Alle berichten van Chef

Mailen met Opa Max Katermans

Dit is hem. Opa Max Katermans, een goed uitziende senior kater. Hij was heel vriendelijk tegen mij toen ik pas op Twtter kwam.  Als ik vragen had, mocht ik die stellen. Ik voelde gewoon dat hij een oogje in het zeil hield. Toen ontdekte ik dat hij niet meer op aarde was. En toen wilde ik daar alles van weten!! In de mail stelde ik vragen.

Mijn eerste vraag: Waar bent u nu en wat doet u daar? Opa Max schreef terug:
Ik ben in de dierenhemel, OTRB Over The
RainbowBridge, waar ik verblijf in dierencafé “Chez Max” zie plaatje.

‘

 

Dit plaatje bedoelt Opa Max.

Het ziet er gezellig uit.  Dat je denkt, o als het straks zo is, dan hoef ik nergens bang voor te zijn. Ik mis alleen lieve vrouwen maar die komen je dan misschien later ophalen om mee naar hun huis te gaan waar je dan je eigen mandje hebt. Kan toch?

Ik vroeg ook aan Opa Max: Wanneer wist u dat dit uw taak was? En hij schreef terug:

Toen ik OTRB kwam, ben ik ook opgevangen door de andere dieren en zodra een dier hier is aangekomen doen we allemaal mee met het opvangen en troosten van de dieren en mensen die achterblijven.

Dat is 1 zin waar je toch uren over kunt peinzen. En dan weet ik er nog het een en ander van. Want voor mij woonde Tim hier. Over hem heeft mijn vrouw verteld. En dat ze ook na zijn dood merkte dat hij er soms was, precies wat Opa Max zegt dus.

Nog een vraag:  Hoe zijn de meeste katten als ze aankomen bij de
regenboogbrug?

Opa Max: In eerste instantie een beetje confuus en verbaasd
maar daarna is ieder dier weer helemaal gezond en wachten we samen op
onze vriendjes en onze mensen.

En ik vroeg, denkend aan Tim en mijn vrouw:  Gaan ze nog weleens terug naar hun mens en hoe merkt  die mens dat dan?

Opa Max: We komen meestal ‘s-nachts weer naar beneden als de
mensen slapen omdat we dan troost kunnen bieden. We zijn er wel maar men ziet ons niet. Soms organiseren de vriendjes een treinreis met de
“Chez Max”-express en komen dan hier even feestvieren voor
een verjaardag of zo. Riley Katermans rijdt dan de trein. Er zijn 2 treinen naar overleden dieren vernoemd de  “Tommie” en de “Rambo”.

Opa stuurde er ook  plaatjes van kijk maar:

 

Als je op Twitter gaat zoeken naar Opa Max Katermans, kun je niet zien wat hij schrijft. Je moet eerst vriend worden. Die tweets zijn afgeschermd. Waarom is dat?

Opa Max: Omdat ik mijzelf bescherm tegen bedrijven, reclame,  ongewenste accounts zoals sex-ccounts, criminelen en sommige anderen op Twitter zoals bv de koninklijke Jagersvereniging, dierproefnemers etc. Ik wil niet dat zij mijn tweets kunnen zien en ik
wil ook niet dat zij via mijn account ongewenst kunnen spammen of berichten kunnen
plaatsen.

Nou toen had ik heel erg veel om over na te denken! Ik snap niet alles wat Opa Max Katermans zegt maar dat geeft niet. Het gaat erom dat als een dier weg moet gaan,  hij of zij dus niet verdwenen is. En ook dat u niet gek bent als u uw dier toch nog hoort of ziet!! Mijn vrouw heeft dat weleens met Tim. Herkent u dat?

 

Ideaal in de kattenbak: houtkorrels

Toen ik hier pas was, keek ik in mijn bak en dacht: nee. Mijn vrouw zag het en kwam meteen in actie. Er moesten houtkorrels komen en die kwamen er, dezelfde dag nog. Het is ideaal voor in de kattenbak. Dat vind ik, tenminste.

Ja het is best een persoonlijk onderwerp. Maar dat hoort er ook bij.

 

Houtkorrels vind ik fijn. Je kunt erop doen wat je wilt en zelfs als ik keihard plas  nemen ze alles op. Dan worden ze zacht. Dat is wel fijn maar het is ook opletten, het moet weg vind ik of ik wil een nieuwe bak, want in dat zachte zet ik mijn pootjes liever niet neer. Ruiken doet het trouwens niet.

Als ik wat groots erin leg ( en ik zeg trots dat ik een grote kater ben dus dan weet u het wel), dan kan ik lekker graven om de boel onder de korrels te krijgen. Ook hier geen geur.

Nou moet ik wel zeggen dat ik soms helemaal geen zin heb om te graven. Dan denk ik, klaar, ziezo, ik ga even in de vensterbank zitten, mijn vrouw doet de rest wel. En dat doet ze ook. Met zakjes haalt ze het eruit. Is wel fijn, dan kan ik later weer verder ermee.

In het asiel had ik ook houtkorrels. In het begin hier was er grind. Daar kon ik niks mee. Ik wilde hout. Dat was ik gewend, vooral daarom dus. Ik kende het. Maakt mij niet uit voor merk, als het maar die korrels zijn.

