Alle berichten van Chef

Loesje vertelt over assie nie rieleks ben…

rielekst

Toen mij verkering Bert vorige week fertelde dattie ze vriendeboek ga prezenteere foelde mij hart geluk en mij spanning tegelijk. Misschien denk u nu hoe doe Loesje dat? Heb ze te weinig van ze tonijn ge-eet? Ik zeg u, het ging van ze eigen. Misschien ken u het wel, dattie iets foel en jij kan er niets aan doen. Het gebeur gewoon.

Hellupe

Mij Bert froeg mij eigen offie wil hellupe. Nou dan wil jij jou eigen gat in jou lucht springe. Maar mij buik wilde ook mij 7 tonijn en mij 11 garnaale van mij spanning wegwerke. Op mij footoo kan u zien dat mij eigen veel tonijn nodig heb van mij spanning. Jij weet soms niet wat jou overkom in jou leeve assie verkering heb.

Fensterbank

Mij Bert heb veel vriende en hij heb ze Fens ofer ze heele Feesboek. Mij Bert is a ferrie important kater en hij is toch bescheide van ze eigen. Soms zie jij katers die naast ze eigen poote loope. Mij Bert lig altijd op ze fensterbank, hij doe er nie aan mee. En hij gebruik geen drank of druks, mij Bert is mij Bert. Van me eigen ben ik wel heel erg trots op mij Bert.
En nu ga hij ze nieuwe  boek uitbrenge van al ze vriende van ze Feesboek. Het was ze idee van mij hartjesdinnetje Prinses Katrientje. Assie er nog was gewees dan hattie vast gezonge op mij Bert ze boekpresentazie. Maar zij zing nu ofer ze Regenboogbrug. Mij hart weet, van me eigen ga ik mij dinnetje hoore in mij hart. Dattie er toch bij is!

Op mij denkpaal

rielekstAssie net als mij eigen nie alleen geluk foel maar ook jou spanning, dan moetie daar wel iets aan doen. Jij kan jou visboer fraage offie jou volprop met ze vers gefange kaabeljauw maar assie daar niks foor foel wat doe jij dan? Van me eigen heb ik mij lijntje naar mij visboer altijd oope staan. Maar jij leef nie alleen op jou weereld. Assie een poes ben met jou hart op jou eigen plek dan ga jij wel nadenke.
Hoe kan jij helluppe, wat kan jij doen? Toen ben ik wel op mij denkpaal gaan ligge. Jij denk toch beeter assie op jou paal lig. Mij vrouw bracht mij zallum en makkareel foor mij afwisseling. Zij zeg dat ik wel mij scheif van mij veif moet folge. Dan weet jij, jij kan jou vrouw beeter laate praate…

Gaap

Maar ineens, mij zallum hing nog in mij bek, kwam mij idee foor mij oplossing. Wat doe jij assie rieleks wil zijn? Jij gaap.
Assie gaap val nie alleen jou proteesie uit jou bek, jij kom ook tot jou diepe rieleks zijn. Jij wor rustig van jou eigen en assie rustig ben kan jij met jou goed fasoen naar jou boekpresentazie.
Daarom heb mij eigen besloote om mij worksjop Gaape te gaan geeve. Dan kan iedereen rustig naar mij Bert ze boekpresentazie koome en kan jij ook geniete van mij Bert ze sneks en hapjes. Mij Bert zorg altijd dattie niks tekort kom. En assie teveel zeenuw heb dan smaak jou haaring naar jou tomaatesaus! Van mij eigen erfaring kan ik u zegge, dan kan jij beeter thuis blijfe.

Mij worksjop Gaape

Wanneer: op zaterdagmorgen 19 oktober van tien tot elluf. Dattie rieleks naar mij Bert ze presentazie kan koome.

Waar: op mij eigen Feesboek van Loesje Huispoes

Voor wie: voor iedereen behalfe sjieraffe want daar kan mij eigen nie bij.

Mij broer Floris hellup mee en mij worksjop is graatis.  Folgende week vertel ik U alles ofer mij worksjop Gaape, hoop dattie ge-in-te-reseer ben.

Loesje

De stijger bij de buren

buren

Mijn katervriend Bolle heeft heel veel stijgers om zijn huis en nou staat er bij mij eentje bij de buren. Bolle is aan de druks. En ik nou ook.

