Alle berichten van Chef

Loesje vertelt over assie verkering heb….

Loesje

Deze week ga mij verhaaltje over mij eigen leeve, assie ook jou beebie op moet foede. U weet ik heb mij moeiluke tijd achter mij rug, mij hart heb veel verdriet gehad en ik kreeg mij leevestaak van mij opfoede.

Toofenaar

Dan moet jij sterk zijn maar jij kom er ook achter, jij kan nie alles. Jij ben geen toofenaar, jij heb maar 4 poote. Jij kan nie jou beebie opfoede, jou verdriet verwerke, aantrekkeluk blijfe voor jou verkering en ook nog jou tonijn in jou bek steeke. Mij eigen wor al moe assie eraan denk. Jij ben maar één poes. Mij Bert zeg mij eigen vorige week, Loes jij moet uitkijke dattie nie oferspanne wor. Jij moet aan jou selluf gaan denke….

Jou eige

Daar zit jij dan met jou goed gedrag. Jij wil teegespartele maar jij heb er de kracht niemeer foor…. Jij moet jou eigen leeve onder jou loep neeme en jij moet eerluk zijn. Heb jou verkering gelijk? Van me eigen heb ik toen eerst mij 8 garnaale en mij 3 tonijne weggewerk. Dattie weer lucht krijg. Jij word gekonfronteer met jou eigen.
Ken u dat, dattie van binne voel hij heb gelijk? En het kan ook zijn dattie zeg zij heb gelijk, u weet van me eigen ben ik mij groote fen van gember neutraal. Assie maar durf toegeefe aan u eigen, dat heb niks met jou gember te maake. Van me eigen heb ik veel erfaring met toegeefe. Dan hebbie wel meer inzicht in jou eigen. Inzicht is belangrijk want dan kan jij probeere te redde wat jij nog redde kan….

Mij hart

Tusse mij schrokke van mij vis door kwam mij hart tot mij besef. Ik zeg u eerlijk, ik kreeg mij oog opener. Dattie ineens weet, jij ben nie goed beezig. Mij schrik sloeg mij om mij hart.
Heb ik mij verkering, mij Huiskater Bert ferwaarloos?? Toen heb mij hart gehuil. Mij groote traan over mij wang. Mij Bert, mij liefde van mij leeve. Mij jongen die zofeel begrip heb opgebrach voor mij eigen. Assie iets nie wil is jou verkering ferwaarloose. Jij krijg nie jou heele leeve kanse en u weet, mij Bert is mij geluk. Mij Bert zorg dat mij hart leef, dattie spannende gefoelens heb.
Assie jou eigen ferwaarloos, hebbie jou verkering niks te geeve. En assie vriende heb dan hebbie voor jou vriende ook niks in jou aanbieding. Willie dat?

Tips

LoesjeWat kan jij doen assie soiets voel?

  • Jij moet eerst goed voor jou eigen zorge, assie gelukkig wil zijn in jou liefde dan moet jij jou eigen nie ferwaarlooze.
  • Jij moet eerst jou tonijn eete, dattie goed op jou gewicht blijf. Jij mag ook jou maatje meer koestere. Jij mag het uitstraale.
  • Jij ga jou vacht goed verzorge, dattie er nie bijloopt als jou ferloope tiep. Jij moet aantrekkeluk zijn.
  • Jij zorg dattie rieleks ben, jij kan jou meedietazie doen. Rust en slaape foor jou kondiezie. Dattie lekker in jou vacht kom te zitte.
  • Assie jou eigen goed voel en jij ben sterk genoeg ga jij eerlijk zijn naar jou eigen
  • Dan ga jij eerlijk zijn naar jou verkering. Jij ga jou eigen kwesbaar opstelle.
  • Jij ga moeite doen voor jou verkering. Jij ga jou verkering laate weete dattie belangrijk is. Jij laat het zien en jij laat het voele. Jij kan jou verkering verwenne met vachthapjes, jij duw jou kop in ze vacht.
  • Jij ga jou verkering verleide, jij ga rolle op jou grond met jou buik omhoog. Jij kijk swoel, jij maak jou eigen geluidjes.
  •  Jij ga tijd vrijmaake voor jou verkering. Jij leg jou teelefoon weg en jij ga echt kontak maake. Jij ga nie saame geeme, jij ga praate
  • Jij ga leuke dinge doen saame, bijfoorbeeld renne in jou gras en jij eet vis.
    – saame slaape, daar ga mij eigen verder nie ofer uitweide… Jij mag ook jou preifussie hebbe.
  • Saamezijn is belangrijk! Saame droome en dattie saame voel, jij ben het foor mij.

