker eet ruik dan benne ik net een boelpit. Eg!! Ik duik steeds op het bord af en dan duuwe se me weg. En dan komme ik terug en duuwe se me weer weg. En dat isse so ierrietant!! Want so faak doet ik dat niet. Maar 20 miljoenmiljard keer. Dan ga ik huil doen.
Dan pakke se me op en zette ze mij in de hal. En dan komme het ergste. Sje sluit de deur!!
OOH!! En dan hoor ikke he he, we kunnen eten.

Koes

Sjien jullie hoe erg hette hier is?
Ikke cha maar afsluitje doen.
Mette een dikke koes voor MammaLoes
Toedeledokie

Ooh ikke hep wat eksjjtra te furtel. Ikke ben fandaach naar joyce geweesjt vjoor mein laase kittenprikkie. Sje sei datte ik, voor nu, gesjont benne!! Ikke benne nu 1 kiello en sjes onsjies. Enne ikke ben aan hut wisjellen mette mein gebit. Datte wiste mein mensen al, wante ik bijt in beina alles.
Sjolang ik eet, sjolang ik speel gaat alles goet.

De wiekentsnek was super (hele film)


“Ik heb nieuwe kupjes voor je,” riep mijn vrouw uit de keuken. “Van Voske.” Nou ik stond meteen klaar.

Wachten

Het is elk wiekent spannend wat voor snack ik krijg. Soms moet ik er zo heel erg lang op wachten dat ik denk ze is het vergeten. Dan ga ik maar slapen. En als ik wakker word, denk ik weer aan de wiekentsnek. Het is best fijn om huiskater te zijn maar persoonlijk vind ik het wachten op iets moeilijk. Zeker als het om lekker eten gaat.

Kupje

En net als je denkt nou is ze het echt vergeten, komt het. Ze riep. Van Voske heb ik al eerder die kupjes gehad en dat was superlekker. En nou een andere smaak nou ik was benieuwd. Ze zette het bordje neer en ik rook en dacht: wat heb ik gemist.

Het was gewoon tonijn. Kende ik al.

Maar klagen wilde ik niet. Ik at tot ik niet meer kon en toen ging ik mezelf wassen.

Anders

Kijk van mezelf hou ik niet van verandering. Het liefste heb ik alles hetzelfde als de dag ervoor en de dag erna, dan weet ik zeker dat alles in orde is en veilig. Maar ik heb ook ontdekt dat een verandering een verbetering kan zijn. Soms krijg ik een nieuwe snek en die is dan lekkerder dan de andere. En toen ik voor het eerst Almo Kip kreeg, was dat ook een verandering maar wel een superlekkere. Dus heel misschien ben ik nou een beetje nieuwsgierig naar veranderingen. Iets dat anders is.

Maar dat was dit niet. Tonijn kende ik al. Het is lekker, ruikt goed, eet prima. Het is een snek dus je eet en dan weet je dat je straks nog je avondeten op krijgt. Is ook belangrijk. Het kan kip zijn dat moet ik afwachten.

Alleen die kupjes ik weet het niet. Het was anders en gewoon tegelijkertijd. Dat is verwarrend voor een seniorkaterman als ik.

kater Bolle over: dankjewel zeggen en ’s nachts buiten slapen

buiten slapen

Meestal slaap ik binnen. Op het grote bed of op mijn kurk. Maar nu het warm is, slaap ik ’s nachts meestal in mijn tuin.

Grote bed

Ik slaap op mijn stoel, in mijn huisje en in mijn mand, maar niet allemaal tegelijk natuurlijk.
Mijn Molletje sliep altijd binnen maar Pop en Beer sliepen ook vaak buiten als het heet was. Dus mijn mensen begrijpen het wel, maar ze vinden het niet gezellig. Daarom klim ik soms eventjes op het grote bed. Om goed te knuffelen en om te laten weten dat ik straks weer gewoon in huis kom slapen.
Maar ’s nachts is het zoooo spannend in mijn tuin en dat wil ik natuurlijk niet missen.

In zijn tuin

Als het donker is en alle mensen zijn binnen, ga ik eerst naar de tuin van ons buurmeisje. Overdag is daar een grote hond. Die wil niet dat ik in zijn tuin kom. Als hij me in zijn tuin ziet, doet hij naar me blaffen en probeert me te vangen. Maar ’s nachts slaapt hij in zijn huis. Dan kan ik rustig zijn tuin bekijken.
Ik snuffel overal, en ik doe een plasje. Of misschien zelfs wel twee, of drie. Dat doe ik om te laten weten dat die tuin eigenlijk van mij is. Voordat de hond er was zaten mijn Molletje en ik er vaak. Dus eigenlijk is het onze tuin, want wij waren er het eerst.