Stijger

Stijgers zijn moeilijk. Ik zie mijn stijger de hele tijd en die staat niet eens tegen het huis aan. En toch kan ik het zien als ik schuin door het raam kijk. Dan doe ik ook, en dan voel ik spanning. Dan zegt u Bertje kijk dan niet maar dat is ook weer moeilijk. Ik wil weten wat er gebeurt.

  • Ik hoor mannen in de straat met harde stemmen praten.
  • Ik zie die stijger en soms staat er een man op. Soms weer niet.
  • Het kan ook zijn dat het stil is nou dan let ik helemaal op.
  • Ik weet niet wat het is en wanneer het weggaat.

Spul

Mijn vrouw is pas naar buiten gegaan om tegen die mannen te praten. En te vragen wat ze deden en waarom. Toen wist ze het en daarna heeft ze het dus tegen mij verteld. Ik snap het dus wel maar ik voel moeilijke gefoelens.
Toen deed ze nieuw spul in mijn oude banaan. Die rook opeens superduperlekker dus ik hap! de tanden erin en ermee door de huiskamer rollen. Daarna was ik van het ene moment op het andere keimoe dus toen ging ik op mijn kussen hangen en lekker met mijn rug naar het raam.

Glazenwasser

Nou en wat gebeurt er, ik hoorde keiharde geluiden tegen het raam van gebonk en sppoeshh water ertegen. Meteen had ik van binnen dat gefoel van moeten kijken. “Het is de glazenwasser, Bert,” zei mijn vrouw. Ze kwam bij me zitten en dat was best fijn want het was best moeilijk dat ook nog erbij. Na een poosje hield het op. Gelukkig.
Toen ging ik bijkomen.

Oer

Eerlijk waar ik snap niet hoe Bolle het doet. Veel druks en hij heeft twee mensen die voor hem zorgen dus dat helpt heel veel. Maar ik denk dat hij van binnen heel erg oer is, meer dan iedereen denkt en weet.

kater Dorus over Dierendag en so

dierendag
Hajooo, daar benne ik weer.  Dees week ga ik het oof van alles hebben. Ikke fond dat wel jeuk om gewoon te tiepelen en te zien waar we uit koom.
Eers evve tejug naar forige week.

Nieuw

Mijn huisie. Nou… niet eg gesjaagt. Door het booruh van man werd ik bang. Jullie moet weet… ik ben een gefoelig katertje in wording. Ikke lijk stoer, maar ik ben het niet echt. Alles wat nieuw is vinnik gewoon supereng.
Sjoals frijdag. Mijn boofebuurfrauw kog een nieuw bankstel. Mijn mense mochte hun ‘auwe’ hep. Want onse sag er, met hulp fan mij, niet eg mooi meer uit.
Se kreeg het graties. Foor nies dus. Jief he? Soms kjijge we ook sujienaams eet van buurfrauw. Dan smikkele mijn mense eggiewaar en ikke kjijg nies. Dat is meen. Vinde jullie ook niet?
Ikke kjijg dan wel noepies. Kettisfeksjon. Oooh sjo jammie. Ik lus wel een heel sakkie. Maar dat krijg ik nooit. Hooguit maar tien.

Sjetten

Nou wasse het frijdag weerelt diertjesdag. Ikke hat aan frauw fraagt offe ikke mijn fjientjes, met wie ikke het mees sjet, en mijn Mamsie en mijn liefe Jiekietta ies te moog stuure. Frauw hat heeel feel sjoepie kocht voor mij, maar ikke finne sjoepie nie meer zo jekker. Dus kjeeg iedejeen 2 sjakkies sjoep van mij en peeltjes. En sjommige kreeg een pjakmagneet en een bjikkie moeshap. En Mamsie kjeeg een ekstja sakkie noepies. Sjagte noepies, want Mamsie hep geen tantjes en kiesies. Mamsie hep wel een hele mooie puik. Ik poink er gjaag op, maar dan worre Mamsie boos. Ikke sjnap dat niet, want sjofaak poink ik niet. Hooguit maar een miljoenmiljartduisent keer.
Mamsie segge dat ik dan in de hoek moet staan. En dat ikke niet poinken mag.
Ikke ben dan sippies, want ik poink gewoon gjaag. Soms is Mamsie stjeng hoor. Ikke fraag nu al drie weeke om een ijsje, maar se segge er nies over.