Jou gember

Van me eigen wil ik nog wel zegge, liefde is vrij. Jij ben gember neutraal en het maak nie uit. Offie kater met jou katerman ben, of jij ben poes met jou poezedame. Van me eigen ben ik poes met mij katerman. Jou gember heb niks te maake met jou hart. Assie jou verkering nie kwijt wil moet jij infesteere. Assie dat doe, jij laat jou hart zien en spreeke, hebbie jou groote kans dat jou verkering met jou verder wil.
Hoop dat mij Bert nie in ze slaap is gevalle…

Liefs van Loesje

Waarom ik op de kale vensterbank lig

vensterbank

Deze zon is het fijnste. Gewoon lekker warm dat ik er gewoon in kan liggen. Ik krijg vaak de vraag waarom ik op de kale vensterbank lig. Dat zal ik uitleggen.

Liggen

Thuis heb ik veel kussens en dekentjes om op te liggen. Ik heb ook een doos. ’s Nachts lig ik graag in de vensterbank boven die is klein en laag en dan kan ik zien wat er achter ons huis gebeurt. Daar lig ik op een dikke handdoek. Maar deze vensterbank heb ik liever kaal, serieus waar.

Anders

Deze vensterbank is anders dan die boven. Deze is langer en hoger. Dat hoge daar gaat het om. Ik heb er een keer een dekentje gehad en toen wilde ik niet meer in de vensterbank want ik vertrouwde het niet. Eerder kreeg ik een mandje, superfijn hoor, tot ik er zomaar uit rolde en toen wist ik van binnen zeker dat ik nooit meer een mandje wilde en dat hoeft van thuis ook niet. Zulke erfaringen maken me voorzichtig. Je weet nooit.

Kijk als ik boven uit de vensterbank rol dan ben ik bijna meteen op de overloop. Die kan ik gemakkelijk zien als ik lig. Dus dat snap ik. Het is een pootlengte diep. Dus dichtbij.

Maar de vensterbank boven die is gewoon hoog. En ik wil voelen waar ik lig dus niks met dekentjes of kussens die kunnen schuiven en waar blijf je dan als je slaapt dus dat is eng.

Kaal

Dus daarom lig ik op de kale vensterbank. Dan voel ik me veilig. Want ik snap waar ik lig en onder me gaat niks schuiven. Plus het is ook nog eens zo dat ik helemaal niet bot over vel ben dus ik heb altijd wat van mijn eigen lichaam om op te liggen. En ik lig lekker, anders ga ik wel op mijn kussen liggen of in mijn doos of op mijn kruk waar fleecedekens liggen.

Dat wilde ik even uitleggen.

kater Dorus over: hoe en wat

DoorHajooo iedejeen.  Sjoms denk ikke hoe het kan dat ikke hier bjen koom woon. Hepput sjo moet sjein of hep iets een pootje gejolpen?

Mein bjoertje

Jullie weet… ikke benne op een boererij geboor. Saam met mein bjoertje Poppy. Datte isse nu al 7 week geleede datte ik daar wegging. Alleen werd mein bjoertje sjiek en moese hij weggaan.
Ikke mis hem niet eggie, ikke sjpeel en eet eggiewaar heel gjoet. Alleen sjie ik toe en af mein frauw natte oogies kreig. En dan denk ik fjint sje me niet lief? Dan kjeik ik haar aan en dan sjeg ze datte sje Poppy sjo mist.
Maar sje hep mei tog?
Sje seg ook datte ik foorgoet ajjeen hier bjijf ommedat sje bang is dat ik een ander friendje kan besmet. En sje wil niet nog een kitten wegbreng doen.

Uitjeleg

Nauw fjaag ikke me af hoe ikke hier kwam.
Hep Oma Katrien gejolpen?
Ik sjal uitjeleg doen.
Ikke ben een sjtuntelaar. Ikke kjetter steeds van de bank af. Of asse ik ren fjegeet ik te jemmen. En boems… ik kjnal er tegenaan.
Ik hoor stjeets van mijn mensen dat Oma Katrien ook zoon sjtuntel was. Alleen win ikke het.
Hep Oma Katrien mei naar hun toegebjag? Besjtaat sjowiets? Offe is ut toefal?

Wat raar isse

Weet jullie wat raar isse? Ikke lig ook altijd op desjelfte plek oppe bank waar Oma Katrien sjiep. Maar ik hep niet haar lekkere wolletjedeke. Frauw sjeg dat dat van Oma Katrien bjijft.
Maak mei nies uit hoor. Ook sjit ik vaak oppe vennestebank. Maar mein mensen moet nu de onnerste raampjes jappen ommedat er pootafdjukjes fan mei op sjtaan.
Sje legte daar een kjeer een fjiesdeekuntje neer. Ommedat Oma Katrien dat sjo fijn von daar.Toen keek ik se aan en weigde daar op te gaan sjitten. Toen sjugte frauw en haalte het weer weg. Nauw gaan alle fjiesdekens naar hut asjiel.