Als u dus met een kat woont die moeilijk met de bak is, probeer dan eens hout of iets anders. Niet denken dat het allemaal op elkaar lijjkt. Voor ons is dat niet zo. Hoe iets ruikt, en hoe het beweegt onder je pootjes, en wat je ermee kunt, dat verschilt enorm. En wat je wilt is per kat anders.

Ik heb twee bakken met houtkorrels, eentje staat op de badkamer en de ander in de gang en die gebruik ik altijd. Die andere is mijn reserve, dus die moet er gewoon zijn.

O ja, ik heb elke drie dagen denk ik een schone bak nodig. Want ja, mijn lichaam werkt nou eenmaal heel goed in dat opzicht!!

Wat is volgens u het ideale spul om in de bak te doen? Grind? Korrels? Of iets anders?

Water drinken

Water drinken vind ik leuk en dat komt omdat er thuis rekening met me wordt gehouden. Hoe ik ben. Wat ik wil. En dan drink ik vanzelf wat meer water dan ik uit mezelf zal doen. Ik heb er pas over geblogd. Dus voor iedere kat die te weinig drinkt, heb ik vijf tips.

1 Hou je snorharen droog. Dan heb je een plat bakje of schaaltje nodig waar je boven kunt hangen zonder dat je snorharen in de knel komen of nat worden. Dus het water moet gemakkelijk bereikbaar zijn. Het moet niet te diep liggen. Gewoon, een plat schaaltje.

2  Drink eens iets anders. Je hebt vers water, dat komt pas uit de kraan. Soms is niks lekkerder dan vers water maar je weet nooit wanneer je het wilt. Daar ben je kat voor. Je hebt ook gewoon water, dat staat al even. En water dat er een nacht heeft gestaan, dat is rijp water. Kan ook heel erg lekker zijn.  Heb je moeite met drinken, dan kan het helpen als je eens wat anders aantreft. Niet vers maar rijp. Of juist vers. Misschien drink je wel uit een waterfonteintje.

3Drink eens ergens anders. Maanden heb ik uit mijn schaaltje gedronken dat altijd op dezelfde plaats staat. En toen, van de ene dag op de andere,  ontdekte ik dat er water lag op de flessen in de badkamer, als mijn vrouw daar klaar was. Nou wil ik alleen daar drinken. Dus je mens moet wat uitproberen. Het kan best dat je opeens liever op de slaapkamer drinkt  of achter een stapeltje boeken. Ja, doe eens gek. Het kan zomaar zijn dat je meer gaat drinken. Ik kreeg een keer water uit een glas. Ik drinken, nou!

4  Drink en eet tegelijk. Dat doe ik elke dag. Want ik krijg  door mijn avondeten wat extra water, dan heb ik meer saus. Vind ik prima. Ook omdat mijn vrouw dan voelt van hehe, hij drinkt. Ja, dat is samenwonen, je doet eens wat voor elkaar.

5 Neem poezenlimonade. Deze heb ik van mijn vrouw, zij gaf Tim (de kater die er voor mij was) dat vaak. Hij dronk heeel slecht en dan hielp dit. Het is water in een plat schaaltje en dan een beetje lekker eten erdoorheen roeren. Dan gaat de smaak in het water zitten en het eten ligt op de bodem dus daar drink je je naartoe.

Dat was het. Ik hoop dat u hier wat aan heeft.  Heeft u ook een tip? Laat dan een berichtje achter bij de reacties hieronder!! Dan helpen we elkaar verder!!

Interview met de Rode Katers vrouw

Op Facebook heb je een pagina alleen over en met rode katers. Serieus!! De vrouw die dat doet is Sybylle Kroon. Dit is mijn interview.

Wanneer ben je eigenlijk een rode kater? Ik heb witte vlekken in mijn vacht.

Zolang er maar een beetje rood aanzit, vallen ze bij mij in de categorie rode katten m/v. Jij dus ook!

O gelukkig. Want ik voel me van binnen helemaal rood.  Ik vind u een echt poezevrouwtje ook vanwege uw boek over rode katers. Hoe is dat gekomen?

Vier katten hebben mijn leven verrijkt: Dikkie en Tijgie, twee grijs cyperse broertjes, Pepe,  een grijs cypers vrouwtje en Ziggy, mijn rode kater. Ziggy was de inspiratiebron voor mijn boek. Ze zijn helaas  allemaal overleden, Ziggy was mijn laatste kat. Helaas is mijn geliefde Edwin allergisch voor katten dus ik moet het nu doen met de katten van de buren. Ook erg leuk!

Dat heeft u tenminste toch katten in uw leven. Dat is goed. Ik wil wat vragen over Ziggy. Wat is het fijnste dat u samen heeft meegemaakt?