Sjaapmantje

dierendagJullie rade tjouwens nooit watte ik hep gekjeeg van mijn mensen. Ik kjeeg een sjaapmantje. Maar er was wat mee. Ikke rook er aan en rook een andere kat. Ik keek mijn mensen aan. Frauw had weer natte oogjes.
Sje sei dat dit mandje van Oma Katrien was weest. En dat die eigenlijk alleen buiten lag omdat Oma Katrien niet van mantjes binnen hield. Nou… ikke sjaap er nu gjaag in maar wel binnen. Alleen is het mantje mij bijna te klein. Terwijl die foor Oma juist goet was. As ik me evve strek ligge mijn poote al buitenboord. Hihihi.

Sjips

Nou hoor ik steeds faaker datte ik eerdaags ga knikkeren fan mijn mensen. En sjommige fan jullie segge dat ik moet onderduik doen. Of dat ikke ga ferliese met knikkere.
Sje gaan dees week een afspjaak make want dan benne ik pjecies zes maanden. Ikke kjijg dan ook gelijk sjips. Ikke hoop kaas-uie. Ikke ben gek op sjips.

Dit was het foor dees week.
Ik sluit af met een dikke koes
Foor MammaLoes
Toedeledokie

Wat is dat nou: een inhaalknuffel

inhaalknuffel

Een inhaalknuffel is een aparte knuffel. Die hoef ik niet elke dag, alleen als er een sietuuaazie is geweest. Dus dat mijn vrouw lang weg was en ik alleen was. Dat is moeilijk voor mij.

Gefoel

Waarom is dat moeilijk voor mij denkt u nou. Dat komt ik ben een kater met veel gefoel. Dus daardoor kan ik heel goed genieten en dat is het fijne ervan. Een beetje aaien of een lief woordje en ik moet al spinnen. En omdat ik vroeger op straat moest leven, heb ik extra veel gefoel bij dat ik een thuis heb. Voor mij is samen-zijn heel belangrijk. Dat is mijn gefoel.  Zij is thuis en ik ben thuis en we zijn samen met ons tweetjes. Maar het is zo dat ze soms weg gaat dan moet ze ergens anders werken. Dus dan ben ik alleen.

Van binnen

Alleen zijn is heel even fijn. Het huis voor mezelf hebben is leuk. Maar daarna wil ik dat ze terug komt. En als het lang duurt, dan voel ik me een beetje leeg van binnen.

Terug

Ze zegt altijd: “Bert, ik kom altijd bij je terug, zul je dat goed onthouden?” En ze komt ook altijd terug en dan heb ik inhaalknuffels nodig. Dus eerst komt het aaien van wezijnweersamen en als ik rustiger ben het gewone aaien en daarna pas komen de inhaalknuffels. Extra aaien met gesprekjes. Buikhappen. Een beetje achter mijn oor friemelen. Het is meer en anders, en dat gaat ook nog de volgende dag door en soms nog langer, net zolang tot ik niet meer leeg van binnen ben. Dan ben ik weer gewoon. Dus dan zijn de gewone knuffels genoeg.

Knuffels

Misschien ben ik wel de enige die inhaalknuffels nodig heeft dat weet ik niet. Maar ik weet wel dat ik een kater met veel gefoel ben en ik heb thuis geleerd dat ik mag zijn zoals ik ben, dus dat is eigenlijk heel fijn.

kater Bolle over als je mannen in je tuin hebt

mannen

Sinds een tijdje is er in mijn tuin van alles veranderd. Eerst gingen mijn mensen allemaal dingen verschuiven. Alle stoelen staan nu achterin, en bijna al mijn manden. Ze haalden planten uit de aarde. Die staan nu in potten, ook al achterin.

Gouden bolhoed

In de tuin hiernaast staan al een tijdje van die metalen dingen, stijgers, tegen de huizen aan. Daar lopen mannen op die lawaai maken met allerlei apparaten. Nooit vrouwen, gek hè.
Maar ik snapte meteen dat die stijgers ook in mijn tuin zouden komen toen mijn mensen alle stoelen en manden en planten weghaalden.
Het moet van het wo-ning-be-drijf, legde mijn vrouw uit. Maar waarom wordt mij over dat soort dingen nooit iets gevraagd? Ik woon hier toch ook? Er hangt zelfs een footoo van mij op de deur, met mijn gouden bolhoed. En ik wil die stijgers toevallig helemaal niet!