Sjo zijn

Ikke hep ook geen mandje binne. Ommedat ik sje sjtom fin. Ook datte wau Oma Katrien niet.
Frauw hat een kartonne doosj met soon fjiesdeken er in neergesjet in de wonekaamur. Maar njee hoor, ikke wil hjet eg nie. Isse het dus toefjal of moese het sjo zijn?

Nau… ditte wasse het weer fjoor dees week.
Ikke sjuit af met een dikke koes
Foor MammaLoes
Toedeledokie

Waarom ik van de krant wilde eten (filmpje)

Ik had de hele tijd zitten wachten op mijn wiekentsnek en eindelijk ging ze naar de keuken. Toen ze het bordje voor me neerzette, wist ik het meteen. Foute boel.

Bord

Nou moet ik zeggen dat als je samenwoont je dingen voor elkaar doet en laat. Dat is gewoon zo.  Zij houdt van borden en die moeten bloemen hebben en goud en al die dingen meer. Is een vrouwendingetje. Mij maakt het niet uit.

Nou ja, ik kreeg een keer soep in een bord met gaten toen dacht ik wel waar is ze mee bezig. Dat is gelukkig maar één keer gebeurd. Verder eet ik van het bord dat ze neerzet. Ik een snek, zij dat bord, ik zeg win-win. Maar zondag voelde ik: nee.

Oer

Er kwam weer zo’n bordje en daar lag een zalm kauwstaaf op. Lekker spul. Had ik al een hele tijd niet gehad. Dus ik voelde meteen trek. Ik keek naar het bord. Eten kon niet.

Kauwstaaf is voor het oer in de katerman. Zo erfaar ik dat. Je tanden ergens in en dan flink kauwen en dan voelen dat je wat kunt. Met soep heb ik dat gefoel niet. Met kauwstaaf wel. Kauwstaaf eet je van de krant, dat weet iedereen. Zij ook. Waarom dan toch een bordje met bloempjes en goud? Serieus, vrouwen snap ik soms niet.
Zo kon ik het toch niet eten.

Krant

Gelukkig snapte ze me best snel. Ze ging naar de keuken en haalde daar een krant. Die legde ze op het tapijt en toen kreeg ik de staaf stukje voor stukje, precies zoals ik het graag heb. En serieus, het was een superlekkere wiekentsnek.

Alleen toen ik het bijna op had, kwam toch weer even dat bordje. Waarom, denk je dan als huiskater, waarom? Ik at niet. Ze gaf het laatste stukje gewoon op de krant.

Het leven kan zo gemakkelijk zijn, maar dan moet je het niet moeilijk maken.

kater Bolle over: als je oogdruppels krijgt

oogdruppels

Een paar weken geleden ging mijn linkeroog ineens huilen. Alle tranen liepen er zomaar uit. Ook als ikzelf helemaal niet hoefde te huilen.

De tranen liepen over mijn wang en onderaan bleven ze zitten in een korstje. Ik had er geen last van en het deed ook geen pijn. Mijn vrouw maakte mijn oog steeds schoon met gekookt water. Pas als het water weer koud was, natuurlijk.

Naar de dokter

Mijn Molletje had dat huilen ook aan haar ogen. De dierendokter zei dat haar traanbuis was verstopt en dat dat niet erg was. Mijn Molletje was toen al oud en er hoefde niks aan gedaan te worden. Voor mij was ze soowiesoo de mooiste poezenvrouw, natuurlijk.
Mijn mensen dachten dat ik nu ook zoiets had en gingen niet meteen naar de dierendokter.
Maar na een tijdje leek het ze beter om toch even naar mijn oog te laten kijken.
Ik wilde niet mee, maar ik moest. Ik werd zo HOP in mijn reistas gezet, ondanks dat ik tegenspartelde.

Druppels

De dokter keek in mijn oog. Mijn oog zag er gezond uit. Daarna kreeg ik groene druppels in mijn oog, die moesten er weer uit via mijn neus.
Ik vond het niet fijn. Mijn ogen zijn van mij en ik wil geen groene ogen, en ook geen groene neus. Maar mijn neus werd pas na een hele tijd een beetje groen. Het meeste groen liep zo uit mijn oog op mijn wang.
Mijn mensen kregen druppels mee voor in mijn oog en toen konden we weer naar huis.