Ziggy was er altijd voor mij, altijd in mijn buurt. Zijn onvoorwaardelijke liefde was bijzonder. Als ik ziek was of heel erg hoofdpijn had, kwam hij me altijd ’troosten’ en ging hij naast mijn kussen liggen. Zijn gespin zo vlakbij mijn hoofd zorgde er altijd voor dat ik me een stuk beter voelde. Ziggy was meester in het kopjes geven. Soms keihard, maar altijd met liefde. Ziggy wachtte me altijd op. Dan zat hij op de trap tussen de spijlen heen en weer te wiegen, zo lief. Die ene keer dat hij er niet was toen ik thuiskwam, wist ik meteen: er klopt iets niet. Dat bleek ook zo te zijn: hij zat vast in de kruipruimte bij de buren. Gelukkig konden we hem na een dag bevrijden. Gelukkig wat het niet zo’n avonturier. Elke dag met Ziggy was fijn, ook al gebeurde er die dag niet zo veel bijzonders.

Dat snap ik!! U heeft een boek over rode katers gemaakt. Het heet Van keizer tot kroeltroel. Ik sta er niet in want toen kende u mij nog niet.  Is het boek gewoon te koop?

Jazeker, het boek Van keizer tot kroeltroel is te koop via mijn website en Bol.com. Het zijn 147 verhalen over rode katten met foto’s. Ook lees je meer over beroemde rode katten, rode katten met een baan en de achtergrond waarom katten rood zijn.  En dat er rode katers én poezen zijn. Het boek is full colour, 128 pagina’s dik en kost maar €14,50.

Ik sta in ook in een boek!! Maar daar gaat het nou niet over. Hier komt mijn laatste vraag. Als u een kat zou zijn, hoe zou u dan zijn?

Ik heb altijd gezegd: in mijn volgende leven wil ik als kat terugkomen met mezelf als vrouwtje. Qua karakter lijk ik op een kat: beetje eigenwijs, ga het liefst mijn eigen gang, laat me graag bedienen en heb een beetje moeite met autoriteit.  Maar ik kan ook heel lief zijn.  Als ik er zin in heb… Het maakt mij niet zoveel uit hoe ik eruit zie, ik vind alle katten mooi. Maar een rode kat zoals Ziggy, met veel haar en zo’n mooie pluimstaart, dat lijkt me wel wat. En dan de hele dag een beetje slapen en mooi liggen wezen, heerlijk. Natuurlijk ook af en toe naar buiten, op daken zitten en in bomen klimmen. Vogeltjes plagen, maar niet opeten, want ik ben een vega-kat 🙂

Praat-aaien (blog)

Als u mij ziet, dan begrijpt u meteen dat ik een knuffelkater ben. Een dikke wollige vacht, wolkenzacht ook nog en thuis hoor ik niks anders dan dat ik er aaibaar uitzie. Maar dat is mijn buitenkant. Hoe het van binnen zit, dat is een ander verhaal.

Toen ik hier pas woonde, wilde ik vaak geaaid worden. Dat was voor de geruststelling, zodat ik me veilig voelde bij al dat nieuwe. Lang aaien doen we nog, hoor. Nu alleen voor het fijn. Heerlijk vooral ’s avonds en lekker zacht, van even achter mijn oortjes friemelen tot strelingen vanaf mijn kop tot aan mijn staart, en soms een klein beetje over mijn voorpootjes. En dan even met een vinger langzaam onder mijn kin tot op mijn borsthaar en weer terug. Zo kom ik goed in slaap. Tegenwoordig doen we ook iets anders.

Het gaat zo. Ik lig op mijn kussen op de bank. Mijn vrouw zit voor de bank op het tapijt, dicht bij me. En dan knijpen we steeds onze ogen dicht als we naar elkaar kijken. Het is zo fijn dat ik dan eigenlijk geen hand op mijn vacht meer erbij hoef.

Kijken en een beetje praten en fluisteren is genoeg, ik kan gewoon wel aan de gang blijven met spinnen, zelfs met dat diepe ronken. Mijn vrouw zei, dat dit nu praat-aaien was. Ik wist niet eens dat het bestond. Eerst dacht ik, dat ik niet goed in mijn kop was. Waarom zou je immers spinnen als er helemaal niks gebeurt? Soms zegt mijn vrouw niks en dan spin ik toch. Of juist.

We doen nou bijna elke dag aan praat-aaien. Als mijn vrouw eindelijk terug is van het boodschappen doen, komt ze met haar jas aan meteen naar de huiskamer, want daar sta ik dan te miauwen van “schiet op, schiet op.” En dat doet ze. We gaan dan op het tapijt liggen, tegenover elkaar, om te praat-aaien.

Eerlijk is eerlijk, ik vind het nog steeds een beetje gek, maar het is te fijn om het te laten. Je hebt dus gewoon aaien en praat-aaien. Misschien bestaat er wel meer, daar heb ik nog geen idee van!! Sinds ik hier ben, ontdek ik allerlei dingen die ik helemaal niet kende. En ik hoop dat u ook praat-aaien heeft of iets anders dat even fijn is. Anders moet u maar denken: Bertje wist ook niet hoe fijn het leven kon zijn, en die is gelukkig dus ik kan het ook worden.

Dit blog verscheen eerder bij de <a href=”http://www.kattenzorg-denhaag.nl/index.php/bertje”>Vereniging Kattenzorg.</a>

&nbsp;