Stoel

Als ik in alle hoekjes van die tuin heb gekeken en heb geroken aan alle geuren, ga ik in mijn eigen tuin op mijn stoel zitten. buitenMeestal komen na een tijdje andere katten aanlopen. Die willen mijn tuin bekijken. Dat mag best, als ze maar weten dat het mijn tuin is.
Twee tuinen verder woont een heel klein damespoesje. Ze is al twee of drie jaar maar ze lijkt nog een beebiekatje. Mijn mensen noemen haar Juffrouw Mier. Ze heeft een heel hoog stemmetje en ze is zwart met rood en een klein beetje wit. Ze komt onder het hek door naar mijn tuin en gaat dan rondlopen. Ik loop achter haar aan en kijk wat ze doet. Soms drinkt ze uit mijn waterbakken, of ze zit op mijn gras. Dat vind ik prima.
Ik denk dat ze mij leuk vindt, want ze komt vaak naar me toe. Maar twee of drie jaar is wel erg jong, vind ik. En bovendien is Mol natuurlijk voor altijd mijn vrouw. Als mijn Molletje nog op aarde was, zou ze Juffrouw Mier met een heleboel gekrijs de tuin uit jagen. Maar nu kan Juffrouw Mier gewoon alles bekijken en overal aan snuffelen. Net als ik doe in de tuin hiernaast.

Dameskat met streepjes

Op de daken van de schuurtjes lopen ook katten rond. De meesten ken ik wel. Verderop wonen twee katten met hele lange haren, ik denk Meen Koens. Het zijn een broer en een zus. Het zusje loopt vaak over de schuurtjes naar mijn schuur. Dan zitten we allebei eventjes op het dak, gewoon naast elkaar. Daarna gaat zij weet naar huis.
Een paar huizen naast mij woont een hele grote witte kat, een poes. Die is best wel een beetje bazig, en doet altijd net alsof ze mij niet ziet. Ik heb weleens tegen haar geblazen, maar daar trok ze zich niks van aan. Nou, dan houdt het op natuurlijk.
Nu doe ik gewoon alsof ik het niet zie als ze door mijn tuin loopt en mijn trap opgaat. Eigenlijk ben ik een beetje bang van haar, maar dat weet ze gelukkig niet.
Aan de overkant van mijn tuin woont een dameskat die bruin is met streepjes. Zij doet altijd naar mij blazen, ook in mijn eigen tuin. Dat vind ik niet netjes dus jaag ik haar mijn tuin uit. Je kunt tenslotte best beleefd blijven, vind ik. Zomaar blazen is nergens voor nodig.

Ultra-soon

Behalve katten lopen er ook nog muisjes en ratten rond. Daar kijk ik naar, maar ik doe ze niks.
Ik heb wel eens een rat meegenomen voor mijn mensen maar die waren er niet eens blij mee. Al die moeite voor niks, dat doe ik dus niet nog een keer.
O ja, en er vliegen vleermuizen rond. Die maken een heel gek geluid, ultra-soon heet dat. Dat geluid botst tegen dingen op, en vleermuizen luisteren naar de echo ervan. Als het geluid tegen mij opbotst, weten ze dat ik op mijn stoel zit. Biesonder hè?

Huiskater

Mijn mensen weten dit allemaal, want ze komen heel af en toe even kijken. Maar wat ik verder doe als alle mensen en honden slapen, dat is geheim. Dat weten alleen katten. En dat moet zo blijven, dus dat kan ik niet vertellen.
Mijn vrouw zegt “Ja ja, je ligt gewoon te slapen” maar dat is niet waar. Ik lig te ob-ser-ve-ren. Dat betekent dat je alles wat er gebeurt bekijkt. Bovendien moet ik ook nog in de gaten houden of er een kat langs komt die ik niet ken. En soms vechten katten op de daken van de schuurtjes en dan ren ik er naar toe, om te weten wie het zijn. Nou, noem dat maar slapen!
Ik ben ’s ochtends altijd best moe, dat is logies. Overdag ben ik dus veel aan het slapen.
Tot het weer donker wordt. Dan word ik weer een oerkater, die waakt over zijn domijn (dat betekent: je grondgebied).
En ’s ochtends ben ik weer gewoon Bolle de huiskater. Ik knuffel met mijn mensen, eet een paar brokjes en slaap veel.
Omdat ik het ’s nachts zo druk heb.

Alleen als het een beetje kouder wordt of het regent, dan ben ik snel weer de hele dag en de hele nacht huiskater.

 

Dankjewel

Volgende week ga ik schrijven hoe het mijn oog gaat. Of eigenlijk met die druppels die ik in mijn oog moet. Dat wil ik niet, ik doe friemelen als mijn mensen het proberen. En piepen.
Mijn mensen zijn bang dat ze mijn oog kapotmaken.

We waren alledrie best heel zenuwachtig.  Toen zei mijn vrouw ineens kijk eens Bol!
En ze liet me zien dat mijn vriend Bert een stukje op zijn feesboek had gemaakt, voor dat iedereen tips kon geven over die druppels. Heel veel mensen en katten hadden daarop geantwoord.
En mevrouw Bert had dat allemaal doorgestuurd naar mijn mensen, omdat wij geen feesboek hebben. Dat is natuurlijk superlief!
Daarom snapte ik ook niet presies waarom mijn vrouw zat te huilen. Mijn vrouw zei dat ze moest huilen uit dankbaarheid, dat iedereen zo lief is en ons helpt.
Ja, als je daar over nadenkt kun je er best tranen van krijgen. Omdat het zo biesonder is.
Dan krijg je tranen omdat je blij bent dat je zulke lieve vrienden en vriendinnen hebt. Dat zijn tranen omdat je iedereen wel kopjes en neusjes en pootjes en knuffels wilt geven. Tranen omdat je hart blij is. Van mij en mijn mensen heel erg veel bedankt!