Hijg

Toen we thuiskwamen werd ik eigenlijk zomaar ineens vreselijk bang. Ik moest denken aan vroeger, toen ik altijd bang was. Bang voor mensen, die me pijn deden.
Ik bleef doodstil staan, en deed mijn mond open. Mijn tong viel er uit en ik deed een hijg. En dan weer stil, en dan weer een hijg, en dan weer stil.
Mijn mensen schrokken zich de tandjes, zegt mijn man. Mijn vrouw belde de dierendokter en mijn man bleef bij mij. Ik bleef steeds een pufgeluid maken en verstopte me in de tuin.
De dierendokter zei dat het niet van de druppels kon komen maar dat het van de hitte was of van angst. Ik bleef meer dan een half uur hijgen, daar in de struiken.
De hele dag heb ik geslapen want ik was supermoe.
In de avond kwam mijn vrouw naar me toe, aaide me en pakte mijn hoofd. Ze was zenuwachtig, dat merkte ik meteen. Ze probeerde me die druppels in mijn oog te doen! Dat lukte niet, maar ze probeerde het tóch nog een keer.

Buiten

oogdruppelsDie avond ben ik niet naar binnen gegaan. Ik bleef buiten in mijn huisje. Pas in de nacht ben ik weer eventjes naar binnen gegaan.
De volgende dag regende het en ik bleef buiten. In mijn huisje. De hele dag.
Ik wilde niet eten, alleen een heel klein beetje. Als mijn vrouw kwam deed ik net of ik haar niet zag. Ik was verdrietig en voelde me verraden. Ik dacht dat ik haar kon vertrouwen en toch maakte ze me bang. Dat snapte ik niet. Ik zou haar nooit bang maken.
Mijn vrouw kwam steeds naar me toe en zei sorry. Na een tijdje huilde ze. Net als ik, maar dan met twee ogen. Als mijn man kwam gaf ik hem snel een kopje. Toen het helemaal donker was kwam hij me halen en nam me mee naar binnen. Ik bleef binnen slapen, maar in mijn eentje op mijn kurk.
We waren alledrie in de war en verdrietig en bang. Allemaal door die stomme druppels.

Weer rustig

Bert had intussen op zijn feesboek om adfies gevraagd, voor mijn oogdruppels.  Dat vond ik supergeweldig, en mijn mensen ook. Dan weet je dat je echt een goede vriend hebt.
Er kwamen allerlei adfiesen, die heel handig waren. Maar mijn mensen durfden het niet meer. Mijn vrouw was bang dat ik helemaal niet meer binnen zou komen als ik nog meer druppels kreeg. Dat ik dan met twee gezonde ogen weer buiten zou gaan leven, net als vroeger.
Dus hebben mijn mensen vijf dagen gewacht. Zodat we alledrie weer rustig konden worden. Ik heb ekstraveel kusjes en knuffels gekregen en ook nog allerlei lekkere sneks. Ik heb zelf ook ekstraveel kusjes gegeven en was helemaal blij dat alles weer gewoon was.

Beter

Maandag heeft mijn vrouw de dierendokter gebeld om te zeggen dat het niet lukte met de druppels en dat ze het niet meer wilde doen omdat ik zo bang werd. Nu krijg ik gelukkig geen druppels meer in mijn oog.
Elke dag kamt mijn vrouw me heel uitgebreid op mijn grasveld. Soms lijkt het dan net of ik een druppel in mijn oog voel. Af en toe verdenk ik mijn vrouw dat ze stiekem iets doet, maar ze zegt van niet.
Gek hè, en toch is mijn oog al weer wat beter.

Extra: mevrouw Bolle wil wat zeggen

Nu even een klein stukje van de vrouw van Bol. Alleen voor mensen, niet voor katten!
De dierenartsassistente zei dat we Bol van achteren moesten benaderen, zodat hij ons niet zag aankomen met de druppels.
Nu ga ik hem heel uitgebreid aaien, of hem borstelen. Ik laat hem zien dat ik niks in mijn handen heb. Het flesje oogdruppels heb ik in mijn broekzak. Als Bol na een tijdje lekker ontspannen is ga ik achter hem zitten, trek ik zijn hoofd iets naar achteren en doe van bovenaf een druppel in zijn oog. Dit is tot nu toe steeds gelukt en zijn oog ziet er beter uit.
Het gaat zo snel dat hij niet precies doorheeft wat er gebeurt, en hij ziet niet dat ik het doe.
Zo lang als het goed blijft gaan blijf ik dit volhouden. Daarna kan Bols’ man het nog proberen.
Als hij weer bang wordt is het meteen afgelopen met druppelen.
Zo bang als hij vorige week was, dat willen we alle drie niet nog een keer.