Stijgers

En toch maakten mannen maandag een gat in het hek aan de ene kant. Maar ze maakten het gelijk ook weer dicht met hout.
Dinsdag gingen ze beginnen met die stijgers, en nu staan voor alle ramen en de achterdeur stijgers. Er lopen steeds vijf of zes mannen rond die die stijgers maken. Ze maken niet veel lawaai en ze praten ook niet hard. Ze hebben allemaal een snor, net als ik. Soms kan ik ze niet verstaan, maar ze klinken vriendelijk. Ze zeiden tegen mijn vrouw dat veel mensen een hekel hebben aan katten, hier in de tuinen, en dat verbaasde ze. Ja, mij ook.
Toch heb ik liever niet dat ze in mijn tuin zijn, want het is mijn tuin.
Elke keer als ze klaar zijn, maken ze de gaten in de hekken weer dicht. Want aan de ene kant wil de buurvrouw geen katten in haar tuin. Zelfs ik mag er niet komen. En aan de andere kant woont de hond, en het is niet handig als hij in mijn tuin komt.

Op mijn stoel

Woensdag mocht ik naar buiten toen de mannen er nog waren. De hekken waren al dicht, en ze hoefden niet meer in mijn tuin te zijn. Dat had mijn vrouw spesjaal gevraagd. Ik snuffelde aan de stijgers, en ik zat op mijn terras. Daarna heb ik een tijdje op mijn eigen stoel gezeten. Maar toen zag ik dat er nog mannen liepen in de tuin naast mij. Daar schrok ik van en ik liep snel naar mijn huisje.
Mijn man kwam na een paar minuutjes kijken maar ik reageerde niet. Hij vertelde dat aan mijn vrouw en die kwam ook kijken. Ik lag helemaal achterin mijn huisje en ik keek niet op. Mijn vrouw dacht dat ik niet terug durfde te lopen door mijn tuin, omdat ik mijn tuin niet meer goed herken.
Daarom pakte ze me onder mijn oksels vast en trok me omhoog. Ik slaakte een kreetje want ik was superbang. Mijn vrouw hield me in haar armen en liep met me naar binnen.
Ze zette me op het grote bed en ik was zo blij! Mijn mensen hebben me een hele tijd geknuffeld en daarna heb ik de hele middag geslapen.

Binnen

Nu hebben mijn mensen me verteld dat ik niet naar buiten mag zolang er nog mannen zijn, ook al zijn ze niet in mijn tuin. Want er is nog iets: de deuren naar de straat staan open als de mannen er zijn. Daar kan ik nu zó naartoe lopen, naar die deuren. En mijn mensen zijn bang dat ik dan de straat op loop en onder een ootoo kom. Of dat ik zomaar ineens niet meer weet waar ik ben.
Dus ik moet tussen 7 uur in de ochtend en 3 uur in de middag binnen blijven. Mijn man doet elke ochtend om 6 uur mijn deurtje dicht, als ik binnen ben.

Slapen

Mijn mensen dachten dat ik het heel erg zou vinden om binnen te moeten blijven. Maar ik vind het meestal wel prima. Ik blijf in de slaapkamer, met de gordeinen dicht. En een lampje aan, en ook de raadioo. Dan hoor ik de enge geluiden niet zo. Mijn mensen knuffelen ekstra veel met me, en ik geef ekstraveel kusjes.
Ik krijg brokjes waar iets inzit dat ik kalm word, ik krijg mijn druks-olie en we hebben een stekker met Feliewee. Daarom ben ik wel een beetje sufjes, en slaap ik veel. Net als Jip, denk ik, toen hij ging verhuizen.
Soms zit ik eventjes aan mijn deurtje te krabbelen, maar niet heel erg. Dat vinden mijn mensen wel heel moeilijk, om me dan niet mijn zin te geven. Maar het is voor mijn veiligheid, zeggen ze.

Mijn tuin is van mij

Alleen als het donker is patroejeer ik in mijn tuin. Ik kijk overal, ik ruik overal, en ik geef overal kopjes. Zo maak ik mijn tuin weer van mij. Als ekstra doe ik overal een plasje. En bij de doorgang in de hekken leg ik nog iets, zodat iedereen weet dat mijn tuin van mij is. Dat doe ik ekspres niet op mijn binnenweecee. Ik bewaar het voor buiten, handig hè? Want een kater met een gouden bolhoed hoeft niet zomaar alles te pikken, vind ik.